De Roover over beroep tegen hoofddoekverbod: "Standpunt Unia is niet dat van regering"

N-VA-fractieleider Peter De Roover.
Photo News N-VA-fractieleider Peter De Roover.
De Belgische staat zal zich bij het Europees Hof verzetten tegen de mogelijkheid voor bedrijven om hoofddoeken op de werkvloer te verbieden. N-VA-fractieleider Peter De Roover reageert dat de regering niet geconfronteerd is met de beslissing van de administratie om zich te verzetten. "Unia neemt een ander standpunt in dan de advocaat-generaal, maar dat is niet het standpunt van de regering." De Roover wil dan ook dat de zaak opnieuw op tafel komt binnen de regering.

Kern van de zaak is een moslima die door G4S Secure Solutions ontslagen werd omdat ze weigerde haar hoofddoek af te nemen tijdens de diensturen. In een niet-bindend advies stelde de advocaat-generaal van het EU-Hof deze week dat werkgevers een hoofddoek mogen verbieden, weliswaar voor zover dat gebaseerd is op een algemeen bedrijfsreglement dat alle zichtbare politieke, filosofische en religieuze tekenen op het werk verbiedt.

Het nieuws dat België dit zal aanvechten, deed vrijdag het nodige stof opwaaien binnen de meerderheid. N-VA-Kamerlid Hendrik Vuye noemde het "al te gek" dat België de vrijheid voor werkgevers wil aanvechten die de advocaat-generaal schept. Ook MR-collega Denis Ducarme en Open Vld-senator Ann Brusseel reageren verbaasd.

"Unia neemt een ander standpunt in dan de advocaat-generaal, maar dat is niet het standpunt van de regering", reageert Peter De Roover (N-VA). De N-VA-fractieleider benadrukt dat zijn partij wel op dezelfde lijn zit als de advocaat-generaal. "We kunnen ons niet vinden in de interpretatie van de administratie."

De Roover hekelt dat de regering niet geconfronteerd werd met de beslissing van de administratie om het standpunt aan te vechten. "Als de uitvoerende macht niet gevraagd wordt om te reageren, voelen we ons ook niet gebonden." De Roover wil dan ook dat de zaak opnieuw op tafel komt binnen de regering.

'Als de uitvoerende macht niet gevraagd wordt om te reageren, voelen we ons ook niet gebonden'

N-VA-fractieleider Peter De Roover

Hoe is dat dan toch gebeurd? Volgens jurist Hans Clauwaert van de FOD Werkgelegenheid vloeit een en ander voort uit het feit dat de betrokken moslima de procedure destijds heeft aangespannen samen met het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding - intussen omgedoopt tot Unia.

Unia is een overheidsinstelling. De FOD koos dus om zich aan te sluiten bij hun standpunt. "Het zou raar overkomen dat vertegenwoordigers van de Belgische staat verschillende standpunten zouden verdedigen voor het Europees Hof. Bovendien wordt Unia in Europa gezien als onze expert op vlak van discriminatie", aldus Clauwaert.

Bijkomend voordeel van het standpunt leek de FOD dat een uitspraak in die zin tot een wettelijke regeling zou kunnen leiden. Besluit het Europees Hof immers dat het om directe discriminatie gaat, dan kan daar enkel nog van afgeweken worden mits een wet in die zin. "Wij gingen ervan uit dat dit in een gevoelige materie meer rechtszekerheid zou bieden voor alle werkgevers en werknemers".

Overleg met het kabinet van minister van Werk Kris Peeters (CD&V) of staatssecretaris voor Gelijke Kansen Elke Sleurs (N-VA) was er volgens Clauwaert niet. "Bij prejudiciële vragen is dat normaal nooit het geval, dat blijft steeds op niveau van de administratie."

thinkstock