Talmende politieman wordt achter gesloten deuren berecht

PHOTO_NEWS
De politieman die te lang zou getalmd hebben om een tip over de aanslag op het Joods Museum door te geven aan de antiterrorismecel van de Brusselse federale gerechtelijke politie, zal achter gesloten deuren terechtstaan. Dat heeft de Brusselse correctionele rechtbank beslist. Het proces zal plaatsvinden op 10 september.

Na de aanslag op het Joods Museum, die op 24 mei 2014 vier dodelijke slachtoffers maakte, verspreidde het Brusselse gerecht beelden van de aanslag. In de dagen daarop kreeg een lid van de lokale informantendienst Brussel van de federale politie een tip. De tipgever zei de kalasjnikov op de beelden te herkennen als een wapen dat pas in het milieu zou zijn verkocht. De politieman kreeg van een hogergeplaatste officier de opdracht om onmiddellijk een vertrouwelijk rapport op te stellen maar talmde daarmee, waardoor de antiterrorismecel van de federale politie niet op de hoogte was van de info. De vermoedelijke dader van de aanslag, Mehdi Nemmouche, slaagde er intussen in naar Frankrijk te vluchten.

Achteraf bleek dat de tip niet ging om het wapen waarmee de aanslag werd gepleegd maar desondanks besliste het Brusselse parket de betrokken politieman te vervolgen. Dat proces werd donderdag ingeleid maar omdat bij de behandeling van het dossier de werking van de informantendienst ter sprake zou komen en dat zeer gevoelige informatie is, vroeg het parket om de zaak achter gesloten deuren te behandelen. De rechtbank ging op die vraag in en stelde het proces uit tot 10 september. De agent riskeert een gevangenisstraf van 1 tot 6 maanden en/of een geldboete 156 tot 3.000 euro.