Uw hoop in bange dagen? Dom van Aken bijna klaar om relikwieën Sint-Corona tentoon te stellen

Het schrijn met de relikwieën van de heilige Corona wordt grondig gerestaureerd.
REUTERS Het schrijn met de relikwieën van de heilige Corona wordt grondig gerestaureerd.
Neen, ze is volgens kenners niet de patroonheilige tegen epidemieën zoals her en der wordt gesteld, en haar levensverhaal is vooral een middeleeuwse legende. Maar toch maakt de Dom van Aken haast om dezer dagen de relikwieën van de heilige Corona tentoon te stellen. Na de lockdown, welteverstaan.

Veel aandacht kreeg ze tot de laatste weken niet: 25 jaar al liggen de relikwieën van Sint-Corona te verstoffen in het depot van de schatkamer van de Duitse Dom van Aken. Maar daar is nu, in het licht van de uitbraak van het coronavirus, wel wat verandering in gekomen. Want baadt het niet, dan schaadt het niet, lijken ze in Aken te denken. Zolang er geen vaccin is, zal bidden tot de heilige Corona ook geen kwaad kunnen. 

Vraag is wel of het veel uithaalt, want behalve haar naam heeft de heilige Corona niets met het virus te maken. Ze is volgens experts bovendien ook niet de patroonheilige van de epidemieën zoals de woordvoerder van de Dom eerst meldde, maar wel van de slagers, schattenzoekers, investeerders, gokkers en het geld. Het is mogelijk ook in dat licht dat Corona haar naam kreeg. Niet alleen verwijst het woord naar het Latijn voor ‘kroon’, maar ook naar de oude munteenheid ‘kroon’. 

REUTERS

Gemarteld

Volgens de overlevering leefde Corona in de tweede eeuw na Christus in het huidige Turkije, waar ze de partner of echtgenoot van de heilige Victor was. Op haar zestiende zou ze door de Romeinse overheersers gemarteld zijn tot de dood, nadat ze had moeten toekijken hoe Victor eerst was vermoord. Corona werd tussen twee gebogen palmbogen vastgebonden, waarna haar lichaam werd verscheurd toen de bomen werden losgelaten.

Haar bestaan bleef lang onbekend, tot in de Middeleeuwen vooral in en rond de Alpen een personencultus rond haar ontstond. Ook vandaag wordt Corona overigens vooral in Oostenrijk en Zuid-Duitsland nog aanbeden. 

Schrijn

In de 10e eeuw bracht keizer Otto de derde relikwieën van Corona over naar de Dom van Aken. Daar werden ze pas in 1910 opnieuw ontdekt in een crypte, en in 1912 in een gouden schrijn ondergebracht. Bedoeling was het 100 kilo zware en 93 centimeter grote schrijn in de vorm van een Byzantijnse kerk komende zomer opnieuw tentoon te stellen tijdens een expositie over goudsmeedkunst, maar er wordt nu wel toch wat meer haast gemaakt met de restauratie. “We hebben het schrijn wat vroeger dan gepland bovengehaald en verwachten meer interesse door het virus”, aldus Daniela Lövenich, woordvoerster van de Dom.

Ook het coronavirus is overigens niet naar de heilige Corona genoemd: het virus dankt zijn naam aan de kroon-vorm die je ziet wanneer je het onder de microscoop bekijkt. 

REUTERS
REUTERS