Nooit zo weinig schoolverlaters zonder diploma in Vlaanderen

Van alle schoolverlaters in Vlaanderen had 8,8 procent in 2013 geen diploma op zak, en dat is een laagterecord. Hun aantal daalde op twee jaar tijd met liefst 16,1 procent tot 6.345. Ook het aandeel laaggeschoolden daalde fors. Dat is goed nieuws, want uit het nieuwste schoolverlatersrapport van de Vlaamse arbeidsbemiddelingsdienst VDAB blijkt opnieuw dat die groepen het moeilijkst aan werk geraken.

Het aantal laaggeschoolden gaat in de studie, die al 28 keer uitgevoerd werd, voor het eerst onder de 10.000. Er zijn wel sterke regionale verschillen: zo wijst de VDAB nadrukkelijk op het probleem in de stad Antwerpen. "Daar zitten we met 18,9 procent ongekwalificeerden en meer dan 26 procent laaggeschoolden. Nochtans heeft de Antwerpse regio heel wat te bieden aan tewerkstelling. Er is echter een enorme mismatch, want men vraagt hooggeschoolde profielen."

De hervorming van de inschakelingsuitkering stelt de VDAB voor een uitdaging om de uitvallers te bereiken. Het risico bestaat dat door de gewijzigde regels sommige jongeren "onder de radar" verdwijnen omdat ze op basis van hun niet afgemaakte studies toch nooit een uitkering zullen krijgen en dus het nut van een inschrijving als werkzoekende bij de VDAB in vraag kunnen stellen, klinkt het in het rapport. Voor de hervorming konden diplomaloze schoolverlaters wel aanspraak maken op de uitkering.

Gedelegeerd bestuurder Fons Leroy van de VDAB gaf dinsdag bij de voorstelling van het rapport aan dat gezocht zal worden naar andere partners om de jongeren alsnog te bereiken, bijvoorbeeld via de vakbonden, straathoekwerkers of jeugdhuizen. Bevoegd minister Philippe Muyters (N-VA) haalde in dat verband ook een project aan om via sport te werken. "We gaan hen opzoeken in hun eigen milieu."

Leroy pleitte er voorts voor om naar Oostenrijks model een opleiding in de arbeidsmarkt te lanceren in het onderwijs. "In Vlaanderen wordt dat momenteel al op veel manieren gedaan, maar niet algemeen", legde hij uit. "Nu houden wij, de vakbonden, de CLB's maar ook de schooldirecties zich daarmee bezig. Er is nood aan een eenduidig pakket." De VDAB werkt aan zo'n pakket.

Van de ongekwalificeerde schoolverlaters is 30,5 procent een jaar na het verlaten van de schoolbanken werkloos, bij de laaggeschoolden is dat 29,7 procent. Respectievelijk 11,7 en 9,3 procent deed in dat jaar nog geen werkervaring op. Over alle schoolverlaters bekeken is maar 12,5 procent na een jaar werkloos en 4 procent zonder werkervaring.

Fons Leroy van de VDAB, samen met Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits.
BELGA Fons Leroy van de VDAB, samen met Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits.

Beste jobkansen in West-Vlaanderen

Schoolverlaters vinden het vlotst hun weg naar de arbeidsmarkt in West-Vlaanderen. Daar heeft maar 10,3 procent een jaar na het verlaten van de schoolbanken geen job. Ook Vlaams-Brabant scoort goed, met 10,5 procent. Antwerpen (14,1 procent) en Limburg (14,5 procent) scoren het minst goed.

West-Vlaanderen weerstaat goed aan de crisis als het om tewerkstellingskansen voor jonge intreders gaat, stelt de VDAB vast. Dat was in het verleden ook al het geval. Vooral mannelijke schoolverlaters hebben er een gunstige instroomkans. De VDAB waarschuwt zelfs dat er krapte kan ontstaan voor bepaalde beroepen in West-Vlaanderen, als de conjunctuur snel zou aantrekken.

In Vlaams-Brabant vinden vooral vrouwelijke schoolverlaters gemakkelijk werk: amper 8,4 procent zit na een jaar zonder werk. Die provincie telt voor de helft hooggeschoolde schoolverlaters. Oost-Vlaanderen zit met 12,5 procent schoolverlaters die na een jaar werkloos zijn, pal op het Vlaamse gemiddelde.

Diploma ASO niet voldoende

Er zijn na het schooljaar 2012-2013 bijna 4.500 schoolverlaters na de derde graad ASO op de arbeidsmarkt gekomen, hoewel hun opleiding hen daar eigenlijk niet op voorbereidt. De helft van hen komt uit twee opleidingen: Economie-Moderne talen en Humane Wetenschappen.

De VDAB vraagt zich dan ook luidop af op deze leerlingen en/of hun ouders niet enkel om het prestige voor ASO hebben gekozen en misschien beter af waren geweest met een degelijke TSO-opleiding. "Ouders en leerlingen moeten bij de overgang van basis naar secundair onderwijs bewust gemaakt worden dat er naast ASO ook andere en misschien betere keuzes zijn", klinkt het. Toch zit maar 12,6 procent van de ASO-schoolverlaters na een jaar zonder werk. Dat is iets meer dan het gemiddelde van 12,5 procent.

Ook opvallend is dat het aantal schoolverlaters dat als academische bachelor de arbeidsmarkt betreedt, fors stijgt. Zij werkten de master van hun opleiding niet af. In 2013 ging het om meer dan 1.000 schoolverlaters. Enkele studiegebieden bieden wel goede kansen op werk (vooral in sectoren waar er een tekort is aan afgestudeerde masters), maar globaal is dat niveau volgens de VDAB geen goede toegangspoort tot de arbeidsmarkt. Dat blijkt ook uit het feit dat 12,1 procent van die schoolverlaters na een jaar zonder werk zit. Bij de masters is dat maar 6,7 procent.

Ouders en leerlingen moeten bij de overgang van basis naar secundair onderwijs bewust gemaakt worden dat er naast ASO ook andere en misschien betere keuzes zijn