Overzicht van dagen van nationale rouw in België

UNKNOWN
Premier Elio Di Rupo heeft aangekondigd dat vrijdag 16 maart een dag van nationale rouw wordt om hulde te brengen aan de slachtoffers van het busongeluk in de tunnel nabij het Zwitserse Sierre. België kende al verschillende dagen van nationale rouw. Maar niet voor alle grote rampen wordt zo'n dag ingericht, meldt Vincent Dujardin, professor van Eigentijdse Geschiedenis van de Université catholique de Louvain.

"De nationale rouw is een symbolische daad die door de ministerraad gedecreteerd wordt om de steun van het land aan rouwende familieleden bij een grote dramatische gebeurtenis te betuigen", legt Dujardin uit. Normaal wordt de nationale rouw gehouden gedurende één tot drie dagen, bij rampen zoals die van dinsdagavond of bij het overlijden van een belangrijk persoon of lid van de koninklijke familie.
 
"Een nationale rouw, vaak van lange duur, wordt gehouden bij het overlijden van de vorst of de koningin", aldus nog Dujardin. De laatste keer dat het land lange tijd in rouw was, gebeurde na het overlijden van koning Boudewijn I. De rouw startte op 31 juli 1993 en duurde tot 9 augustus 1993, toen koning Albert II de eed aflegde.

In het zwart
Tijdens een nationale rouw hangen de vlaggen aan alle gebouwen van de federale of regionale ministeries en aan de gemeentelijke en provinciale infrastructuren halfstok. Voorziene festiviteiten moeten opgeschort of uitgesteld worden. Als een lid van de koninklijke familie of van de regering niet aan een protocollaire zitting kan ontkomen, moet hij in het zwart gekleed zijn.
 
België kende al enkele belangrijke dagen van nationale rouw. Zo kondigde de regering van Guy Verhofstadt op 4 augustus 2004 een dag van nationale rouw af na de gasramp in Gellingen, die op 30 juli 2004 het leven kostte aan 24 mensen. Op 14 april 1995, de dag dat tien vermoorde Belgische blauwhelmen uit Rwanda naar België gerepatrieerd werden, was het ook een dag van nationale rouw.
 
Nadat een brand in de Brusselse winkelgallerij Innovation het leven kostte aan 325 mensen, werd op 22 mei 1967 een dag van nationale rouw afgekondigd. Na de mijnramp in Le Bois du Cazier bij Marcinelle hield België op 13 augustus 1956 eveneens een dag van nationale rouw. Bij de mijnramp, de grootste in de geschiedenis van België, lieten 262 mensen het leven.

Verschillende vormen van steun

Voor andere ernstige rampen die ook grote emoties losweekten, werden evenwel geen dagen van nationale rouw gehouden, aldus Dujardin. "De staatsleider of regeringsleden beschikken over verschillende mogelijkheden om de bevolking steun te betuigen."
 
Zo werd geen rouwdag afgekondigd na de recente drama's in Luik en Buizingen. In dergelijke situaties kunnen de autoriteiten hun steun betuigen door zich ter plaatse te begeven, een huldeceremonie of nationale begrafenissen te organiseren.