Mowgli in het echt: Christina groeide op in een grot en stak een jongetje dood voor een stuk brood

De volwassen Christina Rickardsson in New York.
Instagram De volwassen Christina Rickardsson in New York.
Christina Rickardsson is vandaag een succesvolle onderneemster en auteur. Maar de 35-jarige Zweedse van Braziliaanse afkomst komt van ver. Ze pende haar onwaarschijnlijke levensverhaal neer in haar boek 'Never Stop Walking'. Ze vertelt daarin over hoe ze in een grot opgroeide, hoe ze door de straten en favela's van São Paulo zwierf en - voor het eerst - ook over hoe ze daar een straatjongetje doodstak voor een stuk brood uit de vuilnisbak. Rickardsson wil met haar getuigenis alle vergeten Braziliaanse straatkinderen een stem geven.

Het leven van Christina Rickardsson als klein meisje doet onvermijdelijk denken aan dat van de Walt Disney-figuur Mowgli. In april 1983 nam moeder Petronilia - Mamãe - haar pasgeboren baby van amper 15 dagen mee naar de grotten van de jungle in de buitenwijken van Diamantina, 300 km ten noorden van Belo Horizonte. De eerste vijf jaren van haar leven zou het Christiana's thuis zijn, zoals haar moeder haar in Brazilië bij haar geboorte noemde. Christiana's vader was nergens te bespeuren. Ze herinnert zich onder meer nog dat zij en haar mama plots gegrom hoorden en boven aan hun grot een hongerige jaguar zagen staan. Hij liep weg. Andere ongenode gasten waren giftige slangen, spinnen, schorpioenen en "giftige duizendpoten die 's nachts over mijn lijf kropen".

"Omdat we zo schrijnend arm waren, aten we vogels die we neerhaalden met de katapult", schrijft ze in haar boek. "We liepen geregeld naar Diamantina om er gedroogde bladeren en bloemen te verkopen en om er rijst te kopen". Christina vond "leven in de marge van de maatschappij normaal". Ze zegt: "We waren bijna uitgehongerd, maar vaak kijk ik erop terug als mijn beste jaren. Mamãe had altijd tijd voor mij en gaf mij al haar liefde."

Christina Rickardsson.
rv Christina Rickardsson.

Maar toen ze vijf was, werden moeder en dochtertje verjaagd uit hun grot door een groep mannen met honden, mogelijk de landeigenaars. Ze trokken naar São Paulo, waar ze door hun armoede in een favela terechtkwamen. "We bedelden voor eten en geld. Sommigen waren lief voor ons, anderen spuwden en stampten op ons. Sommigen noemden als 'kakkerlakken' en 'straatratten'. Anderen deden alsof ze ons niet zagen. Voor hen bestonden we gewoon niet."

Omdat haar moeder geregeld voor langere periodes verdween, was Christina op zichzelf en andere straatkinderen aangewezen. Camile werd haar beste vriendin. De twee deden alles samen, deelden al hun eten eerlijk met elkaar. Camile vertelde vaak mooie verhaaltjes van prinsen en prinsessen, "die de pijn even wegnamen". Maar op een nacht - Christina was toen ongeveer zeven - besloten ze een rustigere plek op te zoeken om te slapen, in een betere buurt van São Paulo dan de favela met nachtelijke schoten. Ze gingen in een of ander gebouw slapen, maar toen ze lawaai hoorden, gingen ze om de hoek kijken wat er gaande was. Ze zagen gewapende militaire agenten met een rij van vijf kinderen voor hen. "We wisten wat dat betekende. Dat weten alle straatkinderen." Een van de militairen spotte de twee vriendinnen, die renden voor hun leven. Camile was de traagste van hen beiden en kon niet ontkomen. Christina ging nog terug om te kijken wat ze met Camile zouden doen en zag dat "er iets raars gebeurde met haar voorhoofd". Camile werd geraakt door een kogel en "haar lichaam viel op de meest bizarre manier op de grond". Christina rende opnieuw weg. "Ik verloor die avond mijn vriendin, mijn zus. En ik begreep hoe weinig ons leven waard was."

Christina Rickardsson.
Instagram Christina Rickardsson.

Dat zou ze nog op een andere manier zelf ondervinden. Christina had al een paar dagen niks meer gegeten en vond een halfopgegeten stuk brood in een vuilnisbak in een steegje. Plots hoort ze een jongen tegen haar zeggen: "Geef me mijn eten". Christina zei dat zij het had gevonden en dat het dus van haar was. Er kwam een stevig gevecht van tussen de twee. Christina vond een stuk glas van een fles en greep dat vast. "Ik was boos, droevig en woedend, maar ik voelde mij vooral oneerlijk behandeld. Toen de jongen met het brood aan de haal ging, schreeuwde ik en liep ik met al mijn macht op hem af. Hij draaide zich om en, zonder na te denken, plantte ik het stuk glas zo hard als ik kon in zijn maag."

"Eerst voelde ik niks. Toen werd mijn hart warm. Het bloed gutste uit de wonde. Ik nam het brood weer af van de jongen terwijl die het uitschreeuwde van de pijn. Na een eindje lopen, begon ik te eten. Maar dan begon ik te braken. Ik begreep wat ik had gedaan." Later hoorde Christina van andere kinderen dat de jongen dood was teruggevonden in het steegje.

"Mensen kunnen mij daarvoor veroordelen, maar ik moet hier sinds mijn zevende al mijn hele leven mee leven. De enige reden waarom ik mezelf heb kunnen vergeven is dat ik zelf weet dat ik nooit wou dat die jongen zou sterven. Ik wou alleen mijn eten terug. Elke dag op straat was een gevecht om te overleven".

Uiteindelijk vond Mamãe haar dochter Christina terug. Het meisje vertelde haar moeder alles. Mamãe zei haar: "Christiana, beloof me dat wat er ook in je leven gebeurt, je nooit stopt met wandelen".

Mamãe had toen ook een zoontje erbij, Patrique, over wie Christina zich mee ontfermde. Toen de baby tien maanden was, werd hij samen met Christina tijdelijk in een weeshuis gedropt. Mamãe beweerde dat God haar dat had opgedragen en dat ze haar kinderen weer zou komen halen eens ze een job had. Mamãe kwam hen elke zondag bezoeken, tot dat plots niet meer mocht. Op haar achtste werd Christina samen met haar broertje van twee jaar in juni 1991 geadopteerd door een Zweeds koppel, Lilian-Ann en Sture Rickardsson. De kinderen verhuisden van São Paulo naar Vindeln in Zweden, een enorme cultuurschok.

Toen Christina vijftien was, stierf haar adoptiemama aan kanker. Christina had het altijd moeilijk gehad om haar Zweedse zelf te verzoenen met de Braziliaanse Christiana. In januari 2015, ze was toen 31, bereikte die identiteitscrisis een hoogtepunt. Christina besloot na 24 jaar voor het eerst weer naar Brazilië te reizen. Via het weeshuis kwam ze uiteindelijk te weten dat de 67-jarige Mamãe nog leefde en kon ze haar biologische moeder ook opzoeken in Belo Horizonte, op bijna 600 km van São Paulo.

rv

Pas toen vernam Christina dat Mamãe al heel haar leven aan schizofrenie leed. Ze woonde intussen bij haar twee zussen en nam de juiste medicatie voor haar ziekte. Ze had vijftien jaar lang door de straten van São Paulo gewaard op zoek naar haar twee kinderen, nadat die geadopteerd waren. Niemand had Mamãe gezegd dat Patrique en Christina het goed stelden in Zweden. Het was de rechtbank die achter de rug van Mamãe om de adoptie had toegestaan. De reünie was een feit, maar er ontbrak nog iemand. Patrique, inmiddels 28, kwam meteen overgevlogen.

Nadien vloog Christina nog zes keer terug naar Brazilië om Mamãe te zien. Verder houden ze contact met elkaar via internet. Ze richtte de Coelho Growth Foundation op, een liefdadigheidsorganisatie voor kinderen. 

Ook de grotten van Diamantina bezocht Christina nog eens. Daar dacht ze terug aan haar verleden. "Ik wuifde er naar de moeder die mij in acht jaar tijd genoeg liefde, moed en kracht gaf om mij in mijn leven verder vooruit te laten stappen."




9 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Yelke Van de pol

    Grote fantasie heeft die meid

  • Juliette Francois

    Ik denk dat dit verhaal flink "opgeleukt" werd oftewel ik geloof er weinig van.

  • Coen Coen

    De echte Mowgli kon nooit spreken en droeg ook geen channel numero vijve.

  • Brigitte van der Zalm

    Ik geloof hier niets van sorry

  • David van Aelst

    Moord is moord, waar ook ter wereld. Die moeder is haar kind kwijt voor een stuk brood uit de vuilbak. En dan nu medelijden vragen...?!?