"Duizenden doden in Zuid-Soedan"

REUTERS
Het Zuid-Soedanese leger heeft vandaag de belangrijke stad Bor heroverd op de rebellen, een week nadat de hoofdstad van de staat Jonglei was gevallen. Dat deelde de minister van Informatie, Michael Makwei, mee. De VN geloven dat het dodental in Zuid-Soedan inmiddels in de duizenden loopt. Dat heeft humanitair coördinator van de Verenigde Naties Toby Lanzer vandaag tegen de BBC gezegd.

"Het leger nam Bor op het einde van de dag in, de rebellentroepen zijn op de vlucht", verklaarde minister Michael Makwei. "Dit is het geschenk van de regering van Zuid-Soedan aan de bevolking." Hoewel hij verzekerde dat het leger opnieuw de volledige controle over de stad heeft, gaf hij toch toe dat er nog geschoten wordt. Meer details verstrekte hij niet.

De stad ligt op ongeveer 200 kilometer ten noorden van de hoofdstad Juba. Bor viel op 19 december in handen van de rebellen die trouw zijn aan de voormalige vicepresident Riek Machar, na een belegering die een week duurde. Ongeveer 17.000 burgers sloegen op de vlucht.

Zuid-Soedan is sinds 15 december ten prooi gevallen aan intensieve gevechten. President Kiir had zijn voormalige vicepresident beschuldigd van een staatsgreep te willen ondernemen. Machar, die in juli is ontslagen, deelde uiteindelijk mee bereid te zijn met zijn rivaal te onderhandelen.

Massagraven
Na een week van gevechten en moorden tussen de groepen van president Kiir en voormalig vicepresident Machar, zijn duizenden Zuid-Soedanezen omgekomen, stelt het hoofd van de humanitaire VN-missie in het land, Toby Lanzer. "Voor mij bestaat er geen twijfel, de balans bereikt duizenden doden", klonk het. "Toen ik ging kijken in de ziekenhuizen in de belangrijke plaatsen en de hoofdstad (Juba) zelf, en de verwondingen zag, dan is dit niet langer een situatie waarin we kunnen zeggen dat honderden mensen het leven hebben verloren', zei Lanzer in de stad Bentiu.

VN-medewerkers hebben een massagraf aangetroffen in die stad, in de olierijke deelstaat Unity. Nog minstens twee andere massagraven zouden in de hoofdstad Juba zijn ontdekt, dat deelde de hoge commissaris voor de mensenrechten van de Verenigde Naties, Navi Pillay, vandaag in Genève mee. Volgens tellingen van VN-diplomaten zou het om minstens 75 lijken gaan. Strijders van de stammen Dinka en Nuer maken zich volgens ooggetuigen op grote schaal schuldig aan moordpartijen.

Het conflict dreigt almaar meer in een burgeroorlog te ontaarden en volgens Pillay stapelen de misdaden tegen de menselijkheid zich ook op. "De afgelopen dagen is er massaal melding gemaakt dat mensen gedood of aangevallen werden wegens hun etnische afkomst." Pillay riep de Zuid-Soedanese regering op, niet verder aan te zetten tot geweld en op zoek te gaan naar een vreedzame oplossing.

Ongeveer 80.000 mensen zijn op de vlucht voor de gewelddadigheden. Ongeveer de helft van hen probeert bescherming te krijgen bij VN-complexen.

Zuid-Soedanese president Salva Kiir (rechts) en voormalig vicepresident Riek Machar in juli 2013.
REUTERS Zuid-Soedanese president Salva Kiir (rechts) en voormalig vicepresident Riek Machar in juli 2013.
Het Wereldvoedselprogramma zond hulp naar Juba, de voedselpakketten worden bij de VN-missie uitgeladen.
AP Het Wereldvoedselprogramma zond hulp naar Juba, de voedselpakketten worden bij de VN-missie uitgeladen.
12.000 mensen van de Nuer-stam zochten onderkomen bij de Verenigde Naties.
REUTERS 12.000 mensen van de Nuer-stam zochten onderkomen bij de Verenigde Naties.