"Tests met ebolamedicijn positief voor sommige patiënten"

Een ebolapatiënt krijgt het experimentele medicijn toegediend.
EPA Een ebolapatiënt krijgt het experimentele medicijn toegediend.
Bij patiënten die nog niet te veel ebolavirusdeeltjes in hun bloed hebben, verlaagt een behandeling met het experimentele medicijn Favipiravir van het Japanse bedrijf Toyama Chemical het sterftecijfer. Maar voor patiënten met veel ebolavirusdeeltjes helpt het medicijn niet. Dat blijkt uit de eerste resultaten van een klinisch onderzoek.

Op 17 december begon de klinische studie in het ebolacentrum van Artsen zonder Grenzen in Guéckédou in Guinee, het epicentrum van de epidemie, onder leiding van het Franse onderzoeksinstituut Institut national de la santé et de la recherche médicale (Inserm). Later namen ook patiënten uit de klinieken in N'Zérékoré en Macenta deel. Het onderzoek is nog niet helemaal afgerond.

"Onze patiënten krijgen de volledige uitleg over het medicijn en het onderzoek en mogen kiezen of ze deelnemen of niet", zegt dr. Annick Antierens, die voor Artsen zonder Grenzen het klinisch onderzoek leidt. "Patiënten die de experimentele behandeling liever niet willen, krijgen die natuurlijk niet. Zij krijgen wel alle andere ondersteunende zorg."

Totnogtoe heeft in Guéckédou geen enkele patiënt geweigerd om mee te doen aan de studie. "Bij veel patiënten was er zelfs een zekere trots. Heel de wereld wacht op een geneesmiddel tegen ebola, en zij zijn fier dat ze kunnen helpen", zegt Julien Demeuldre, een verpleger van Artsen zonder Grenzen die aan het hoofd stond van de kliniek in Guéckédou. "Maar er heerst zeker geen overdreven optimisme. De mensen hebben geen valse hoop. Ze kennen ebola, ze weten dat de kans groot is dat ze, experimenteel medicijn of niet, zullen sterven."

Ook bij het verzorgende personeel is er fierheid op de medewerking van hun behandelingscentrum voor het medische onderzoek. En ook bij hen overheerst het realisme. "We zagen dat de behandeling effect had op sommige patiënten, en op andere niet. Sommigen genazen, anderen stierven", zegt Julien Demeuldre. "Hoe dat kwam, wisten we niet."

Niet voor kinderen

Vandaag wordt er een verklaring naar voor geschoven door Inserm: voor patiënten die relatief weinig virusdeeltjes in hun bloed hadden, kan Favipiravir het verschil maken. De kans om te sterven in die groep patiënten daalde van 30 naar 15 procent. Maar voor patiënten met meer virusdeeltjes, en voor kleine kinderen, helpt het medicijn niet.

"Er is meer onderzoek nodig", stelt dr. Annick Antierens. "Dit zijn voorlopige resultaten, die moeten bevestigd worden en het onderzoek loopt nog. Voor een belangrijke groep patiënten, zij die er het slechtst aan toe zijn, is er bovendien geen goed nieuws. Favipiravir is duidelijk geen wondermedicijn."

Het onderzoek naar Favipiravir wordt dan ook voortgezet in Guinee. Tegelijk worden ook andere pistes onderzocht. In het ebolabehandelingscentrum van Artsen zonder Grenzen in de Guineese hoofdstad Conakry loopt momenteel een klinisch onderzoek met het toedienen aan patiënten van bloedplasma van genezen volwassen vrijwilligers, dat antistoffen bevat tegen het ebolavirus. Eind februari begint Artsen zonder Grenzen met een onderzoek voor een experimenteel ebolavaccin, ook in Guinee.

In de getroffen regio in West-Afrika (Guinee, Liberia, Sierra Leone en Nigeria) werken zo'n 300 internationale medewerkers van AZG, onder wie een 20-tal Belgen, naast 3.500 lokale gezondheidswerkers.