Onderzoek: baby's herkennen gezichten zeer snel

THINKSTOCK
Baby's van 4 tot 6 maanden zijn zeer snel in staat de afbeelding van gezichten te onderscheiden van visuele voorwerpen als dieren, voorwerpen of planten die in natuurlijke scènes worden voorgesteld. Dat blijkt uit een studie van twee onderzoekers van de UCL die is gepubliceerd in het wetenschappelijk tijdschrift eLife.

De onderzoekers Adélaïde de Heering en Bruno Rossion registreerden de hersenactiviteit van 15 en nadien tientallen baby's met behulp van 32 EEG-captoren. Zes afbeeldingen van visuele voorwerpen werden per seconde voorgesteld, of 120 beelden in sequenties van 20 seconden. Het was bekend dat heel jonge kinderen in staat waren gezichten in beeldreeksen te onderscheiden, maar bij voorgaande tests beschikten ze over meerdere seconden om die gezichten op te nemen.

In de nieuwe studie verschijnt een gezicht onder erg verschillende vormen (leeftijd, expressie, etnische oorsprong, enzovoort) om de vijf beelden, wat aanleiding geeft tot twee belangstellingsfrequenties: 6 hertz (zoals voor alle andere afbeeldingen van visuele objecten) en van 1,2 hertz (een specifieke respons op beelden die een aangezicht vertonen).

De respons van 1,2 hertz op gezichten werd vastgesteld bij baby's van 4 tot 6 maanden op het niveau van de rechter hersenhelft, de hemisfeer die bij volwassenen is gespecialiseerd in het herkennen van gezichten. Bij baby's kunnen in deze fase de betrokken gebieden niet precies bepaald worden. "Bovendien bestaat er een graad van variabiliteit tussen twee hersenen", preciseert Bruno Rossion.

De studie van de twee UCL-onderzoekers lijkt de theorie te ondersteunen dat beide hersenhelften betrokken zijn bij de herkenning van gezichten tot het begin van het leren lezen. Volgens deze theorie wordt de specialisering om gezichten te herkennen, door het lezen van letters en woorden, van de linker naar de rechter hersenhelft 'verjaagd'. "De specialisering van de rechter hersenhelft in het herkennen van gezichten is aanwezig amper enkele maanden na het beleven van de visuele wereld", besluiten Adélaïde de Heering en Bruno Rossion.