AKP staat voor nieuwe en zware uitdaging: een regeringsvorming

Na twaalf jaar van alleenheerschappij staat Turks president Erdogans AK-partij voor een nieuwe en meteen zware opgave: een regeringspartner vinden. Na de stembusgang van gisteren blijft de islamitisch-conservatieve AKP veruit de grootste partij in Turkije, maar niet geheel onverwacht stemmen- en zetelverlies betekende meteen het verlies van de absolute parlementsmeerderheid. Opvallend is dat vandaag al stemmen opgingen voor nieuwe verkiezingen. Maar volgens vicepremier Numan Kurtulmus gaat Turkije toch eerst "een coalitieregering uitproberen". Nieuwe verkiezingen zijn "onwaarschijnlijk".

Door de hoge kiesdrempel, tien procent, geeft het nieuwe parlement onderdak aan amper vier partijen. Er zijn dus, theoretisch, drie partners mogelijk voor Erdogans formatie.

Eén partij valt sowieso als partner af: de pro-Koerdische HDP. Die partij -eerder links, liberaal en seculier- nam zondag met ongeveer 13 procent voor het eerst de hoge horde, tot spijt van Erdogan en co. Erdogan had in de verkiezingscampagne overigens herhaaldelijk scherp naar de HDP uitgehaald, hoewel zijn ambt strikte neutraliteit vereist. De HDP is namelijk de oorzaak van alle ellende voor de AKP: mocht de pro-Koerdische beweging onder de drempel zijn uitgekomen, gingen al die zetels naar de AKP. De HDP is bovendien mordicus tegen het "sterk presidentieel systeem" dat Erdogan wou introduceren - in de ogen van de HDP een eufemisme voor een dictatuur.

Minderheidsregering?

Blijven dus nog twee mogelijkheden over: het centrumlinkse CHP, dat ongeveer 25 procent haalde (een status quo tegenover 2011) of het uiterst rechtse MHP, dat met 16 procent de derde grootste politieke formatie in Turkije vormt. Er is nog een derde uitweg: de AKP vormt een minderheidsregering met gedoogsteun vanuit de oppositie.

Binnen de 45 dagen moet een oplossing uit de hoge hoed worden getoverd. Vindt het nieuwe parlement dan nog steeds geen regeringsmeerderheid, kan Erdogan inderdaad nieuwe verkiezingen uitschrijven. Die moeten dan weer ongeveer drie maanden later plaatshebben.

Waarnemers hekelen campagne

Internationale waarnemers hebben de parlementsverkiezingen "in principe" als vrij omschreven, maar tegelijkertijd de voorwaarden van de verkiezingsstrijd gehekeld.

Positief was de hoge kiesopkomst -volgens CNN Türk rond de 84 procent-, luidde het in een verklaring van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE). De organisatie had echter kritiek op de hoge kiesdrempel van tien procent. Bovendien werd er tijdens de verkiezingsstrijd druk uitgeoefend op de media en kritische journalisten. En de tot neutraliteit verplichte president Recep Tayyip Erdogan heeft "een actieve rol in de verkiezingsstrijd" gespeeld, hekelde de OVSE verder.

Maar toch trok de directeur van het Mensenrechtenbureau van de OVSE (ODIHR), Michael Georg Link, een positieve balans. "De Turkse kiezers hebben tegen de heerschappij van een enkele man of een enkele partij gestemd. Dat is des te opvallender, rekening houdend met de persoonlijke verkiezingsstrijd van de president voor een partij en met het oog op de verslaggeving ten gunste van de regeringspartij", zei hij tegen het Duitse persbureau dpa.

Turks president Erdogan.
AFP Turks president Erdogan.