10 meldingen van fysieke kindermishandeling per dag: dit zijn de alarmsignalen

Getty Images/iStockphoto
De politie heeft vorig jaar 3.520 meldingen van fysieke kindermishandeling binnen gezinnen gekregen en ook de meldingen van psychische mishandeling pieken. Waarschijnlijk liggen de werkelijke aantallen nog hoger. Maar hoe herken je kindermishandeling nu als omgeving? En waar meld je het? Wij vroegen het aan Jan Geeroms van het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling en Laura Boeykens van het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW).

“Vaak is het voor de buitenwereld erg moeilijk om vast te stellen of een kind slachtoffer is geworden van mishandeling”, steekt Geeroms van wal. “Als je als omgeving, leerkracht, familie of vrienden onverklaarbare letsels zoals een blauw oog en blauwe billen ziet én het kind vertelt ook dat het thuis mishandeld wordt, dan kan je de kindermishandeling duidelijk vaststellen. Maar bij andere alarmsignalen is het vaak veel moeilijker om de diagnose te stellen.”

Dat bevestigt ook Laura Boeykens van het CAW. “Een kind dat plots extreem verandert qua gedrag, gedrag aanneemt dat niet strookt met zijn leeftijd zoals opnieuw duimzuigen of in de broek plassen, een ander idee heeft van wat aanvaardbaar gedrag is, bijvoorbeeld agressief gedrag stellen en denken dat dat de norm is, een kind dat zich in zichzelf keert, isoleert etc.; het zijn allemaal alarmsignalen die op kindermishandeling kunnen wijzen, maar ze kunnen evengoed een andere oorzaak hebben.”

Geeroms wijst er dan ook op dat er voorzichtig moet mee omgesprongen worden. “Er zijn weinig signalen die onomstotelijk leiden tot de diagnose van kindermishandeling. Al is het als omgeving wel belangrijk om er aandacht voor te hebben, want hoe vroeger kindermishandeling voorkomen of gestopt wordt, hoe minder schade kinderen oplopen en hoe meer kansen op herstel er in het gezin zijn. En als familie, vrienden of kennissen heb je veel meer inkijk in de beslotenheid van het gezin dan wij als hulpverleners. Zo verhogen bijvoorbeeld alcohol- of druggebruik bij de moeder of vader, psychische problemen bij een van de ouders en een echtscheiding het risico op kindermishandeling. Dat zijn ook dingen waar de omgeving vaak meer zicht op heeft.”

Verbrokkeld zelfbeeld

Psychisch geweld is bovendien vaak nog moeilijker te herkennen als omgeving. “Bij psychisch geweld krijgt een kind of jongere voortdurend verwijten of denigrerende opmerkingen naar zijn hoofd geslingerd, wat erge gevolgen kan hebben voor het kind. Het zelfbeeld verbrokkelt, het kind denkt dat het niets kan, durft vaak niet voor zichzelf op te komen omdat het denkt dat niemand hem gaat geloven of dat het zijn fout is waardoor het voor de buitenwereld erg moeilijk is om erachter te komen. Ook hier kan je proberen te kijken naar het gedrag van zowel de ouders als het kind. Verwijten zij ook snel andere mensen? Schieten ze snel in de verdediging?” Al wijst Geeroms er ook op dat die gezinnen vaak net weinig contact hebben met hun omgeving. “Veel van de ouders die bij ons aangemeld worden, hebben weinig contact met familie of vrienden waardoor het nog moeilijker wordt om inkijk te krijgen in het gezin of als omgeving steun te bieden aan het kind.” Want die steun is volgens hem enorm belangrijk. “We merken bij gezinnen die het moeilijk hebben en steun vinden bij hun omgeving, dat de situatie zich vaak verbetert of grotere problemen voorkomen kunnen worden. De omgeving heeft dus een heel beschermende factor, en zeker kinderen kunnen enorm veel hebben aan de steun van een familielid, leerkracht of vriend.”

Stel dat je een vermoeden hebt van kindermishandeling, dan kan je volgens Geeroms het best eerst contact opnemen met 1712, de hulplijn bij vragen over elke vorm van geweld of misbruik. “Bij 1712 gaan ze vragen naar de situatie en proberen in te schatten welke stappen er het best ondernomen worden. Zo kunnen zij de situatie melden aan het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling, het Centrum Algemeen Welzijnswerk (CAW), het Centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) etc. Maar in sommige situaties is het zinvoller dat de melder eerst praat met het gezin, het kind of de huisarts. Dat is vaak al een signaal voor de ouders zelf om naar hulpverlening op zoek te gaan. Bij 1712, het eerste meldpunt dus, kan dit besproken worden. Zij zullen ook bespreken of de politie ingeschakeld moet worden of niet.”




3 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Sandra Peeters

    Beste Gerd ,waarheid als een koe. Hoe vaak ik letterlijk hulp heb gevraagd. Maar de meesten hebben gewoon bang dat het hun perfecte leventje overhoop gooit. Nee, ze trappen je nog liever wat na. En in de mallemolen wil je al helemaal niet belanden. Al die sociaal werkers, zit er amper iemand tussen dat echt iets om kinderen geeft en je krijgt direct voor de toekomst een stempel dat er iets met je scheelt terwijl het probleem nochtans bij je ouders zit. Maar niemand spreekt hen op hun gedrag aan.

  • MYRTHE PASS

    Een emotioneel en/of fysisch mishandeld kind durft het niet te zeggen, omdat de ouder al gezegd heeft dat er dan iets zou volgen. Het ligt aan de school om aan de lichaamshouding van het mishandeld kind iets op te merken. Maar 40 jaar geleden had men hiervoor geen oog.

  • Gerd Van nieuwenhove

    Kop int zand door vriend, familielid of/en leerkracht ... Vandaag ben ik 75 jaar en voelnog steeds de slagen, de vernederingen en straffen uit mijn jeugd ! Waar kan ik terecht ?