Duitse bieren bevatten 'mogelijk kankerverwekkend' landbouwgif

In deze 14 populaire Duitse bieren werden concentraties glyfosaat aangetroffen.
Samuel Schlagintweit In deze 14 populaire Duitse bieren werden concentraties glyfosaat aangetroffen.
Veertien populaire Duitse bieren bevatten sporen van glyfosaat, de meestgebruikte onkruidverdelger in de landbouw wereldwijd. Dat stelde een milieugroepering uit München vast. In één van de bieren werd 300 keer de hoeveelheid glyfosaat aangetroffen die in drinkwater is toegestaan. De Duitse landbouwminister Schmidt stelt dat er geen gevaar is voor de bierdrinker. Toxicoloog Jan Tytgat van de KU Leuven van zijn kant wijst erop dat glyfosaat door de Amerikaanse gezondheidsautoriteit als 'vermoedelijk kankerverwekkend' wordt bestempeld. Hij pleit voor nieuw onderzoek alvorens Europa de vergunning voor het pesticide Roundup van Monsanto verlengt.

De hoogste concentratie glyfosaat die in één van de biermerken werd aangetroffen, bedroeg 30 microgram per liter, 300 keer de toegelaten hoeveelheid in drinkwater. Glyfosaat werd ook aangetroffen in urine en moedermelk van jonge Duitsers.

Op velden gesproeid
Het onderzoek is een zware klap voor het vijf eeuwen oude Duitse 'Reinheitsgebot', dat stelt dat bier enkel water, mout en hop mag bevatten.

De Duitse landbouwfederatie wijst elke verantwoordelijkheid af en stelt dat het directe gebruik van glyfosaat op gerst - dat in mout wordt omgezet - verboden is. Ze erkent dat het chemisch spul op velden kan gesproeid worden voor de gerst wordt gezaaid.

Roundup
Glyfosaat wordt wereldwijd als onkruidverdelger gebruikt, onder meer onder de merknaam Roundup, een product van de Amerikaanse landbouwgigant Monsanto. Dat verkoopt elk jaar wereldwijd voor 4,7 miljard euro aan Roundup.

Europese vergunning
Begin volgende maand wil de Europese Commissie de vergunning voor het gebruik van glyfosaat in de landbouw verlengen voor de komende 15 jaar. De huidige licentie voor Europa verloopt de komende zomer. Het Europees Parlement moet daarrond stemmen, het Europees Voedselagentschap gaf al een positief advies. Het agentschap stelt dat het niet bewezen is dat glyfosaat kanker verwekt. De Amerikaanse Food and Drug Administration daarentegen is van oordeel dat glyfosaat 'vermoedelijk kankerverwekkend' is. De Wereldgezondheidsorganisatie bestempelde glyfosaat vorig jaar in een rapport als 'vermoedelijk kankerverwekkend voor mensen'.

De onkruidverdelger Roundup, product van Monsanto.
Kos De onkruidverdelger Roundup, product van Monsanto.

"Verontrustend"
Toxicoloog-farmacoloog Jan Tytgat noemt de resultaten van de Duitse studie op Radio 1 verontrustend. "Er is nooit grondig onderzocht wat de impact van het gebruik van dergelijke herbiciden is. Vermoedelijk gebeurt de besmetting via het water, of via hop of graan. Het is belangrijk dat we ons daarover bezinnen. Of het kanker veroorzaakt, is natuurlijk afhankelijk van de dosis. Er zijn ook verschillende herbiciden op basis van glyfosaat. Een recent overzichtsartikel van 12 onafhankelijke wetenschappers stelt dat bezorgdheid op zijn plaats is. Sinds 1974 wordt dit middel in de landbouw gebruikt, het gaat over duizenden tonnen".

Tytgat pleit voor nieuwe studies om de politiek correct te informeren. "Het is raadzaam dat de beleidsmakers wachten op de resultaten van modern toxicologisch onderzoek alvorens een nieuwe vergunning wordt toegekend".

Haast onvermijdelijk
Sarah Wiener, een Oostenrijkse tv-kok en pleitbezorgster van organische voeding, wijst erop dat het vermijden van pesticides in voeding bijna onmogelijk is. "Ik leef zo ecologisch mogelijk en ik koop enkel organische voeding, maar ook in mijn urine bleek glyfosaat te zitten. Het wordt overal gesproeid. Langs spoorlijnen, in privétuinen en bij de productie van voedingsmiddelen. Terwijl het niet nodig is indien we goede landbouwgewoontes toepassen zoals het inploegen van onkruid in plaats van onkruid te bombarderen".

Toxicoloog-farmacoloog Jan Tytgat.
RV Toxicoloog-farmacoloog Jan Tytgat.

"Sinds 1974 wordt dit middel in de landbouw gebruikt, het gaat over duizenden tonnen"

Jan Tytgat van de KU Leuven