Voorbeschouwing. Hoe staan de Franstalige partijen ervoor?

MR-vicepremier Didier Reynders en premier Charles Michel hopen voor hun partij de meubels te kunnen redden.
BELGA MR-vicepremier Didier Reynders en premier Charles Michel hopen voor hun partij de meubels te kunnen redden.
Deze week focussen we in aanloop naar de verkiezingen op de partijen. Hoe staan ze ervoor, en wat staat er voor hen op het spel? Vandaag: de Franstalige partijen.

Alle hens aan dek bij MR

De aanloop naar de verkiezingen is altijd een beetje spitsroeden lopen, maar dit keer lijkt dat vooral voor de MR op te gaan. De Franstalige liberalen krijgen te maken met slechte peilingen, dissidente parlementsleden en een veelgeplaagde premier van een minderheidsregering in lopende zaken. De tweede partij blijven in Franstalig België lijkt uitdaging nummer één.

De Franstalige liberalen begonnen de legislatuur in 2014 veelbelovend. De MR stapte als enige Franstalige partij in de federale regering, en mocht meteen ook de premier leveren. De jonge Charles Michel brandde van ambitie. De pensioenleeftijd moest op termijn naar 67 jaar, er kwam een indexsprong, een taxshift en een jobsdeal.

Maar een kanseliersbonus lijkt er voor Michel en co niet in te zitten. In de peilingen krijgt de MR klappen. In vergelijking met 2014 zou ze meer dan 7 procentpunt verliezen en belandt ze ruim onder de 20 procent, terwijl de Franstalige groenen van Ecolo er met meer dan 13 procentpunt op vooruitgaan en zoals het er nu naar uitziet over de MR springen naar de tweede plaats. 

Ook in Wallonië zaten de liberalen in de regering, zij het pas vanaf de zomer van 2017 toen cdH de PS eruit bonjourde en de MR mee aan boord nam. De partij mocht met Willy Borsus ook meteen de minister-president leveren. Maar de Waalse ploeg had geen enkele zetel op overschot, wat nefast bleek voor de beslissingskracht.

De liberalen kregen op het einde van de legislatuur nog af te rekenen met een dissidente Alain Destexhe. Het Brussels parlementslid en senator, altijd al een rechts buitenbeentje bij MR, stapte uit de partij en richtte zijn eigen lijst op. De Listes Destexhe trok twee Waalse parlementsleden aan, wat de Waalse regering meteen haar meerderheid in het parlement kostte.

De MR heeft het met andere woorden niet gemakkelijk. Ook de resultaten van de gemeenteraadsverkiezingen in oktober vielen ronduit tegen. In een poging het tij te keren, voerden de liberalen een aantal veranderingen door in de partijtop. Zo is Georges-Louis Bouchez sinds kort de nieuwe politieke woordvoerder. Hij was één van de weinige MR-kopstukken die er in oktober wel op vooruitging. Bouchez moet de rechterflank afdekken na het vertrek van Destexhe. Zo koketteert de Bergense liberaal graag met zijn nauwe banden met N-VA’er Theo Francken. Intussen moest partijvoorzitter Olivier Chastel wijken voor premier Michel zelf, die het voorzitterschap sindsdien combineert met zijn job als regeringsleider.

PS op zoek naar de reconquista

Ondanks Publifin, Samusocial en het fiasco in de Waalse regering blijft de PS in de peilingen de grootste partij in Franstalig België. De socialisten zijn er na vijf jaar oppositie op gebrand om na mei opnieuw het federale heft in handen te nemenIn de peilingen doet de partij het nochtans niet bijster goed. De PS blijft wel ruim de grootste, onder meer door nog forser verlies van de liberalen, maar gaat er wel meer dan zes procentpunt achteruit. De extreemlinkse PTB en vooral de groenen van Ecolo profiteren.

Maar aan optimisme geen gebrek bij de Franstalige socialisten. 2019 moet het jaar van de ‘remontada’ - comeback - en de ‘reconquista’ - herovering - worden, zei voorzitter Di Rupo begin dit jaar in zijn nieuwsjaarstoespraak. “Wij zijn het enige geloofwaardige linkse alternatief.”

Die reconquista krijgt vorm in een aantal concrete voorstellen, allemaal klassiekers uit de socialistische stal en vooral - benadrukt Di Rupo - het tegengestelde van het centrumrechtse beleid van de laatste jaren. Zo wil de PS de pensioenleeftijd terug naar 65 brengen, een bezoek aan de huisarts en tandarts gratis maken, het minimumloon optrekken tot 14 euro per uur en de btw op elektriciteit, protheses, brillen en hoorapparaten verlagen van 21 naar 6 procent. 

Op vlak van klimaat - de laatste maanden en weken uitgegroeid tot een van de verkiezingsthema’s bij uitstek - zien de socialisten heil in wat ze het ‘ecosocialisme’ noemen. Ecologische maatregelen die tegelijkertijd sociaal zijn, dus. Zo willen ze meer inzetten op schone mobiliteit, circulaire economie en isolatie. Dat laatste moet tegelijkertijd ook de energiefactuur drukken.

De bedoeling van dat alles? De PS opnieuw aan tafel krijgen op alle bestuursniveaus. “Eén rechtse legislatuur was al voldoende om een groot deel van de bevolking in de problemen te krijgen. De enige manier om dat te stoppen, is om de PS terug te brengen op alle niveaus”, dixit Di Rupo.

Dat vertaalt zich in verschuivingen op de lijsten. De ‘usual suspects’ worden geflankeerd door een nieuwe generatie van kandidaten, terwijl een deel van de oude garde intussen een stapje opzij heeft gezet. Voormalig minister van Justitie en Kamerfractieleidster Laurette Onkelinx deed dat in de herfst van 2017 al. Zij maakte plaats voor Kamerlid Ahmed Laaouej. De voorzitter zelf doet dat voorlopig echter niet. Di Rupo blijft op post, terwijl zijn gedoodverfde opvolger Paul Magnette naar Europa werd versluisd. Hij trekt de Europese lijst, maar gaf zelf al aan dat hij niet van plan is in Straatsburg te zetelen.

Als de gemeenteraadsverkiezingen van oktober een goede graadmeter zijn, doet de PS het straks lang niet zo slecht. Wallonië werd net als Vlaanderen overspoeld door de spreekwoordelijke ‘groene golf’, maar de socialisten konden ondanks het verlies de grote steden wel behouden. Afgelopen najaar zei Elio Di Rupo nog dat zijn voorkeur voor Wallonië uit gaat naar een coalitie met groenen en DéFI. Een samenwerking met N-VA sluit hij - net als N-VA-voorzitter Bart De Wever trouwens - uit. Maar zeg nooit nooit.

Elio Di Rupo hoopt dat 26 mei voor de PS de dag van de ‘remontada’ en ‘reconquista' wordt.
BELGA Elio Di Rupo hoopt dat 26 mei voor de PS de dag van de ‘remontada’ en ‘reconquista' wordt.

Ecolo rekent op groene golf

Voor Ecolo staat er op 26 mei veel op het spel. Komen de peilingen uit, dan kunnen ze de decimering van vijf jaar geleden achter zich laten. Ecolo begint de verkiezingscampagne alvast onder een gunstig gesternte. Het klimaat is al maanden niet meer uit de journaals weg te slaan, en dat vertaalt zich in de peilingen. In Wallonië zou de partij de tweede worden met 22 procent van de stemmen, na de PS. In Brussel strijden Ecolo en PS om plaats één.

Ecolo ging bij de gemeenteraadsverkiezingen vrijwel over de hele lijn vooruit, al blijft de partij wel nog achter in vergelijking met de grote partijen als PS en MR. In mei moet het nog beter, kondigden verschillende kopstukken al aan. Besturen is de ambitie. Co-voorzitter Patrick Dupriez heeft alvast een stap opzij gezet voor het cameragenieke Kamerlid Jean-Marc Nollet, zijn collega Khattabi is uitgesproken kandidaat Brussels minister-president, terwijl ook de namen van Jean-Michel Javaux, Stéphane Hazée of Georges Gilkinet circuleren voor een eventuele ministerpost.

Maar besturen is altijd gevaarlijk, weet ook Ecolo. In 2014 verloor de partij in Wallonië bijna 10 procentpunt en eindigde ze op amper 8 procent van de stemmen. Dat ze het dit keer een pak beter doet, is nagenoeg zeker.

Ecolo-voorzitter Jean-Marc Nollet hoopt op een overwinning voor zijn partij in mei.
Photo News Ecolo-voorzitter Jean-Marc Nollet hoopt op een overwinning voor zijn partij in mei.

CdH moet in de eerste plaats zien te overleven

Alles wat de voorbije weken fout kon lopen, is fout gelopen voor cdH. Het cdH haalde in 2014 15 procent van de stemmen in Wallonië en kon samen met de PS toetreden tot de Waalse regering. Maar in 2016 kregen de Franstalige humanisten een klap te verwerken. Joëlle Milquet, op dat moment minister van Onderwijs en Cultuur in de Franse gemeenschapsregering, nam in april ontslag nadat ze in opspraak kwam voor verdachte aanwervingen op haar kabinet toen ze nog minister van Binnenlandse Zaken was in de federale regering.

In juni trok toenmalig voorzitter Benoît Lutgen dan de stekker uit de alliantie met de PS, ingegeven door het Publifin-schandaal. Zonder overleg kondigde hij aan niet langer met de PS in een regering te willen zitten. In Wallonië nam het cdH de MR mee aan boord, maar in Brussel en de Franse gemeenschap bleven de coalities ondanks lange discussies overeind, vooral bij gebrek aan beter. De verstandhouding met de PS verzuurde helemaal, en de regering waarin de twee noodgedwongen moeten samenwerken, verzeilden in het slop. 

Eind januari probeert cdH het tij te keren. Voormalig Waals vice-minister-president en burgemeester van Namen Maxime Prévot vervangt Benoît Lutgen als voorzitter. De man is graag gezien, liep een tot nog toe foutloos parcours en deed het tijdens de gemeenteraadsverkiezingen in oktober erg goed in zijn Namen. Prévot heeft een hipper, stedelijker imago dan zijn voorganger, spreekt relatief goed Nederlands en haalt de banden met de Vlaamse zusterpartij CD&V opnieuw aan.

“Le cdH est de retour”, verkondigt Prévot aanvankelijk, maar dat blijkt voorlopig ijdele hoop. In de eerste maanden van zijn voorzitterschap kondigen verschillende kopstukken hun vertrek uit de politiek aan. Joëlle Milquet is daar de bekendste van: zij blijft liever bij de Europese Commissie. Een klap voor cdH, dat op Milquet rekende om de Brusselse lijst te trekken. Ook Kamerlid Francis Delpérée gooit de handdoek in de ring.

Bijna tegelijkertijd barst de affaire-Fourny los. Dimitri Fourny, fractieleider voor cdH in het Waals parlement en burgemeester van Neufchâteau wordt in verdenking gesteld voor verkiezingsfraude. Ook hij laat verstek voor de verkiezingen in mei. Opnieuw een opdoffer voor cdH, want Fourny kon doorgaans op heel wat stemmen rekenen.

Helaas voor cdH vertaalt dat alles zich duidelijk in de peilingen. In de meest recente barometer scoort de partij onder de 10 procent in Wallonië, een verlies van bijna 5 procentpunt in vergelijking met 2014. In Brussel verliest de partij ruim 2 procentpunt en valt ze terug tot 7 procent.

Al moeten de Franstalige humanisten nog niet helemaal wanhopen. De partij doet het op verkiezingsdag meestal beter dan de peilingen voorspellen. Bovendien kan ze een rol van betekenis in de coalitievorming spelen. In Wallonië kan ze nodig zijn om een linkse coalitie van PS en Ecolo aan een meerderheid te helpen, federaal speelt ze misschien een rol als zusterpartij CD&V tot de nieuwe coalitie toetreedt.

Maxime Prévot is sinds begin dit jaar de nieuwe voorzitter van cdH.
BELGA Maxime Prévot is sinds begin dit jaar de nieuwe voorzitter van cdH.

 DéFI moet opletten voor de vergeetput

Geen al te best resultaat in oktober, geen opvolging voor sterke man Olivier Maingain en peilingen ver onder de kiesdrempel: voor de Franstalige links-liberalen van DéFI wordt het straks pompen of verzuipen.

DéFi, destijds FDF, zag in de jaren 60 het levenslicht. De partij was toen nog een beweging van Brusselse Franstaligen tegen taalwetgeving, maar is intussen geëvolueerd tot een partij van links-liberale strekking. De verankering in Brussel is wel gebleven, al is de partij met iets minder succes ook actief in Wallonië.

In 2011 brak FDF met MR na een dispuut over de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde, en in 2015 veranderde ze haar naam in DéFI, Frans voor ‘uitdaging’. Maar het sociaalliberale verhaal slaat niet goed aan. Als de gemeenteraadsverkiezingen van oktober een voorbode zijn, dan ziet het er niet goed uit. Nochtans waren Maingain en co aanvankelijk dé winnaars van de politieke crisis in Franstalig België. Samusocial en Publifin dreigden de Franstalige socialisten de das om te doen, en DéFI peilde plots op meer dan 18 procent van de stemmen. Maingain werd zelfs even genoemd als kandidaat Brussels minister-president.

In realiteit bleef van die peilingen niet veel meer over. In Brussel viel het al bij al nog mee, al maakte de partij de hooggespannen verwachtingen er niet waar. In Wallonië deed de partij het ronduit slecht. Maingain had op voorhand op een hondertal gemeenteraadszitjes gehoopt, maar de partij haalde maar 50 verkozenen. 

Op de koop toe verliest DéFI in de aanloop naar mei een aantal belangrijke kopstukken. Maingain zelf moet zich door de eigen decumulregels beperken tot één mandaat, en hij verkiest de sjerp in Sint-Lambrechts-Woluwe. Hij verlaat dus de Kamer. Brussels minister Didier Gosuin maakte begin dit jaar bekend dat hij stopt met de actieve politiek.

Blijven nog over: onder meer Brussels minister Cécile Jodogne, Schaarbeeks burgemeester Bernard Clerfayt, Brussels parlementslid Joëlle Maison, fractieleider in het Brussels parlement Emmanuel De Bock en Fabian - zoon van - Maingain, allemaal in Brussel. In Wallonië telt de partij amper kopstukken.

DéFI wil de kiezer verleiden met een “alternatief tussen het liberalisme van MR en het collectivisme van de PS”, en wil onder meer stevig herfederaliseren, kondigde Maingain eind maart nog aan. Maar dat verhaal lijkt niet echt aan te slaan. In de Waalse peilingen haalt de partij amper 3,9 procent. In Brussel gaat de partij er met meer dan 2 procentpunt achteruit en valt ze met 8,5 procent terug tot de vierde partij, ingehaald door PVDA en op de hielen gezeten door cdH. In de Kamer zou DéFI nog slechts één van zijn twee zetels overhouden.

Olivier Maingain verlaat na de verkiezingen de Kamer.
BELGA Olivier Maingain verlaat na de verkiezingen de Kamer.



1 reactie

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Freddy De Speer

    De PTB vergeten ! Nochtans geen kleine partij de de Franstaligen. Vergetelheid ?