Exclusief voor abonnees

De kleinzoon van Poupou

belga

Op het podium in Lignières omarmde Mathieu innig zijn grootvader. Een vertederend beeld. Zo oprecht zie je affectie zelden. Voor geen gram gespeeld. De jongen in de regenboogtrui had zijn opa danig gemist. Een kwaal in de rug van het kranige oudje had de traditionele eindejaarstrip naar het noorden verprutst. Mathieu had zijn papi in geen maanden meer gezien. In het midden van Frankrijk gebeurde het dan: grootva keek bewonderend op en zijn traan ving het diepste jongensgeluk. Mathieu had voor papi gewonnen. Een beetje emo-mens vatte de diepere dimensie. Papi is namelijk Poupou en Raymond Poulidor is van bij zijn eerste koers in populariteit gedompeld. Als de crosswinter naar het mooiste plaatje zocht, moest het dit wel zijn. Nog een gedachte schoot me als een zonnestraal door een donker wolkendek te binnen: Mathieu is een Poulidor. Veel meer dan een Van der Poel. De blos van Mathieu is aan die van Raymond gelijk. Hun beider blik loopt over van minzaamheid.

Hun spontaneïteit is als een meer zo groot. Hun beschikbaarheid ook. Van toen ik nog vliegende reporter was, weet ik dat Poulidor nooit een interview weigerde. Al driekwart eeuw bereid. De ochtend voor de omarming ervoer ik bij Mathieu hetzelfde. Stond hij daar aan de deur van het Novotel in Bourges met broer David klaar voor nog een fietstrip door de ochtendkou. De twee reden er na een losse babbel met Paul Herygers en Maarten Van Gramberen vandoor. Ze waren haast bij de poort, toen ik nog verscheen. Ik riep ze in alle gauwte succes en voorzichtigheid toe. Wat deed Mathieu ? Hij keerde prompt weer, stak van ver de hand uit en begroette me met: 'Ha, de laatkomer mogen we niet vergeten. Hoe gaat het met u?' David volgde zijn voorbeeld. Even vriendelijk en galant, zij het wat meer ingetogen. Ik dacht aan de avond ervoor. In de bar van het hotel sprak ik voor het eerst mama Corinne. Ook met een blos, ook met een open blik, met een kwinkslag zelfs: 'Ik ken u van de televisie.' In Nederlands met een vrolijk Kapellens lintje aan. In de taal die de jongens ook spreken. Ver weg van het harde Moerdijks. Boterzacht, geen spoor van hardnekkigheid. Die bewaren ze voor in de koers.

Ik herhaal het graag: Mathieu is een Poulidor. In speelse versie, dat wel. Want ik zag Mathieu nooit in stress. Nooit klapwiekend onder de druk. Voor hem is crossen spelen in vrijheid. Een uur vinnig en fel. En kunstjes strooien onderweg. Veel prettiger dan op de weg. 'Daar zit ik mij vijf uur te vervelen.' Crossmensen lusten die ongedwongenheid wel. Ik schat het aantal Van der Poel-sympathisanten bij ons op bijna vijftig percent. Spreekt voor zich dat die liever Van Aert of Nys op de trap één zien staan? Maar dat de doorsnee Vlaming bij winst van Mathieu volkomen in duigen valt, kan ik me al een poos niet meer voorstellen. Klasse en flair worden namelijk door een kennerspubliek geapprecieerd.

Ook opvallend, uit informele gesprekken leer ik dat oud-wegrenners Van der Poel iets hoger inschatten dan Van Aert. Mathieu heeft meer basissnelheid en technisch vernuft, Wout een groter vermogen. Sven Nys ging in Extra Time Cross nog een stuk verder: 'Door het hogere krachtenverbruik zal de carrière van Van Aert korter zijn.' Zei professor José De Cauwer me: 'Belgen jammerden op het WK in Tabor over de pech van Van Aert. Ex-renners zagen vooral hoe Van der Poel een uur lang tien luttele seconden verdedigde. Dat was pas een huzarenstuk.' Zeker is dat Mathieu meer talent heeft dan zijn vader. Die werd wereldkampioen op zijn 36ste. Mathieu kan het op zijn 21ste een tweede keer zijn. Een garantie op een even grote wegcarrière is dat echter niet. Nog niet.

Dit artikel is exclusief
voor abonnees.

Word ook abonnee en lees onbeperkt alle artikels. Meer dan 200.000 mensen gingen je voor.

Kies hier je voordeelperiode: