IJkingsproef Pascal Smet onder vuur

Toon Martens wil meer duidelijkheid van deze Pascal Smet.
BELGA Toon Martens wil meer duidelijkheid van deze Pascal Smet.
De Vlaamse Hogescholenraad (VLHORA) reageert afwachtend op het plan van Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (sp.a) om een ijkingsproef in te voeren voor studenten die een opleiding in het hoger onderwijs willen volgen. "We willen eerst de tekst van de minister over die proef bestuderen", zegt VLHORA-voorzitter Toon Martens. Ook Anke Van den Bergh, voorzitter van de Vlaamse Vereniging voor Studenten (VVS), neemt de ijkingsproef onder vuur.

Wie een opleiding hoger onderwijs wil starten, zal in de toekomst verplicht worden een ijkingsproef af te leggen. Die ijkingsproef moet aantonen of de student over de juiste startcompetenties beschikt om een bepaalde richting te volgen. Het gaat om een niet-bindende proef: wie niet slaagt, kan zich toch nog inschrijven. Vlaams minister van Onderwijs Pascal Vlaams heeft daarover een principeakkoord met de top van het secundair en het hoger onderwijs in Vlaanderen.

"Eerst nota lezen"
Toon Martens, voorzitter van de Vlaamse Hogescholenraad (VLHORA), neemt een afwachtende houding aan. "Wij willen eerst de nota van de minister hierover lezen, vooraleer we reageren", zegt Martens. "Voor bepaalde richtingen op universitair niveau is een ijkingsproef denkbaar, bijvoorbeeld een wiskundeproef voor een studierichting in de faculteit Wetenschappen of voor burgerlijk ingenieur."

Voor het hoger onderwijs ligt dat een stuk moeilijker. "Het zal sowieso een gigantisch werk worden om ijkingsproeven op te stellen die een betrouwbare voorspellende waarde hebben", zegt Martens.

Dat er een oriënteringsprobleem voor het hoger onderwijs bestaat, staat buiten kijf. Volgens Toon Martens behaalt 40 procent van de studenten die zich in het hoger onderwijs inschrijven, geen diploma.

VVS: "Oriënteringsbeleid in plaats van examen"
Als het alleen een examen is, gevolgd door het koudweg meedelen van het resultaat, dan hoeft de ijkingsproef van minister Smet niet. Dat vindt Anke Van den Bergh, voorzitter van de Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS). De VVS heeft een eigen voorstel dat een oriënteringsbeleid met verschillende evaluatiemomenten tijdens de middelbare studie naar voren schuift.

"VVS ijvert voor een oriënteringsbeleid vanaf het middelbaar, eerder dan voor één proef vlak voor hogere studie", zegt Anke Van den Bergh van VVS.

VVS wil twee oriëntatiemomenten, op het einde van de tweede graad, en op het einde van het secundair onderwijs. De eerste proef peilt naar de interesses van leerlingen. De tweede proef test interesses, maar ook vaardigheden en competenties voor het hoger onderwijs. De proeven vormen aanknopingspunten voor opvolgingsgesprekken. Daarin worden de resultaten van de proef besproken met de leerling en er wordt gepeild naar motivatie en vaardigheden. Het CLB moet instaan voor het afnemen van deze proeven en een professionele begeleiding verzekeren.

VVS benadrukt dat deze testen niet bindend mogen zijn voor de keuze in het hoger onderwijs. Studenten zijn zelf verantwoordelijk voor hun studiekeuze en aan die vrijheid mag niet getornd worden, vindt VVS.