Ruim 300 mensenrechtenactivisten vermoord in Colombia op twee jaar tijd

Colombiaanse betogers kwamen in 2016 al op straat voor het vredesakkoord tussen de overheid en linkse rebellen.
AP Colombiaanse betogers kwamen in 2016 al op straat voor het vredesakkoord tussen de overheid en linkse rebellen.
In Colombia zijn op iets meer dan twee jaar tijd in totaal 311 burgers vermoord "die hun leven hebben gewijd aan het opzetten van sociale projecten en aan het beschermen van de mensenrechten". Dat heeft de nationale ombudsman van het land, Carlos Alfonso Negret, gisteren gezegd.

De moorden vonden concreet plaats tussen 1 januari 2016 en 30 juni 2018. Wie er achter de moorden zit, maakte Negret niet bekend. Vermoedelijk is een groot deel van de slachtoffers gemaakt door de linkse guerillabeweging Nationaal Bevrijdingsleger (ELN). Eerder maakte uittredend president Juan Manuel Santos al bekend dat het ELN van 2016 tot maart 2018 ongeveer 160 lokale functionarissen en mensenrechtenactivisten doodde, vooral in verband met drugshandel. 

Vredesakkoord

Momenteel voert de Colombiaanse regering onderhandelingen voor een vredesakkoord met het ELN. In 2016 slaagde Santos er al in om met de FARC, de oudste guerrillabeweging van Latijns-Amerika, een overeenkomst te bereiken over ontwapening. 

Het internationaal bejubelde verdrag bracht vrede in grote delen van het land na een 52 jaar durend conflict, maar is in Colombia zelf erg omstreden. Onder meer de nieuwgekozen president Ivan Duque vindt dat de overheid te veel toegevingen heeft gedaan en kondigde meteen na zijn zege vorige maand "correcties" aan het akkoord aan.




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.