Stalen van nazislachtoffers begraven in Berlijn

REUTERS
In Berlijn zijn resten van nazislachtoffers na meer dan zeventig jaar begraven. De resten, meer dan 300 microscopische stalen, werden in 2016 teruggevonden door erfgenamen van een arts die er tijdens de Tweede Wereldoorlog onderzoek mee had gedaan.

De plechtigheid vond plaats op de begraafplaats van Dorotheenstadt in aanwezigheid van een rabbijn en leden van de protestantse kerk. Er lagen op die plek al verschillende slachtoffers van het naziregime begraven.

Het Berlijnse ziekenhuis Charité nam het initiatief voor de begrafenis. "We willen de slachtoffers een beetje van hun waardigheid teruggeven", aldus directeur Karl Marx Einhäupl.

De erfgenamen van hoogleraar Anatomie Hermann Stieve, die in 1952 stierf, vonden de 300 minuscule stalen op microscoopplaatjes in kleine doosjes. Onderzoekers stelden een duidelijke link vast met de gevangenis van Plötzensee, waar de nazi's tussen 1933 en 1945 circa 2.800 mensen hadden opgehangen of onthoofd. Stieve onderzocht onder meer de impact van stress op de menstruatie op de lijken die hij geleverd kreeg.

Anders dan de bekendere nazidokter Josef Mengele, behoorde Hermann Stieve niet tot de nazipartij NSDAP en deed hij geen experimenten op levende personen. Toch wist hij heel goed dat hij onderzoek deed met slachtoffers van martelpraktijken. Toch kon Stieve na de oorlog zijn carrière voortzetten. Op vandaag is hij nog steeds "postuum erelid" van de Duitse vereniging voor gynaecologie. 

AFP



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.