EU-lidstaten willen bij pandemie vaccins gemeenschappelijk aankopen

Tijdens een informele vergadering van de Europese ministers van Volksgezondheid hebben de lidstaten de EU-Commissie unaniem gevraagd een procedure uit te werken voor de gemeenschappelijke aankoop van vaccins en antivirale middelen voor wanneer zich nog eens een pandemie als de A/H1N1-griep zou voordoen. Dat verklaarden minister van Volksgezondheid Laurette Onkelinx en bevoegd eurocommissaris John Dalli na afloop.

De bijeenkomst was de eerste informele raadsvergadering onder Belgisch voorzitterschap. Een van de agendapunten was het beheer van de A/H1N1-griep in 2009. Heel wat waarnemers hadden toen kritiek op de ogenschijnlijk overdreven waarschuwingen voor de ziekte, die wereldwijd (onnodige) paniek veroorzaakten. Een ander probleem was de niet-gecoördineerde aanpak van de ziekte door de Unie, waardoor elke lidstaat afzonderlijk vaccins en antivirale middelen moest aankopen. Resultaat van beide calamiteiten was dat verschillende landen achteraf met overschotten aan niet-gebruikte medicijnen kampten.
 
"In 2008 weigerden tijdens een simulatieoefening 22 van de 27 lidstaten een gemeenschappelijke aanpak van wat toen nog een denkbeeldige pandemie was", zegt Onkelinx. "Vandaag heb ik tijdens de vergadering geen enkele vorm van kritiek gehoord op een gemeenschappelijke aankoop van vaccins. Meer nog, er is zelfs gesproken over gemeenschappelijke opslag."
 
Europees Commissaris van Gezondheid Dalli verklaarde dat de Commissie in de herfst een voorstel zal neerleggen voor een gemeenschappelijke aankoopplan op vrijwillige basis. Hij wil ook dat het vertrouwen in de Wereldgezondheidsorganisatie en andere specialisten wordt hersteld, "want een gebrek aan vertrouwen in dergelijke instellingen kan dodelijk zijn." (belga/ypu)