Aantal Vlaamse tienermoeders blijft stabiel

UNKNOWN
In 2009 kregen in Vlaanderen 1.309 meisjes onder de 20 jaar één of meer kinderen. Twaalf moeders waren jonger dan 15 jaar, een kleine 300 waren minderjarig. Per 1.000 meisjes tussen 15 en 20 jaar werden er iets meer dan 7 moeder. Dat maakt de Universiteit Antwerpen zopas bekend.

Deze cijfers lopen sterk gelijk met die van 2008. Enkel de tweede of derde geboortes lijken de laatste jaren te stijgen. Volgens onderzoekster Marjolijn De Wilde is de kans groot dat het Vlaamse bevallingscijfer voor 15 tot en met 19-jarigen de komende jaren rond de 0,7 procent blijft schommelen. Daarmee blijft Vlaanderen sterk onder het Europese gemiddelde dat rond 1,5 procent schommelt. Enkel in Cyprus, Nederland, Slovenië en Zwitserland ligt het cijfer lager dan bij ons. 

Tweede kind
Het enige cijfer waarop volgens De Wilde wel enige evolutie zit, is het pariteitscijfer. In 2008 en 2009 kregen in Vlaanderen en het UZBrussel meer dan 13 procent van de tienermoeders een tweede of derde kind voor hun twintigste. Dat percentage lag de afgelopen 13 jaar nooit zo hoog. Meisjes die al een kind hebben, gaan na hun eerste bevalling  opnieuw nonchalant om met anticonceptie of willen snel een broertje of zusje voor hun eerste kind.

Preventie

Volgens de onderzoekers bestaat er in Vlaanderen - in tegenstelling tot in het buitenland - nog geen specifiek preventiemateriaal om ongeplande zwangerschappen na een eerste geboorte te voorkomen. (belga/lvl)