"Geen bewijs voor vergiftiging Öcalan"

(archieffoto's)
UNKNOWN (archieffoto's)

Er zijn geen bewijzen voor de beschuldiging dat de gevangen Koerdische rebellenleider Abdullah Öcalan door zijn Turkse bewakers wordt vergiftigd. Dat zegt de speciale commissie ter voorkoming van marteling van de Raad van Europa.

Haarmonsters
De commissie zegt dat uit onderzoek van haarmonsters van de 59-jarige Öcalan is gebleken dat die geen sporen bevatten van strontium en chromium, giftige stoffen die Öcalan volgens zijn advocaten stelselmatig gedurende lange tijd zijn toegediend. Öcalan zit sinds 1999 vast op het gevangeniseiland Imrali in de Zee van Marmara.

Experts
De commissie stuurde vorig jaar mei een groep onafhankelijke medische experts naar Imrali om de beschuldigingen te onderzoeken. Het ging om het vierde bezoek aan Öcalan sinds 1999, om vast te stellen of hij wordt behandeld volgens de internationale normen. Ofschoon de commissie constateert dat Öcalan niet wordt vergiftigd, doet zij wel de aanbeveling om uit voorzorg om de drie maanden bloedonderzoek te doen.

Ernstige kritiek
Ook heeft de commissie ernstige kritiek op de behandeling van de voormalige PKK-leider. De commissie vindt dat de Turkse autoriteiten het isolement waarin Öcalan wordt vastgehouden moeten opheffen, omdat zijn geestelijke gezondheid daar onder te lijden heeft. Hij moet toegang krijgen tot kranten en televisie. Ook moet hij vaker bezoek van familieleden en advocaten kunnen ontvangen.

Doodvonnis
Öcalan werd aanvankelijk na zijn arrestatie in 1999 ter dood veroordeeld. Dat vonnis werd in 2002, toen Turkije de doodstraf afschafte, omgezet in levenslang. (novum/sam)