Experts hebben stalen uit Doema na veronderstelde chemische aanval

Reuters
De experts van de Organisatie voor een Verbod op Chemische Wapens gaan vandaag in de Syrische stad Doema na of bij de aanslag van 7 april wel degelijk gifgas werd gebruikt. Ze hebben stalen genomen. Rusland hoopt dat het  onderzoek zo onpartijdig mogelijk gebeurt.

De Organisatie voor een Verbod op Chemische Wapens (OPCW) is aanwezig op de plek in de Syrische stad Doema, in Oost-Goutha, waar op 7 april een chemische aanval zou hebben plaatsgevonden. De start van de onderzoeksopdracht werd al verschillende keren uitgesteld. Zo werden afgelopen woensdag nog schoten afgevuurd toen een veiligheidsteam van de VN ter plaatse kwam om de aankomst van de OPCW-experts voor te bereiden. 

De experts hebben stalen genomen, die nu voor analyse naar het Nederlandse Rijswijk worden gestuurd. 

Onpartijdig

Het team van de OPCW was al op 14 april in Syrië aangekomen. Hun veiligheid is nu gegarandeerd door zowel het Syrische regime als door de Russische militairen die in Syrië aanwezig zijn, meldt het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken. Rusland verwacht dat de OPCW zijn onderzoek "zo onpartijdig mogelijk" voert en dat het een objectief rapport opstelt.

De Verenigde Staten, Frankrijk en Groot-Brittannië voerden vorig weekend al een bombardement uit op drie doelen in Syrië, als vergelding voor de gifgasaanval. De Russen betwisten echter dat er überhaupt chemische wapens zijn ingezet. De OPCW-experts hebben de opdracht om na te gaan of er gifgas is gebruikt. Ze mogen geen verantwoordelijken aanduiden.