Welke studenten zijn het slimst?

Burgerlijk ingenieurs zijn gemiddeld de slimste van alle studenten. Helemaal onderaan de IQ-rangschikking staan de toekomstige kleuteronderwijzers.

Burgerlijk ingenieurs hebben gemiddeld het hoogste IQ. Bio-ingenieurs, wiskundigen, natuurkundigen en informatici staan op de tweede plaats.

1996
Deze IQ-ranking staat in een nieuwe studie van het Centrum voor Onderwijseffectiviteit en -Evaluatie (KU Leuven): Naar hoger onderwijs of de arbeidsmarkt, de overgang na het secundair onderwijs. Daarin wordt de studieloopbaan van zo'n tienduizend jongeren die rond 1996 in het laatste jaar secundair onderwijs zaten, onder de loep genomen. Zij zijn nu ongeveer dertig jaar.

Toelatingsproeven
De koppositie van de burgerlijk ingenieurs is een beetje voorspelbaar omdat de toelatingsproeven toen nog bestonden - die zijn in 2004 afgeschaft.

Verder valt vooral op dat het gemiddelde IQ min of meer gelijkloopt met de traditionele rangschikking van het hoger onderwijs. Universitaire richtingen scoren over het algemeen het best, daarna volgen de opleidingen van twee cycli (de hogeschoolmasters). Met uitzondering van de industrieel ingenieurs die onder meer de rechten en politieke en sociale wetenschappen inhalen. De opleidingen van een cyclus (professionele bachelors) staan onderaan.

Rangschikking (van slim naar minder slim) van universitairen:

1. Burgerlijk ingenieur
2. Wis- en natuurkunde
3. Bio-ingenieur
4. Taal-letterkunde: Latijn en Grieks
5. Tandarts
6. Handelsingenieur
7. Geografie
8. Natuurkunde
9. Logopedie en audiologie
10. Informatica
11. Arts
12. Geologie
13. Dierenarts
14. Wiskunde
15. Economische en Toegepaste econ. wet.
16. Apotheker
17. Scheikunde
18. Biologie
19. Musicologie
20. Wijsbegeerte
21. Psychologie
22. Taal-letterkunde: Germaanse talen
23. Pedagogische wetenschappen
24. Politieke en sociale wetenschappen
25. Lichamelijke opvoeding
26. Biomedische wetenschappen
27. Rechten
28. Revalidatiewetenschappen en kinesitherapie
29. Japanologie
30. Geschiedenis
31. Oosteuropese talen en culturen
32. Taal-letterkunde: Romaanse talen
33. Sociale en culturele agogiek
34. Kunstwetenschappen en archeologie
35. Criminologische wetenschappen
36. Arabistiek en Islamkunde
37. Oosterse studies, Oosterse talen en culturen en sinologie
38. Godsdienstwetenschappen en moraalwetenschappen
39. Communicatiewetenschappen
40. Cultuurwetenschappen
(mvl)