Exclusief voor abonnees

Wie burn-out had, krijgt minder kansen op een nieuwe job. Nochtans is de baas mee verantwoordelijk, zegt expert

Getty Images/iStockphoto
Een burn-out kan iedereen overkomen. En toch blijkt uit een nieuwe studie van UGent dat werkgevers niet staan te springen om een ex-patiënt aan te nemen. “Ze kunnen niet tegen stress en zijn weer sneller ziek”, klinkt het. Professor arbeidsgeneeskunde Lode Godderis (KU Leuven) ontkracht die vooroordelen, bekijkt de invloed van corona op onze energiebatterij en somt alle feiten over de burn-out op. 

De opzet van de studie was simpel: 425 Vlaamse recruiters moesten 1.700 cv’s van fictieve jobkandidaten beoordelen. Al deze kandidaten zaten zogezegd al een tijdje zonder werk, om verschillende redenen. De een had een burn-out, iemand anders had een fysiek probleem of het ging gewoon om een geval van klassieke werkloosheid. 

Wat bleek: de mensen met een burn-outgeschiedenis maakten het minste kans om uitgenodigd te worden voor een sollicitatiegesprek. Een mogelijke oorzaak? Blijkbaar hangen er nog hardnekkige vooroordelen vast aan de burn-out. “Recruiters verwachten dat ze minder stressbestendig zijn”, reageert professor Stijn Baert van UGent. “Daarnaast wordt gevreesd dat ze minder autonoom kunnen werken, lastiger zijn om aan te sturen én sneller zullen uitvallen wegens ziekte." 

Baas speelt zélf grote rol

Onterecht, natuurlijk. Dat zegt ook Lode Godderis, ­hoogleraar aan het centrum Omgeving en ­Gezondheid van de KU Leuven en ­directeur onderzoek bij IDEWE. Hij benadrukt nog eens dat een té hoge werkdruk de grote boosdoener is. Al speelt de persoonlijkheid ook een rol. Mensen die hoog scoren op vlak van ‘neuroticisme’ en geneigd zijn om wat negatiever te staan ten opzichte van verandering of het leven in het algemeen, zouden een hoger risico lopen op een burn-out. Ook bij perfectionisten zou de kans om opgebrand te raken hoger liggen”, zo vertelde hij eerder al aan Goed Gevoel. 

“Ik pleit er echter voor om vooral de interactie tussen de persoonlijkheid en werkomgeving onder de loep te nemen. Zo bewijzen studies dat een hoge mate van autonomie beschermend werkt voor de perfectionist: als hij ‘nee’ mag en kan zeggen tegen een te hoge workload, blijft hij in staat om naar zijn eigen hoge normen te functioneren.”

Relaties op de werkvloer hebben een bijzonder grote impact. Loopt het daar mank? Dan ontstaan er conflicten, die aan ons vreten

Lode Godderis, ­hoogleraar aan het centrum Omgeving en ­Gezondheid van de KU Leuven en ­directeur onderzoek bij IDEWE

Met andere woorden: werkgevers zouden dus beter ook in de spiegel kijken. “Relaties op de werkvloer hebben een bijzonder grote impact”, bevestigt de professor nog eens. “Loopt het daar mank, dan ontstaan er conflicten – of in een extreem geval pesterijen – die aan ons vreten en onze energie doen wegsijpelen. Ook dat is een vorm van belasting, en dus een risicofactor voor burn-out.”

Om alle misverstanden uit de wereld te helpen, geeft Godderis een antwoord op de belangrijkste vragen over burn-outs. 

Hoe onderscheid je een burn-out van een dipje of een depressie?

Prof. Godderis: “Burn-out en depressie worden vaak samen in de mond genomen. Ze zijn dan ook moeilijk van elkaar te onderscheiden, omdat het beide langdurige mentale problemen zijn. Toch is de oorzaak anders. Een burn-out is een energiestoornis: door langdurige overspanning op de werkvloer loopt de batterij leeg. Een depressie is een stemmingsstoornis: er is geen levenslust meer, waardoor alle aspecten van het leven eronder ­lijden. Omdat het verschil moeilijk aan te tonen is aan de hand van symptomen, zijn een goede bevraging van de patiënt en de juiste technieken om een diagnose te stellen heel belangrijk. Als een burn-out met een depressie wordt verward, krijgt de patiënt vaak antidepressiva. Terwijl die juist averechts werken bij iemand die opgebrand is. Dan is het vooral een kwestie van weer opgeladen te raken.”

Is burn-out zichtbaar in ons bloed?

Lode Godderis en zijn team proberen momenteel de ‘biomarkers’ te identificeren. Dat zijn de alarmsignalen in het speeksel en bloed die een burn-out voorspellen . “We brengen alle biomarkers in kaart die gelinkt kunnen worden met afwijkingen in de gemoedstoestand en met energiestoornissen, uitputting en stress. Door die factoren onder de loep te nemen, proberen we de impact van burn-out en depressie op ons lichaam te identificeren.”

De eerste resultaten zijn intussen bekend. “Bij burn-out en aanhoudende stress gaan bepaalde stoffen zich op ons DNA hechten, waardoor ze bepaalde genen, die een belangrijke rol spelen in het regelen van onze stress, ‘uitzetten.’ Dat proces heet ‘methylatie’. Als ­eerste hebben we ingezoomd op BDNF of brain-derived ­neurotrophic factor, een soort van onderhoudseiwit dat onze ­hersenen fit houdt. Het helpt bij de aanmaak van nieuwe ­verbindingen in de hersenen en speelt een belangrijke rol in het geheugen en bij het opnemen van nieuwe ­informatie. Bij mensen met een burn-out zien we een hoger ­methylatieniveau: het gen dat het onderhoudseiwit in onze hersenen aanmaakt, wordt dus afgeremd.”

Zal de coronacrisis voor een stijging aan burn-outs ­zorgen? En doet telewerk het risico op burn-out stijgen, of juist dalen?

Prof. Godderis: “Door het vele telewerken moeten we de manier waarop we werk en privé gescheiden houden plots grondig herzien, en dat heeft een impact op onze stress. Het kan twee richtingen uit. De filestress is weg, net als je collega’s en je normale werkomgeving. Dat zorgt voor een bepaalde afstand, die een zekere rust kan brengen. Of je ervaart net meer stress nu: kinderen die je om de haverklap storen, je laptop die in de leefruimte staat waardoor je voortdurend herinnerd wordt aan je werk,... Die spanning kan ervoor zorgen dat we minder verdragen en dat emoties sneller de bovenhand nemen. Maar dan nog zal thuiswerk an sich nooit aan de basis liggen van een burn-out.”

“Wat niet wegneemt dat de stoorzenders in een thuiswerksituatie allerminst aangenaam zijn. Duidelijke afspraken met de gezinsleden kunnen die stress verminderen. Je doet er goed aan om de drie hoeken van de driehoek duidelijk af te bakenen: voorzie in je dagplanning zowel werk-, gezins- als me-timemomenten. Op die manier creëer je voorspelbaarheid en controle, wat de huidige onzekerheid toch wat countert. En het beperkt gênante momenten tijdens conferencecalls tot een minimum. (lacht) Ook in een werkrelatie is het raadzaam om de verwachtingen naar elkaar toe te verduidelijken, zeker als telewerk een nieuw gegeven is voor jezelf en het ­bedrijf. Duidelijkheid helpt je om je job naar behoren uit te voeren en beperkt de ergernis aan beide zijden.”

Hoe kan je een burn-out behandelen?

Prof. Godderis: “Het is een energiestoornis: het vat is leeg en moet weer bijgetankt worden. De eerste vraag is dan ook: ‘Wat geeft je energie?’ Vaak zie je dat dat een combinatie is van leuke activiteiten en het geleidelijk aan herintroduceren van beweging. Met fysieke activiteit stel je de ­ontregelde stressthermostaat weer juist af, al is het eveneens belangrijk om rust te leren nemen. Als het energieniveau weer wat opgekrikt is – meestal gaan daar een drietal weken overheen – dan is het tijd om de balans op te maken: waar is het fout gelopen, en hoe kan je hierop anticiperen in de toekomst? En ten slotte ga je jouw leven en werk aanpassen op basis van die inzichten. Bij de meeste mensen blijkt deze aanpak goed te werken.”

Lees ook: 

Sportpsychologe over burn-out: “Mensen denken dat je thuis moet zitten, maar dat is zó fout” (+)

Coronacrisis brengt storm aan slaapproblemen, angstklachten en burn-outs met zich mee: deze tips helpen je door deze moeilijke periode (+)

Baas speelt cruciale rol bij ontstaan van burn-out: “Het is echt geen eufemisme voor luiheid” (+)




2 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Karla Desmet

    Wie een burn-out heeft en terugkeert naar dezelfde werkgever, weet dat erover gepraat zal (blijven) worden. Wie op zoek gaat naar ander werk na (tijdens) een burn-out, zwijgt daar liever over bij de potentiële nieuwe werkgever. Dat is simpel maar effectief.

  • jan janssens

    hier bij ons op het werk ook zo één die een brunout heeft , al 3 jaar , noghtans op haar facebook ziet ze er gezond uit en elke dag wel iets anders te doen, op vacantie gaan, weekendje weg etc en wij hier haar werk maar doen en die comedie verkopen