Tweede referendum over brexit? Volgens vermaarde prof zou het zomaar kunnen

getty
De voor Theresa May dramatische verkiezingen van juni, de verdeeldheid binnen de twee grote partijen en de onenigheid in het Britse parlement maken een tweede brexitreferendum in het Verenigd Koninkrijk alsmaar minder denkbeeldig. Dat betoogt professor Vernon Bogdanor van het befaamde King's College London.

Bogdanor is niet de eerste de beste academicus. Over het Kanaal geldt hij als een van de voornaamste constitutionele experts. In juni gaf hij voor Gresham College een voordracht waarop hij zijn huidig opiniestuk in The Guardian baseert.

Theresa May verloor toen haar meerderheid in het Britse parlement. De Tories bleven nog wel groter dan Labour, maar de positie van de Conservatieven is sindsdien serieus verzwakt. En dat is ook geen ideale uitganspositie voor de brexitonderhandelingen tussen het VK en de Europese Unie. Volgens Bogdanor een groot probleem omdat Engeland een vrijhandelsakkoord zal willen nastreven in het kader van een "harde" brexit: "Als je uit een tennisclub stapt omdat je het inschrijvingsgeld niet wil betalen en omdat je het niet eens bent met de regels, maar toch nog altijd wil tennissen, dan sta je niet sterk. Dan moet je gaan smeken."  

Dat zo'n handelsakkoord unaniem zal moeten goedgekeurd worden door de Europese Raad, door een meerderheid in het Europees Parlement en door 27 nationale en 11 regionale parlementen en dat allemaal binnen een tijdsbestek van twee jaar, dat doet niet veel goeds verhopen in de ogen van Bogdanor. Hij brengt een Japans gezegde in herinnering: "Hoe minder tijd je hebt, hoe dieper je portefeuille moet zijn".

Verkiezingsuitslag veranderde alles
De professor in de Politieke Wetenschappen somt vier argumenten op voor de stelling dat de nationale verkiezingen de brexitkaarten danig door elkaar geschud hebben en de deur openzetten voor een nieuw referendum.

Ten eerste is er vandaag waarschijnlijk in het Lagerhuis geen meerderheid meer voor Theresa Mays harde visie op de brexit. Bodganor vermoedt dat er in het parlement inmiddels meer voorstanders van het in-kamp zitten dan vóór de verkiezingen.

Ten tweede rijst de vraag of de uitslag van het referendum in 2016 wel definitief is. Labour is dan wel niet anti, de partij van Jeremy Corbyn gaat wel voor een zachte brexit. Die houding zou hen volgens de British Election Study heel wat stemmen opgeleverd hebben en deels zijn winst van dertig zetels verklaren. "De verkiezing was de wraak van de in-kant", concludeert Bogdanor.

Ten derde is de interne verdeeldheid in zowel de Conservatieve als in de Labourpartij alleen maar groter geworden. Het is dan ook niet uitgesloten dat er gewoon geen meerderheid zal gevonden worden in het parlement voor welke brexitvorm dan ook.

Ten vierde zal het Hogerhuis - waar de voorstanders om in de EU te blijven in de meerderheid zijn - geneigd zijn een harde brexit te verwerpen met het argument dat een minderheidsregering daar geen mandaat voor heeft.
LEES HIERONDER BOGDANORS CONCLUSIE

Vernon Bogdanor.
rv Vernon Bogdanor.
afp

Enige uitweg

De mogelijke impasse van het parlement, het vooruitzicht van een ongunstige deal en de grote interne partijverdeeldheid kunnen er volgens Bogdanor toe leiden dat de enige uitweg een tweede referendum is: het volk opnieuw raadplegen voor legitimatie.

In het House of Lords (Hogerhuis) vroeg Baron Butler zich in februari al af waarom "zij die hun argumenten voor een brexit baseerden op de wil van het volk zich nu kanten tegen een raadpleging van dat volk over het resultaat van de onderhandelingen". Toen EU-hater Nigel Farage in 2016 nog dacht dat zijn kamp zou verliezen pleitte hij zelf al bij voorbaat voor een vervolg op het referendum. Voorstanders van de brexit hebben zeker het democratische recht om te blijven ijveren voor een uitstap uit de EU, stelt Bogdanor, maar dat geldt omgekeerd evenzeer voor wie gerede twijfels heeft over die genomen beslissing.

Vernon Bogdanor besluit: "De brexit roept uiteindelijk toch fundamentele en zelfs existentiële vragen op over de toekomst van het land. Daarom heeft het finale akkoord niet alleen de goedkeuring van het parlement nodig maar ook die van een soeverein volk."