'Gelekte' ex-CIA-agente krijgt ongelijk in beroep

Valerie Plame (r) en haar man Joseph Wilson.
UNKNOWN Valerie Plame (r) en haar man Joseph Wilson.

Het verzoek van Valerie Plame, een voormalige CIA-agente van wie de naam in 2003 aan de media bekendgemaakt werd, is door een federaal hof van beroep in de Verenigde Staten afgewezen. De vrouw ging in beroep tegen functionarissen van het Witte Huis die ervan verdacht worden aan de basis te liggen van het lek.

In juli 2003 beschuldigde Plames man, de voormalige Amerikaanse ambassadeur Joseph Wilson, de regering-Bush ervan de bedreiging die Irak vormde te overdrijven om de invasie te rechtvaardigen. Daarop volgden verschillende artikels in de pers waarin onthuld werd dat zijn vrouw een CIA-agente was. De identiteit van een geheim agent vrijgeven, is strafbaar in de VS.

Schadevergoedingen
Plame en haar man trokken in juli 2006 naar een burgerlijke rechtbank tegen onder meer vicepresident Dick Cheney en eisten "rechtvaardige" schadevergoedingen voor het overtreden van hun grondwettelijke rechten en van hun rechten in verband met het privéleven. In juli 2007 werd hun verzoek een eerste keer ongegrond verklaard.

Niet geldig
De rechters van het federale hof van beroep van het District of Columbia (Washington) bevestigen nu die uitspraak. Het verwierp de klacht van Plame en Wilson, omdat het Congres, toen het de Amerikaanse wet over de bescherming van het privéleven stemde, niet voorzag dat die geldt voor "kabinetten van de president en de vicepresident". Het echtpaar diende namelijk een klacht in tegen de ex-kabinetschef van George W. Bush, Karl Rove, en die van Dick Cheney, de reeds veroordeelde Lewis 'Scooter' Libby.

Nationale veiligheid
Een ander door de rechters ingeroepen motief is dat de klacht zou leiden tot "een onvermijdelijke inmenging van het gerechtelijke apparaat in zaken van nationale veiligheid en gevoelige informatie over de Amerikaanse inlichtingendiensten". Het hof liet voor Plame daarentegen wel de mogelijkheid open om Richard Armitage, de voormalige viceminister van Buitenlandse Zaken van de regering-Bush, aan te klagen in verband met de bescherming van het privéleven.

Libby
Tot nu toe werd enkel Libby vervolgd: hij werd in juni 2007 veroordeeld tot een celstraf van 2,5 jaar en een boete van 250.000 dollar voor obstructie van het gerecht, valse getuigenis en meineed. Vervolgens kreeg de man gedeeltelijke gratie van president Bush, zodat hij niet naar de gevangenis hoefde. Die beslissing zorgde voor behoorlijk wat verontwaardiging. (belga/bf)