Exclusief voor abonnees

“Een grappige man is sexy, een grappige vrouw schrikt af”, Rik Verheye en Joke Emmers over humor nu in NINA

Guy Kokken
Bestaat er zoiets als mannenhumor? Is een grappige vrouw aantrekkelijk? En mag er gelachen worden tussen de lakens? Rik Verheye (33) en Joke Emmers (30) – binnenkort samen in Influencers – weten er alles van. Want humor is hun leven. En dat is geen grap.

Afspraak met Rik Verheye en Joke Emmers in een Antwerps eethuisje. Beide acteurs zijn vanaf zondag 8 maart te zien in Influencers op VIER. Het komische sketchprogramma – het eerste van tv-maker Bart De Pauw sinds lange tijd – steekt de draak met mensen die zich op sociale media profileren als trendsetters. Rik en Joke kruipen er in de huid van verschillende personages – hoe meer kostuums en pruiken, hoe liever. Ook op onze fotoshoot trekken ze maar wat graag elkaars kleren aan. Maar eerst zetten ze boven een croque-monsieur en een toast met hummus hun tanden in een onderwerp dat hen o zo smakelijk verbindt: humor.

Influencers is het eerste programma van Bart De Pauw na de hele MeToo-heisa. Houdt dat jullie nog bezig?

Joke: “Bám. (slaat op tafel) De eerste vraag.”

Rik: “Uiteraard houdt mij dat bezig. Ik vind het alleen maar positief dat er een grotere bewustwording is rond zulke thema’s nu. Maar wie ben ik om over specifieke dossiers te oordelen? Laten we dat niet beter over aan de bevoegde instanties?”

Verdorie. Dit moest een grappig interview worden.

Rik: “(lacht) Kijk, de naam Bart De Pauw wordt er uiteraard nu uitgepikt. Maar hij heeft Influencers niet alleen gemaakt, hè. Er hebben meerdere regisseurs, scenaristen en acteurs aan meegewerkt.”

Joke: “Ik ben het met je eens, Rik. En Influencers is inderdaad de verdienste van een hele groep getalenteerde mensen.”

Rik: “Zelf wilde ik al heel lang meedoen in een sketchprogramma. Ik voelde me als een kind in een speelgoedwinkel. Je komt aan op de set, zet een gekke pruik op, trekt een kostuum aan en transformeert in je personage. De ene keer als vloggende bomma, de volgende keer als het lief van Joke. Zalig.”

Rik, jij hebt 70.000 volgers op Instagram, Joke jij 12.000. Om zelf ooit te influencen moet dat aantal nog een tikje naar omhoog.

Joke: “12.000 maar? Werk aan de winkel! Ach, ik vind dat influencen vooral een vreemd fenomeen. Dat het zelfs een job kan zijn? Ongelooflijk. Celeste Barber (Australische die op hilarische wijze Instagramfoto’s van sterren imiteert, red.) steekt daar op haar manier de draak mee, dat vind ik tof.”

Rik: “Onderweg naar hier was ik aan het denken: wat moet ik in feite zeggen, over influencen? Want ik kan daar vooral geweldig op afgeven. Ik kijk alleen naar Instagram als ik op de wc zit en het lukt niet direct én ik heb al het voetbalnieuws al gelezen. Het is een prima laxeermiddel. (lacht) Ik zie mensen met 2.000 volgers de vraag stellen ‘Wanna collab?’. Waarom wil een merk zich überhaupt koppelen aan mensen? Online is iedereen plots recensent. Of chef-kok. Of fotograaf, nu ze met portretmodus op de iPhone nog betere beelden kunnen maken van hun eten. Voor wie doen ze dat? Waarom? Maar eigenlijk moet ik dankbaar zijn: het is heerlijk voer om te parodiëren.”

Guy Kokken

Wat maakt van iemand een humoristisch acteur?

Joke: “Eigenlijk was ik dat tot voor kort niet. Ik speelde in Den elfde van den elfde’: drama. In Beau Séjour: drama. Mijn rol in Callboys was een beetje grappig, maar vooral dankzij het geniale scenario. Maar sinds ik in 2017 meedeed aan De Slimste Mens ter Wereld, word ik gevraagd om in panels te zitten: gewoon om grappig te doen.”

Rik: “Je hebt een goede visage comique. Een hele komische uitstraling.”

Joke: “Merci, Rik. Jij bent ook heel aimabel en zo.”

Rik: “Wij zijn vooral volkse mensen, denk ik. Op matchen van mijn favoriete voetbalploeg Club Brugge lopen er 25.000 mensen rond, die me een voor een Riksjeuh noemen. In het begin ergerde ik me daaraan. Waarom zeggen die Riksjeuh? Dat is zo betuttelend. Alsof ik zo’n kleine pagadder ben. Maar nu vind ik dat eigenlijk alleen maar plezant. Totaal onbekenden spreken me aan alsof ze me al jaren kennen, omdat ze weten dat ik niet hautain ben. Jij ook niet, Joke.”

Joke: “Nee, gij! (lachje)”

Rik: “Mmm. Dat vind ik nu wel weer een hautain lachje.”

Goede comedy op tv is moeilijk: waar de ene mee lacht, zapt de andere voor weg.

Rik: “Ik vind goede comedy – los van sketches – altijd tragikomisch. In elk boek over scenarioschrijven staat bij comedy de stelregel: think drama. Schrijf het als een dramareeks, en als je het komisch wil benaderen, komt dat vanzelf. Jay Vleugels uit Callboys is een grappig personage, maar hij is tegelijk zo tragisch en aandoenlijk. Al die kleinmenselijke kantjes? Dat vind ik interessant om te vertellen. Ook in de reeks die ik zelf aan het maken ben, trouwens (Nonkels, red.).”

Joke: “Voel je dan geen druk, Rik? Zelf iets maken en het aan een groot publiek tonen lijkt mij heel spannend. Hoe kan je peilen of het zal werken voor één miljoen kijkers?”

Rik: “Ik zie het als een enorme uitdaging. Maar het is een gedeelde verantwoordelijkheid, hoor. Ik maak het samen met Jelle De Beule en Koen De Poorter – twee mannen van Neveneffecten, en niet van de minsten. Het is ónze humor. En hopelijk slaat die aan.”

Guy Kokken

Kan een vrouw, in jullie vak, grappig zijn?

Rik: “Nee, eigenlijk niet. Volgende vraag? (lachje)”

Joke: “Er wordt vaak gezegd dat vrouwen niet even grappig kunnen zijn als mannen. In stand-upcomedy worden ze al snel neergezet als ‘het zal weer over kinderen of seks gaan’, maar dat is helemaal niet zo. Neem Serine Ayari, een Arabische comedian uit Vilvoorde. Zij maakt harde mopjes over religie. Maar mensen vinden dat ‘niet passen’ bij een vrouw.”

Rik: “Ik besef dat mijn favoriete comedyreeksen toch voornamelijk mannen in de hoofdrol hebben. Misschien omdat ik zelf acteur ben en me sneller spiegel aan een komische acteur dan aan een komische actrice? Of omdat ik hou van die typische mannenhumor. Ken je de ‘Lullo’s’ van Jiskefet? Dat zijn drie Nederlandse acteurs die drie kotstudenten spelen. Ze zijn altijd stomdronken en praten van ‘Nou, heb je nog genéúúúkt ...?’. Ik en mijn maten vinden dat hilarisch. Maar vinden vrouwen dat ook?”

Joke: “Natuurlijk wel. Je moet ons niet onderschatten. Ik zie daar totaal geen onderscheid in. Ik ben fan van Lena Dunham, die de Amerikaanse reeks Girls schreef. Maar dat had evengoed door een man geschreven kunnen zijn.”

Rik: “Klopt. Ook het Britse Fleabag is geniaal en door een vrouw gemaakt. Oké, oké dan. Ik geef het toe. Vrouwen kunnen grappig zijn. (grijnst)”

Is humor een rode draad in jullie dagelijkse leven?

Joke: “Ik denk dat ik veel oplos met humor. Een tijd terug moesten we ons nieuwe theatergezelschap Woodman gaan voorstellen op het kabinet van minister Sven Gatz, bijvoorbeeld. Toch wat ongemakkelijk, zo’n visite. Om het ijs te breken maakte ik een grapje. Het neemt alle stress weg.”

Rik: “Humor is alles. Het is dé manier om met de ondraaglijkheid van het leven om te gaan. Ik heb veel meegemaakt vroeger – mijn vader is gestorven toen ik zeven was (Riks vader overleed aan de gevolgen van een alcoholverslaving, red.) – en voor mij was humor de reddingsboei. Een overlevingsmechanisme. Een manier om het aan te kunnen. Het heeft me gemaakt tot wie ik ben. Ik ben een soort levenskunstenaar geworden. Ik ben nog altijd iemand die – als ik heel slecht nieuws hoor – onmiddellijk in een slappe lach schiet.”

Guy Kokken

De lach en de traan liggen dicht bij elkaar.

Rik: “(knikt) In de lach schieten is de méést logische reactie die er is. Een mens kan sommige dingen niet aan, hè. Omdat het te heftig is. Dat maakt dat je van een lachende ‘Hahaha, dat meen je niet’ vertrekt, zo overgaat in blèten, en dan weer moet lachen. Er zijn mensen die dat wellicht niet verstaan. Maar wie geen humor heeft, hoef ik niet in mijn leven te hebben.”

Joke: “Ik hoorde ooit een verhaal over een man die kanker had. Die had zich een maand afgezonderd met allerlei comedy en heeft alléén maar gelachen. Hij is daarna genezen verklaard. Ik vind dat verhaal zo mooi dat ik niet opgezocht heb of het al dan niet klopt. Dat doet er niet toe. Ik speel nu een voorstelling over geluk (2020 - Lubricant for life, red.) en het is wetenschappelijk bewezen: zelfs al ben je doodongelukkig, als je je mondhoeken omhoogduwt, gaan de spieren in je hoofd zich aanpassen en maken ze gelukshormonen vrij.”

Is humor aantrekkelijk?

Joke: “Absoluut. Een man met humor? Hallo! Ik val in zwijm. Dan maakt het zelfs niet uit hoe hij eruitziet. Zodra iemand grappig is, ben ik verkocht.”

Rik: “Ik vind dat ook heel aantrekkelijk. Of zeg ik dat nu gewoon omdat ik denk dat humor een van míjn grootste
troeven is?”

Joke: “Vind je vrouwen extra aantrekkelijk als ze grappig zijn, Rik?”

Rik: “Zeker en vast. Ik vind het heel leuk als een vrouw ad rem is. Iemand die me snel op mijn woorden kan terugpakken? Dat is uitdagend. Teasing. Humor is mijn manier van door het leven gaan, ik heb dat nodig. Als ik in de eerste twee minuten al voel ‘oei, die kan niet méé?’, dan weet ik: vergeet het. Humor is ook een vorm van intelligentie.”

Joke: “En is een grappige vrouw soms intimiderend?”

Rik: “Intimiderend zeker niet. Maar als het een soort opgeplakte pose is – ‘Ik ben een sterke vrouw, ik ga hier eens wat arrogant doen’ – of als het too obvious is dat ze haar best doet om scherp uit de hoek te komen, is het naar mijn gevoel vermoeiend. Humor kan heel vermoeiend zijn. Ik denk dat mensen dat ook weleens over mij zeggen.”

Joke: “Ik hoor vaak dat mannen terugdeinzen omdat ik zo mondig ben. Ik vind dat toch gek: als een vrouw een grappige man ontmoet, denkt ze: oh, die wil ik. Maar een grappige vrouw schrikt mannen blijkbaar af. (haalt de schouders op) Of misschien is dat omdat ik zo luid ben?”

Rik: “Toen ik jou nog niet kende – we zaten op dezelfde school maar in een ander jaar – dacht ik: ah ja, dat is die met haar luide lach. Sinds ik je ken, denk ik: dat is iemand die je onmogelijk niet tof kan vinden.”

Guy Kokken

Hoe belangrijk is humor in een relatie?

Rik: “Humor is the key. Ik kan bijvoorbeeld fel ruziemaken thuis: ik roep graag, ik vind het zalig om te ontploffen als een vulkaan, en dan direct terug te schakelen en keihard te lachen van ‘Sorry, wat ben ik hier aan het doen?’. Ik heb zoveel kantjes, ik ben gekarteld – als een ruwe diamant – en ik ben daar fier op. Ik vind: een mens is gepermitteerd om fouten te maken of verkeerd te reageren. Ik lach ook met mezelf. Met mijn onbeholpenheid. Mijn getaffel ook. Je moet luidop tegen jezelf en elkaar kunnen zeggen: kom op, cut the crap.”

Joke: “(knikt) Ik denk dat ik me net als Rik graag laat omringen door mensen met een enorm zelfrelativeringsvermogen. Die iets doms kunnen zeggen, maar dat meteen ook toegeven. In een relatie is dat net zo.”

Rik: “Iemand die beredeneerd is en zich constant bewust is van alles, dat is toch pokkensaai? Nee, jong, wees gewoon jezelf. En dat awkward moment van ‘Shit, ik heb iets gezegd dat ik beter niet had gezegd’? I love it.”

Zijn mopjes toegestaan in de slaapkamer? Er is een citaat dat zegt: humor is de vijand van de lust.

Joke: “Niet akkoord. Van mij mag er absoluut gelachen worden in bed.”

Rik: “Maar het moet wel een béétje in balans zijn, denk ik?”

Joke: “Je kan inderdaad niet heel de tijd liggen te euh … gibberen.”

Rik: “(imiteert een orgasme al giechelend) Ik heb hier echt een gewéldige visual. Ik zie een sketch voor ogen!”

Joke: “Je wil het toch vooral gezellig hebben, samen? Zolang het aantal mopjes niet de overhand neemt tussen de lakens, is het goed.”

Rik: “Seks – de daad an sich – ís grappig, als je er even bij stilstaat. De geluidjes die een mens maakt alleen al. Ik ging onlangs naar Theo Maassen (Nederlands cabaretier, red.) kijken. Op een bepaald moment zegt hij iets als: ‘De man die ik ben een paar seconden vóór ik klaarkom (roept theatraal ‘Ik ga jou hier helemaal vólspuiten’) en de man die ik ben een paar seconden na het klaarkomen? Die hebben nu eens níks met mekaar te maken.’ Omdat je je achteraf nog zó groot voelt (houdt duim en wijsvinger op twee centimeter van elkaar) – op alle vlak, ja. Elke man in de zaal herkent dat. Dat is grappig, toch?”

Sorry, ik kan nu alleen nog denken aan de geluiden die je maakt.

Rik: “(lacht) Ik ga niet uit eigen bed klappen, maar op de set van Callboys was het zelfs onderdeel van de repetitie. Voor mijn eerste vrijscène met Femke Heijens vroeg Jan Eelen: ‘Zeg, Rikkie, hoe gaat Jay Vleugels kreunen?’ Goede vraag. En dan begin je te zoeken. (kreunend) Hu, hu, hu? Of hoef, hoef, hoef? Waarop Jan dan zei: ‘Nee, jongen, da’s precies nen bouvier.’ Ik heb die scène – dat was trouwens op zijn hondjes – wel tien keer opnieuw moeten doen.”

Het gevaar van de eeuwige grapjurk is dat ie nooit au sérieux genomen wordt. Hebben jullie dat verwijt ooit gekregen?

Joke: “Lachen als je slecht nieuws krijgt, is een coping-mechanisme. Om grip op de dingen te krijgen. Maar ik kan ook serieus zijn. Bij mij is dat nogal in evenwicht.”

Rik: “Ik heb daar een zekere balans in moeten vinden. Zeker in mijn puberteit maakte ik niks anders dan moppen. Ik deed toen jeugdtheater en ik voelde me dus alleen maar bevestigd als ik een type neerzette. Met de Rikkie was het altijd lachen, die reputatie had ik. Maar ik kende mijn grenzen niet. Eén keer, op de kerstmarkt in Knokke, dreef ik het zodanig op de spits dat een groep jongeren me op mijn gezicht wilde kloppen. Ze stonden met acht man rond mij, ik had nog nooit van mijn leven gevochten. Ik heb me toen op de grond gegooid en ik heb een epilepsieaanval gefaket. Ik deed dat zo goed – schuimbekkend en trillend als de betere boormachine – dat die kerels zoiets hadden van: ‘Mo how zekerst. Hier komen we niet aan.’ Met ouder worden ben ik wel gaan beseffen dat mopjes maken niet alles is.”

Guy Kokken

Waar komt jullie gevoel voor humor écht vandaan?

Rik: “De dood van mijn papa was een snelcursus in relativeren. Hoe schraal het ook klinkt, maar mijn carpe-diem- en yolovibe (yolo betekent ‘you only live once’, red.) is daardoor heel fel. Je moet er het beste van maken. Als je eens diep nadenkt – ik doe dat bewust niet al te vaak – wat is het leven au fond? Je wordt op de aardbol gegooid en je gaat dood. Dat is de enige zekerheid die je hebt. Ondertussen moeten we ons een beetje bezighouden. Wel, ik ga er dan vooral een feest van maken. Want een dag niet gelachen is twéé dagen niet geleefd.”

Joke: “Mijn verhaal stelt echt niks voor naast het jouwe ...”

Rik: “(met meisjesstem) Ik ben Joke en ik ben dus ooit eens van mijn fiets gevallen …”

Joke: “(lacht) Nee, bij mij is humor ontstaan in de lagere school. Ik werd gepest. Humor was mijn verdedigingsmechanisme. Pas op, ik ken veel mensen die zwaarder gepest zijn dan ik. Die met zelfmoordgedachten kampten zelfs. Dat was bij mij gelukkig niet zo. Door iets grappig terug te kaatsen wisten die pesters niet meer wat gedaan. En dan stopte het. Ik werd later zelfs de verbinder tussen pestkoppen en slachtoffers. (denkt na) Het was geen leuke periode. Maar het heeft me wel gevormd tot wie ik ben. Humor is een zegen geweest. Ik ben blij dat het in me zit. En ik vind het verschrikkelijk dat er vandaag nog zoveel kinderen én volwassenen gepest worden: waar zijn we mee bezig? Ook op sociale media trouwens, waar pesten anoniem kan.”

Rik: “Gepest worden is ronduit verschrikkelijk, ik heb het nooit zelf meegemaakt. Als Club Bruggesupporter krijg ik soms lelijke berichten van een concurrerende ploeg. Enfin, concurrerend? Dit jaar zijn ze wat minder. (lacht) Zij kunnen er niets aan doen dat hun hersencapaciteit klein is – dat heb je bij elke voetbalploeg – maar het feit dat een mens tijd heeft om in zijn ongetwijfeld zielige leven haatberichten te sturen? Jezus Christus! Ik heb zelf één keer ‘gepseudopest’, vrees ik. Mijn toenmalige liefje had een tand die plots blauw kleurde, omdat er iets mis wat met de zenuw, en ik had haar al grappend ‘Kapitein Blauwtand’ genoemd. Die naam is toen beginnen te ‘leven’, op school en in de vriendenkring, tot haar grote verdriet. Ik heb me toen echt zo’n lul gevoeld, en nog steeds.”

Waar kunnen jullie absoluut niet mee lachen, naast pesten?

Joke: “Verzuring. Bitterheid. Moppen maken op de kap van een ander.”

Rik: “Met marginale analfabeten die hun Vlaamse gevoelens uiten en zeggen dat mensen zich hier moeten aanpassen en Nederlands moeten leren, terwijl ze zelf schrijffouten maken. Alles wat racisme betreft, maakt me intriest. Haat is echt op geen enkele manier grappig.”

Zijn jullie ook al eens slechtgehumeurd?

Joke: “Ik zelden. Ik denk dat ik als kind in een grote plas serotonine gevallen ben. Een beetje Asterix en Obelix, in een bad vol magisch levenselixir. Als ik eens een moeilijke dag heb, draai ik waanzinnig snel de knop om. En pak ik de positieve dingen vast. Ik ben in één week tijd mijn beide grootouders verloren. Natuurlijk is dat heftig, maar al snel na hun overlijden kon ik denken: ik ben verdrietig, ja, maar ze waren oud, toch?”

Rik: “Ik heb vooral last van bepaalde angsten. Om ziek te zijn bijvoorbeeld. Het ligt aan mijn rijke fantasie, maar ik denk bij het minste kwaaltje het ergste. Keelpijn? Dat is al snel keelkanker in mijn hoofd. Tot wanhoop van mijn arme huisdokter, die bleek uitslaat als ze me wéér in de wachtkamer ziet zitten. (lacht) Laatst in het theater voelde ik iets kloppen in mijn been. Vast een gezwel, denk ik dan, terwijl ik ter plekke ga googelen op mijn telefoon. Ik kan dan ongelooflijk dramatiseren. Binnen de anderhalve minuut ben ik bij de dokter geweest, is het weggesneden, ben ik gestorven en op mijn begrafenis geweest. Mét koffietafel en al. Ik heb een periode gekend waarin ik vijf keer per jaar mijn bloed en urine liet testen, omdat ik dacht: er is iets aan de hand. Terwijl ik gewoon wat kleine kwaaltjes had door een drukke agenda. Ik was er ook ooit van overtuigd dat ik aambeien had. De dag dat je in de badkamer boven je iPhonecamera hangt (legt telefoon op de grond en gaat er met gespreide benen over staan, red.) en vervolgens inzoomt? Ik kan daar achteraf zo hartelijk om lachen.”

En ik noteer: geen aambeien?

Rik: “Néé, gelukkig niet. En sorry voor de details. Joke, smaakt je sandwich nog? (lacht) Maar toegegeven: mijn dokter heeft me op een bepaald moment bijna naar een psycholoog gestuurd, wegens mijn gedrag. Sindsdien is het fel verbeterd, hoor. Verder ben ik vooral heel bang om mensen te verliezen die ik graag zie”.

Joke: “Zelf doodgaan is mijn allergrootste angst. Ik wil dat niet. Ik vind het veel te leuk om te leven.”

Rik: “Ik hoop dat er nog iets is. Ik weet dat het stoerder is om in een interview te orakelen dat dood dood is. Over and out. En ik geloof ook niet in een hemel. Maar ik hoop dat het hierna nog een beetje verdergaat. Ergens anders. En elkaar daar weer tegenkomen. Dat zou toch schoon zijn?”

Joke: “Als dat kan? Graag tot dan, Rik.” 




2 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Xander Nagels

    Allemaal goed en wel maar ik wil dat die taboe over aambeien eens stopt!

  • Ivan Smissen

    Geloof me, in het geval van Joke Emmers is het niet de humor die afstoot.