Sociaal tarief voor elektriciteit omhoog

Geert De Rycke
De sociale tarieven voor elektriciteit gaan zaterdag voor het eerst sinds anderhalf jaar weer omhoog, met 8 procent. Dat meldt de federale energieregulator Creg. De tarieven waren door de regering bevroren, om een forse prijsschok begin vorig jaar tegen te gaan.

In februari 2019 besloot de regering de sociale tarieven voor elektriciteit en aardgas te bevriezen voor zes maanden, om te vermijden dat ze de hoogte in zouden schieten als gevolg van de stijgende prijzen voor stroom en aardgas op de energiemarkten. Zonder die bevriezing zouden de sociale tarieven voor elektriciteit met 22 procent en voor aardgas met 28 procent zijn gestegen. Voor elektriciteit volgde in juli een tweede bevriezing, voor aardgas niet.

De sociale tarieven kunnen maar maximaal tweemaal na elkaar worden bevroren. Vanaf februari gaan ze voor elektriciteit bijgevolg omhoog, met gemiddeld 8 procent. Het gaat volgens de Creg - die de tarieven berekent - om een logische evolutie, aangezien de tarieven al 18 maanden lang onveranderd zijn gebleven. De bevriezing met tweemaal zes maanden was immers voorafgegaan door een periode van zes maand met stabiele prijzen. De nieuwe tarieven geleden van 1 februari tot en met 31 juli.

De sociale tarieven voor aardgas dalen evenwel vanaf februari, met 12 procent. Het gaat om de tweede daling op rij: de zes maanden daarvoor was er al een daling met 10 procent.

De sociale tarieven zijn de laagste tarieven op de markt. Ze worden toegekend aan personen of gezinnen die genieten van bepaalde tegemoetkomingen, zoals bijvoorbeeld personen met een handicap of mensen met een leefloon. Het gaat om vele tienduizenden gezinnen: 9 procent van de huishoudens geniet een sociaal tarief.