Meestgezochte nazi-misdadiger uit Tweede Wereldoorlog overleden

Laszló Csatary werd in juni in Hongarije aangeklaagd voor medeplichtigheid aan de moord op 15.700 Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog.
AFP Laszló Csatary werd in juni in Hongarije aangeklaagd voor medeplichtigheid aan de moord op 15.700 Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Laszló Csatary, die in juni in Hongarije werd aangeklaagd voor medeplichtigheid aan de moord op 15.700 Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog, is gisteren op 98-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn advocaat bekendgemaakt, meldde de BBC.

Csatary, die geboren werd op 4 maart 1915, overleed in Boedapest aan de gevolgen van een longontsteking. De Hongaar ontsnapt zo aan zijn vervolging voor "misdaden tegen de menselijkheid", met name voor de deportatie van zowat 15.000 joden uit de ghetto van Kosice (Slovakije) naar de vernietigingskampen van nazi's tussen 1941 en 1944.

Csatary ontkende de beschuldigingen altijd en zei slechts een tussenpersoon geweest te zijn tussen Hongaarse en Duitse functionarissen in Kosice. Hij beweerde dat hij nooit betrokken was bij oorlogsmisdaden.

In 1948 al veroordeeld
De Hongaar werd op 18 juli 2012 opgepakt door de politie in Boedapest en onder huisarrest geplaatst. Hij stond op dat moment bovenaan de lijst van de meestgezochte nazi-criminelen ter wereld van het Centrum Simon Wiesenthal in Jeruzalem.

Vorig jaar had de Slowaakse justitie hem ook al aangeklaagd. En in 1948 veroordeelde een rechtbank in het toenmalige Tsjechoslowakije Csatary bij verstek tot de doodstraf. Hij was naar Canada gevlucht, waar hij woonde tot de Canadese autoriteiten in 1997 zijn paspoort introkken. Vervolgens vluchtte de man naar Hongarije, waar hij tot zijn arrestatie een teruggetrokken bestaan leidde.