Eerste brexit vond 400.000 jaar geleden al plaats

Tijdens het ijstijdperk verbond een landbrug het Verenigd Koninkrijk met Europa
Imperial College Londen/ Chase Stone Tijdens het ijstijdperk verbond een landbrug het Verenigd Koninkrijk met Europa
Geologen en geofysici van de Universiteit Gent en de Koninklijke Sterrenwacht van België hebben - in samenwerking met Britse en Franse collega's - ontdekt hoe Engeland zich zo'n 400.000 jaar geleden voor het eerst afsplitste van het Europese vasteland, een proces dat in twee fasen verliep.

Bijna 500.000 jaar geleden, toen de Aarde zich in een warmere periode tussen twee ijstijden bevond, waren Engeland en Europa met elkaar verbonden via een landbrug. Deze bestond uit krijtrotsen, zoals we die nu nog kennen in Engeland (the white cliffs ofDover) en Cap Blanc Nez in Frankrijk.

Tijdens de daaropvolgende ijstijd, ongeveer 450.000 jaar geleden, daalde de zeespiegel en stond die ongeveer 100 m lager dan vandaag. Het Kanaal lag volledig droog. Het was een bevroren toendra-gebied, doorsneden door een paar rivieren. Tijdens deze ijstijd groeiden de ijskappen van Noord Engeland en Scandinavië sterk aan tot ze zich uitstrekten over het volledige noordelijke deel van de Noordzee.

Dammen
Het smeltwater van deze ijskap en het water aangebracht door de rivieren vanuit Europa en Oost-Engeland kon niet wegstromen naar het noorden, waar de ijskap een dam vormde, en ook niet naar het zuiden, waar de landbrug tussen Engeland en Frankrijk ook een dam vormde. Er ontstond dus een groot smeltwatermeer. Het water in dit meer bleef stijgen tot het over de landbrug kon beginnen stromen en zich in het Kanaal kon storten. Dit proces zorgde ervoor dat de landbrug weggeërodeerd werd, dat de verbinding tussen Engeland en het Europese vasteland vernield werd en dat de Straat van Dover gevormd werd. De afscheiding was vanaf dan een feit.

Twee fasen
De onderzoekers zijn er nu in geslaagd om bewijzen te vinden die aantonen dat het proces van afscheiding in twee fasen plaatsvond: in een eerste fase stortte het water uit het smeltwatermeer zich langs grote watervallen in het lager gelegen Kanaal. Deze watervallen schuurden diepe holten uit aan de voet van de landbrug, aan de kant van het Kanaal. In een tweede fase, nadat na verloop van tijd de landbrug verzwakt was door erosie door de watervallen, stortte de landbrug uiteindelijk in en stroomde het water op een catastrofale wijze uit in het Kanaal, waar het een netwerk van valleien uitschuurde in wat een ware zondvloed moet geweest zijn.

Door nieuwe geofysische gegevens te vergaren en door die te combineren en te vergelijken met bestaande gegevens, konden de geologen en geofysici de diepe uitgeschuurde holten in kaart brengen. De uitschuringsholten zijn echt enorm: ze zijn meerdere kilometers in diameter en kunnen tot 100 meter diep uitgeschuurd zijn. Ze werden nadien opgevuld met sediment. Zeven uitschuringsholten konden aan het licht gebracht worden. Ze komen voor op een lijn tussen Calais en Dover, precies daar waar de landbrug - zo'n 32 km lang en 100 m hoog - zich bevonden moet hebben.