Braziliaanse interim-president was informant voor Washington

De Braziliaanse interimpresident Michel Temer.
Getty Images De Braziliaanse interimpresident Michel Temer.
Michel Temer, de man die zichzelf tot president van Brazilië wist te manoeuvreren, speelde toen hij nog "gewoon" parlementsafgevaardigde was, politieke informatie door aan de Amerikaanse inlichtingendiensten en het Pentagon. Dat blijkt uit documenten die vandaag door klokkenluiderssite Wikileaks werden gepubliceerd. Het document dateert van 11 januari 2006. Temer was destijds bezorger van "gevoelige" informatie aan de Amerikaanse ambassade, aldus Wikileaks.

Temer is sinds gisteren waarnemend staatshoofd van Brazilië: ook de Senaat stemde toen voor het starten van een afzettingsprocedure tegen presidente Dilma Rousseff. Rousseff, van de Arbeiderspartij PT, bestempelde de machtsovername als een "parlementaire staatsgreep".

Rousseff noemde Temer gisteren een "usurpator". Nog geen jaar geleden had de man als vicepresident nog gesteld dat de afzetting van Rousseff "ondenkbaar" is, wegens het ontbreken van "een politieke en juridische basis" daarvoor.

Een eerste ingreep van de nieuwe regering - het schrappen van het ministerie van Cultuur - werd vandaag alvast niet op gejuich onthaald door de Braziliaanse kunstwereld. Het samenvoegen van Onderwijs en Cultuur past in de verwachte strategie van Temer: besparingen, afslanken en de economie "hervormen " door weer de neoliberale toer op te gaan. Dat betekent weer betere handelscontacten met Washington, minder met de BRICS-partners (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika).

Ook bij Justitie is de "nieuwe" wind merkbaar. Minder dan 24 uur nadat de hoogste rechtbank in Brazilië groen licht gaf voor het openen van een onderzoek wegens corruptie tegen senator Aecio Neves, de verliezende presidentskandidaat van 2014, schortte diezelfde rechtbank haar eigen vonnis op.

Overigens hoeft de regering-Temer niet terug te schrikken voor het nemen van onpopulaire maatregelen: in de peilingen mag de 75-jarige Temer rekenen op twee tot drie procent steun van de bevolking, een cijfer dat amper kan dalen.