G7 neemt agressie China en Rusland op de korrel en geeft Irak geld voor strijd tegen IS en wederopbouw

De Amerikaanse president Barack Obama.
Getty Images De Amerikaanse president Barack Obama.
De leiders van de G7, de zeven grootste industrielanden ter wereld, willen druk zetten op hun 'rivalen' Rusland en China. Moskou wordt nog steeds "agressief optreden" in Oekraïne verweten, net als China in de Zuid-Chinese Zee.

Na hun top in het Japanse Ise-Shima komen de staats- en regeringsleiders van de G7 weinig verrassend weer op de proppen met nieuwe sanctiedreigingen tegen Poetin. En aan China laten zij weten geen schrik te hebben van de Chinese "dreigementen" in verband met een resem betwiste eilandjes in de Chinese Mare Nostrum. Met name Barack Obama (VS) en gastheer Shinzo Abe schuwen in dit kader de harde woorden niet.

Vluchtelingen
Er waren nochtans genoeg andere problemen: de vluchtelingencrisis, het internationaal terrorisme, cyberaanvallen... Op die gebieden gaat de G7 voortaan "grondig" aan het werk. Zelfs Irak werd niet vergeten: dat land krijgt een financiële injectie van 3,2 miljard euro voor zijn wederopbouw. De hulp moet Bagdad ook toestaan terreurgroep IS terug te dringen en moet de vluchtelingenstroom richting Europa van Irakezen doen opdrogen.

Over die vluchtelingencris waren de G7-leiders verder erg bondig. Er moet een "globaal antwoord" gezocht worden, luidde het. Maar blijkbaar dus niet vandaag.

Conjunctuur en Brexit
Voorts wil de G7 iets doen aan de kwakkelende wereldconjunctuur. Voor de problemen geldt het beproefde recept: een monetair beleid en structurele hervormingen (besparingen). Maar op dit vlak mag elk lid van de G7 zijn eigen weg bewandelen.

Zes van de zeven G7-leiders zetten zich nadrukkelijk achter Brits premier David Cameron en diens strijd om Groot-Brittannië binnen de EU te houden. Ook de G7 meent dat een gebeurlijke Brexit een "ernstig gevaar" vormt voor de economische groei.

Kritiek
Op de resultaten van de top volgde meteen scherpe kritiek van ontwikkelingsorganisaties: hoogdravende woorden, maar geen financiële toezeggingen voor vluchtelingen of in de strijd tegen armoede en honger.