Benelux-landen erkennen elkaars diploma's

Begin 2015 willen België, Nederland en Luxemburg hun handtekening zetten onder een besluit dat ervoor zorgt dat diploma's hoger onderwijs die in de drie landen worden behaald automatisch wederzijds worden erkend. De Benelux-landen zullen ook bekijken of via proefprojecten tussen het onderwijs en het bedrijfsleven grensoverschrijdende stages in een of meerdere sectoren opgestart kunnen worden.

Minister van Werk Kris Peeters is dat donderdag overeengekomen met zijn Nederlandse en Luxemburgse collega's Lodewijk Asscher en Nicolas Schmit. De drie ministers zetten donderdag hun handtekening onder een Benelux-overeenkomst voor vlottere grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit. Dat gebeurde onder Asschers voorzitterschap van het Comité van Ministers van de Benelux, het politieke beslissingsorgaan van het Benelux-samenwerkingsverband.

Nederland zit nog tot eind dit jaar de Benelux Unie voor. Het lijstte de betere uitwisseling van werknemers op als een van zijn prioriteiten. "Op die manier", luidt het donderdag, "kunnen regionaal vraag en aanbod op de arbeidsmarkt beter op elkaar aansluiten, wat goed is voor de werkgelegenheid en economische groei in de grensstreken."

De meeneembaarheid van diploma's is belangrijk omdat erkenning in het buitenland nu tijdrovend is en een obstakel om over de grens te werken, zegt Lodewijk Asscher. Het is de bedoeling dat de bevoegde ministers van Onderwijs begin volgend jaar het besluit ter zake ondertekenen.

Asscher, Peeters en Schmit spraken ook af dat de informatievoorziening voor grensarbeiders verbeterd wordt en dat de regionale arbeidsmarktgegevens beter in kaart zullen worden gebracht. Bij de omzetting van de plannen wordt ook de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen betrokken.

Er zijn nu naar schatting meer dan 300.000 mensen die dagelijks over de grens pendelen tussen de Benelux-landen en van en naar de Duitse en Franse grensregio's. Dat is slechts 1,2 procent van de totale werkgelegenheid. De betrokken ministers vinden dat werkzoekenden in te veel gevallen belemmeringen ervaren om over de grens te gaan solliciteren, waardoor in grensgebieden een potentieel aan werkgelegenheid onderbenut blijft.

Volgens Kris Peeters "missen we werkgelegenheidskansen in grensregio's zoals bijvoorbeeld Limburg, die doorgaans een vrij hoge werkloosheid kennen". "Het is dan spijtig dat het zoeken naar werk maar in een halve cirkel gebeurt en knelpuntberoepen moeilijk ingevuld geraken. Met 37 procent van het totaal aantal grenspendelaars in de EU is grensoverschrijdend werken in de Benelux en de belendende regio's een opportuniteit die we moeten grijpen."