Windpark Borssele weer goedkoper dan geraamd

ANP
De bouw van het tweede grote windpark voor de kust van Zeeland in Nederland valt net als het eerste goedkoper uit dan verwacht. Voor het tweede windpark Borssele zal de komende jaren 300 miljoen euro subsidie nodig zijn, waar oorspronkelijk 5 miljard euro was geraamd. Dat maakte Nederlands minister van Economische Zaken Henk Kamp bekend. De dalende subsidies in Nederland spelen ook een rol in het debat over de subsidiëring van de Belgische windmolenparken.

Een consortium van voornamelijk Nederlandse bedrijven deed het winnende bod: Shell, Van Oord, Eneco en Mitsubishi-dochter DGE. De overheid zal slechts 5,45 cent subsidie per kilowattuur verstrekken, een nieuw record. De opdracht voor het eerste windpark werd eerder dit jaar binnengesleept door Dong Energy met een prijs van 7,27 cent per kWh. Dat was toen ook al een record.

In totaal moeten er op termijn vijf Nederlandse windparken op zee verrijzen, die elk 700 megawatt zullen opwekken. Daarmee kunnen in totaal vijf miljoen Nederlandse huishoudens van elektriciteit worden voorzien. Alle vijf parken moeten in 2023 in bedrijf zijn.

Volgens Kamp is het een kwestie van tijd tot windenergie op prijs kan concurreren met fossiele brandstoffen. "Als de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs doorzet zoals verwacht, hebben we 7,5 jaar na aanleg helemaal geen subsidie meer nodig voor stroomopwekking door wind op zee."

De hoogte van de subsidies in Nederland is indirect ook van belang voor ons land en de subsidiëring van drie windmolenparken die nog op de plank liggen. Minister van Energie Marie-Christine Marghem had in dat kader aan de federale energieregulator CREG een specifieke analyse gevraagd van de subsidiëring in Nederland (Borssele) en van een Duits windmolenpark. De analyse maakt deel uit van de bredere jaarlijkse studie over de ondersteuning van offshore windenergie. Dat rapport wordt eind dit jaar nog afgewerkt en in januari volgt dan de publieke versie van het document, aldus de woordvoerster van de CREG.

Eerder dit jaar werd voor twee geplande windmolenparken in de Belgische Noordzee (Rentel en Norther) de subsidiëring met 1,1 miljard euro verlaagd tot zowat 4,5 miljard euro over 19 jaar, 1 jaar minder dan initieel voorzien. In ruil werd de concessie wel met twee jaar opgetrokken tot 22 jaar. De regering-Michel raakte het begin juni eens over die regeling, nadat bij sommige regeringspartijen de vrees was ontstaan voor oversubsidiëring, mede door eerder nieuws over de dalende subsidies voor Borssele.