OPINIE. “Lieve familie, blijf vooral gewoon in Irak”

Zelfa Madhloum is onderneemster en Open Vld-kandidaat voor het Vlaams Parlement in Antwerpen
rv Zelfa Madhloum is onderneemster en Open Vld-kandidaat voor het Vlaams Parlement in Antwerpen

“Het is niet omdat ik zelf een migratie-achtergrond heb, dat ik zomaar blind voor migratie ben.” Dat zegt Zelfa Madhloum, onderneemster en Open Vld-kandidaat voor het Vlaams Parlement in Antwerpen. Haar eigen familie in Irak raadt ze zelfs aan niet naar ons land te komen.

We mogen bij migratie onze kop niet in het zand steken. Ik ben zelf kind van migranten en vandaag ondernemer. Ik probeer zoveel mogelijk nieuwkomers aan een échte kans, een job te helpen. Maar tegelijk ben ik eerlijk met mijn familie in Irak: “kom vooral niet naar hier.” Want evident is het hier niet voor migranten. Omdat ze niet aan werk raken, nochtans de sleutel tot succes. 

Een vrouw met migratieroots, zo word ik vaak geprofileerd. Soms positief, vaak negatief. De berichten van mensen die mij uitschelden, omdat ik als politica de poort zou willen openzetten voor migranten, voor vluchtelingen: ik kan ze niet meer tellen.

Terwijl dat cliché niet opgaat: het is niet omdat ik een migratie-achtergrond heb, dat ik voor zomaar blind voor migratie ben. Ik ben grote ideoloog, wil er ook geen symbolenstrijd van maken. Want migratie is complex, soms pijnlijk, maar ook vaak met prachtige resultaten.

Mijn familie kwam in 1976 naar België. Mijn grootvader was een handelaar. In Irak importeerde hij als één van de eersten Duitse wagens in Irak. In België had hij ook leveranciers. Zo exporteerde hij Van Hool-bussen naar het Midden-Oosten, deed hij zaken met Sarens en andere gerenommeerde bedrijven in België.

Mijn vader was altijd van het principe dat als wij in België wonen dat we ons moeten aanpassen aan de normen en waarden van hier, zonder onze eigen cultuur te verloochenen

Doeners

Mijn familie kwam naar België om bedrijven te openen. Ze hebben nooit asiel aangevraagd, ze kwamen met geld naar hier. Een familie van doeners, van werkers. In 1989 word ik geboren.

Mijn ouders werkten dag en nacht. Thuis waren we met vier dochters en één zoon. M’n papa voedde ons heel zelfstandig op, hij wou dat we werkten, studeerden, alles eruit haalden om het beste van ons leven te maken. Hij vond het belangrijk dat ik van jongs af aan leerde werken en de betekenis van geld zouden kennen.

Op mijn 15de werkte ik in een rusthuis. Ouderen verzorgen. Mijn shift begon om 6u. Ik stond op om 5u en dan bracht mijn vader me elk weekend naar het rusthuis. Hij leerde ons hard te werken, door te zetten, sterk te zijn, hard te zijn. Klaar voor de wereld aan te kunnen. En het was nodig ook.

Mijn vader was altijd van het principe dat als wij in België wonen dat we ons moeten aanpassen aan de normen en waarden van hier, zonder onze eigen cultuur te verloochenen. Zo mochten we kiezen of we wel of geen hoofddoek zouden dragen. Toen ik als hobby wilde gaan voetballen moedigde hij dat alleen maar aan. Dat ik later dan thuiskwam met een Vlaamse man was voor hem een evidentie. Hij kon nooit van me verwachten dat ik verliefd zou worden op een Irakees.

Rudi Vranckx

Mijn vaders familie woont ondertussen in België. De kant van mijn moeder woont nog in Irak. Ik heb ze in 2013 voor het eerst bezocht toen ik een reportage maakte voor ‘De Nomaden’, een programma met Rudi Vranckx. Het was een fantastisch moment, om daar te zijn, mijn roots verder te ontdekken en een tak van mijn familie beter te leren kennen.

En telkens opnieuw kwam en komt één onderwerp terug: of het niet de moeite is om naar België te migreren? Of ze ook niet een beter leven zouden kunnen opbouwen, hier in Europa?

Hun leven is niet ideaal, dat besef ik maar al te goed. Er is geen werk, hun toekomst is uitzichtloos. Er is geen veiligheid. Irak is nog altijd een van de gevaarlijkste landen ter wereld. Ze hebben geen stabiele elektriciteit, want die valt om de drie uur uit. Het leven is er hard, keihard. En toch.

Als ik heel eerlijk moet zijn... Ik adviseer ze altijd om in Irak te blijven. Ten eerste uit lijfsbehoud. De weg is gevaarlijk en wil ik niet dat ze in handen terechtkomen van mensensmokkelaars. Maar meer ten gronde: ik ben ervan overtuigd dat ze hier niet de kansen zullen krijgen om het beste van hun leven te kunnen maken. Want het is voor mij al knokken om hier in België iets te bereiken, om mijn dromen te realiseren. Laat staan dat zij dat hier zouden kunnen.

Als je 1.300 euro netto krijgt als werkloosheidsuitkering, dan is de wil om te gaan werken voor 150 euro meer niet zo groot meer

Hoge eisen

Ik zie elke dag hoe moeilijk het is voor nieuwkomers. Als ondernemer heb ik ondertussen een groot netwerk aan contacten uitgebouwd bij verschillende Vlaamse ondernemingen en KMO’s. En ik probeer zo mijn steentje bij te dragen, en vrijwillig vluchtelingen aan werk te helpen. Ik spreek Arabisch, begrijp hen, maar tegelijk ook dit land. Ik probeer de brug te zijn tussen hen, en werkgevers hier, die soms schreeuwen om jobs in hun onderneming in te vullen.

De dagelijkse realiteit voor vluchtelingen in België is schrijnend. De asielzoekers, vaak alleenstaande mannen, die ons land heeft opgevangen hebben moeite met zich goed te integreren en zich aan te passen aan ons ‘bureaucratisch’ systeem. Heel vaak zijn er hoge eisen zoals het perfect spreken van Nederlands. Daar komen de meesten gewoon niet aan toe.

Vaak zien ze door het bos de bomen niet meer. Ze zijn erg gemotiveerd om te werken, maar door de taalbarrière geraken ze niet aan een job. Ze verstaan de cultuur en manier van werkgevers benaderen ook niet altijd. Waardoor ze uiteindelijk blijven hangen in de vicieuze cirkel van het OCMW, terwijl de openstaande vacatures alsmaar groeien in Vlaanderen.

De enige jobs waarvoor ze vaak in aanmerking komen -zelfs de hoogopgeleide nieuwkomers- zijn poetsjobs. Maar die zijn meestal zelfs al ingenomen door Poolse gastarbeiders.

Uitkering

Ten tweede is het verschil tussen een loon en een uitkering zo klein dat het mensen demotiveert om te werken. Als je 1.300 euro netto krijgt als werkloosheidsuitkering, dan is de wil om te gaan werken voor 150 euro meer niet zo groot meer. Het verschil tussen de uitkeringen en laagste lonen moet groter. Anders krijgen we die mensen niet aan het werk. Dan kan ik met de beste wil van de wereld aankloppen bij bevriende ondernemers, om een Afghaan of Irakees een kans te geven als inpakker, of iemand die bandwerk wil verrichten, maar dan lukt het gewoon niet.

We moeten dringend veel meer vluchtelingen mobiliseren en klaarstomen voor de arbeidsmarkt. De VDAB moet uit haar comfort zone komen, en écht de moeite doen om die mensen te begrijpen en richting een job te begeleiden. Want de vacatures groeien alsmaar aan, net als de nieuwkomers. Het systeem moet soepeler en efficiënter.

Want werk, dat heeft mijn papa me geleerd, is de sleutel om écht mee te tellen in Vlaanderen, in België. Vergis je niet, die nieuwkomers willen echt wel, maar krijgen soms gewoon geen toegang tot de arbeidsmarkt. Verwacht van mij dus geen roze, dromerige boodschappen over migratie, maar wel: de handen aan de ploeg. Alleen op die manier raken we er allemaal, samen.




79 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Marcel de Vrome

    Werkloosheidsuitkering is niet te laag, maar wel de lonen. Loonniveau is nog hetzelfde als toen +/-25j geleden. Maar men verwacht nu wel veel meer van de werknemer.

  • Marcel de Vrome

    150€ meer, en wat met maaltijdcheques, verlofgeld, eindejaarspremie en eventuele andere?

  • Albert Grisar

    Wat een hypicriete reactie van Omar. Belgie heeft een bijdrage geleverd aan oorlogen die daar al eeuwen heersen maar het is makkelijk om het dan maar even op anderen af te schuiven. Zo zijn ze mijnheer, wat ze al eeuwen zaaien laten ze anderen oogsten.

  • Diane Bernaerts

    Waarom zou je je voormalige cultuur moeten achterlaten, Freek? Belgen die naar het buitenland emigreren, doen dat toch ook niet? Integreren betekent niet: je roots en je cultuur opgeven. En wat voor kwaad doe je ermee om tradities en gewoontes niet te laten verloren gaan?

  • Ivo Driessens

    Eindelijk iemand met een duidelijke realistische visie op de realiteit