Turkije blijft Koerden in Noord-Irak bombarderen

Een Turkse straaljager stijgt op in Adana.
AP Een Turkse straaljager stijgt op in Adana.
Turkije zet de aanval op Koerdische stellingen in Noord-Irak door. In de nacht van vrijdag op zaterdag bestookten 28 F-16's stellingen van de Koerdische rebellenbeweging PKK, waaronder schuilplaatsen en munitiedepots, zo meldt staatspersbureau Anadolu.

Inwoners van het gebied hebben aan het Duitse persbureau dpa laten weten dat daarbij acht burgers om het leven zijn gekomen.

Buitenlandse regeringen hebben bij Turkijke aangedrongen op terughoudendheid wat betreft het bombarderen van de Koerden, maar daar lijkt Turkije geen gehoor aan te geven.

Donderdag voerden tachtig gevechtsvliegtuigen volgens Anadolu aanvallen uit op meer dan honderd doelen.

"260 Koerdische strijders gedood"

Ongeveer 260 strijders van de Koerdische guerrilla PKK zijn gedood en honderden anderen gewond geraakt in één week van aanvallen, meldde Anadolu eerder vandaag. Het bericht kon niet meteen bij een andere bron geverifieerd worden.

Het Turkse nieuwsagentschap meldde dat de broer van de leider van de pro-Koerdische partij van Turkije, Selahattin Demirtas, onder de gewonden was. Nurettin Demirtas sloot zich aan bij de Koerdische guerrilla in de bergen in het noorden van Irak. Het Turkse bewind ziet er een bijkomende aanwijzing in van de "collusie" tussen de PKK en de pro-Koerdische partij HDP.

Ankara lanceerde op 24 juli een "oorlog tegen het terrorisme" waarbij zowel de PKK als strijders van de groep IS (Islamitische Staat) in Syrië geviseerd worden. Maar de tientallen luchtaanvallen die sindsdien werden uitgevoerd, waren op de Koerdische guerrilla toegespitst. Slechts drie ervan waren tegen IS gericht volgens officiële berichten.

De bombardementen van de Turkse luchtmacht laten hun sporen achter.
REUTERS De bombardementen van de Turkse luchtmacht laten hun sporen achter.