Onderzoekster: "Hoe beter geïntegreerd, hoe meer kans op radicalisering"

Op deze archieffoto spreekt een lid van Sharia4Belgium enkele jongeren toe in Molenbeek.
BELGA Op deze archieffoto spreekt een lid van Sharia4Belgium enkele jongeren toe in Molenbeek.
Nee, het is niet de schuld van kansarmoede of slechte integratie dat jongeren radicaliseren en naar Syrië afreizen. Dat stelt de Nederlandse onderzoekster Marion van San, die vandaag voor de commissie Radicalisering in het Vlaams Parlement verschijnt, in een opiniestuk in De Standaard. "Ik durf de hypothese aan dat hoe beter jongeren geïntegreerd zijn, hoe groter de kans is dat zij radicaliseren."

Volgens Marion van San, die al jaren onderzoek doet naar families van jongeren die naar Syrië zijn afgereisd, wordt het radicaliseringsdebat in Vlaanderen vervuild door enkele stereotiepe aannames. Onder meer de stelling dat gaat om mensen met een lage sociaal-economische status, kanslozen, gefrustreerden en mensen met psychiatrische afwijkingen wil ze bestrijden.

"Dat jongeren die vanuit Europa naar Syrië vertrekken, vooral slachtoffers zijn van een samenleving die hen niet accepteert en waarin ze geen kansen krijgen - een stelling die onder meer professor Rik Coolsaet naar voren bracht - wordt in ieder geval niet door de feiten ondersteund", klinkt het in een opiniestuk. "Ook de Belgische gezinnen waaruit jongeren vertrokken zijn, zijn niet allemaal afkomstig uit de lagere klasse."

Ook de Belgische gezinnen waaruit jongeren vertrokken zijn, zijn niet allemaal afkomstig uit de lagere klasse

Terrorismeonderzoekster Marion van San

Alcohol en softdrugs

Ook de vaakgehoorde stelling over 'mislukte integratie' is volgens haar vooral een stereotype. Volgens haar is het net het tegendeel: "Hoe beter jongeren geïntegreerd zijn, hoe groter de kans is dat zij radicaliseren". Vaak gaat het over jongeren die zich in sterke mate richten op de Belgische samenleving, jongeren die uitgingen, alcohol gebruikten, vaak softdrugs.

"Zij streven sociale acceptatie na en doen er alles aan om zich te integreren. Het gevolg daarrvan is dat zij hogere maatschappelijke verwachtingen hebben dan anderen en vaak gevoeliger zijn voor uitsluiting en (vermeende) discriminatie. Bij negatieve ervaringen kunnen ze zich afkeren van de samenleving en hun heil zoeken in een deviante groepsidentiteit."

Van San waarschuwt wel dat haar visie niet gebruikt mag worden "om te morrelen aan de fundamenten van het armoedebeleid, of geen werk meer te maken van het bestrijden van de discriminatie op de arbeidsmarkt". "Maar men moet niet de illusie koesteren dat de [nu aangedragen] maatregelen radicalisme en extremisme zullen tegengaan."

Men moet niet de illusie koesteren dat de [nu aangedragen] maatregelen radicalisme en extremisme zullen tegengaan

Terrorismeonderzoekster Marion van San