Eigenaar 'nazi-kunstschat' overleden

De voordeur van Cornelius Gurlitt bij zijn huis in Salzburg.
AFP De voordeur van Cornelius Gurlitt bij zijn huis in Salzburg.
De Duitse Cornelius Gurlitt, die jarenlang een omvangrijke verzameling door de nazi's geroofde kunst verborgen hield, is dinsdag op 81-jarige leeftijd overleden. Dat heeft zijn woordvoerder laten weten. Hij was al maanden ernstig ziek.

In 2011 heeft de Duitse douane in het appartement van Gurlittt in München 1400 schilderijen aangetroffen, maar de vondst werd pas eind vorig jaar bekend. Gurlitts vader Hildebrand had de kunstwerken in dubieuze omstandigheden in bezit gekregen in de tijd dat de nazi's in Duitsland aan de macht waren (1933-1945). Onder werken waren schilderijen van Pablo Picasso, Marc Chagall, Henri Matisse en Duitse expressionisten als Emil Nolde en Max Beckmann.

Later werden in het huis van Cornelius Gurlitt in de Oostenrijkse stad Salzburg nog eens 60 werken van beroemde kunstenaars gevonden.
Nadat de vondst in zijn appartement bekend was geworden, zei Gurlitt nog absoluut niet van plan te zijn om de kunstwerken terug te geven. Hij zei toen in een interview met het weekblad Der Spiegel dat hij de werken als zijn rechtmatige eigendom zag.

Dit jaar herzag hij dat standpunt. Hij zegde toe alle kunstwerken in zijn collectie die de nazi's van Joden hebben geroofd, terug te geven. Als eerste kunstwerk wilde hij het schilderij 'Femme Assise' (Zittende vrouw) van Matisse teruggeven aan de nabestaanden van de Parijse kunstverzamelaar Paul Rosenberg.