Aantal leerlingen dat zonder diploma van school gaat in dalende lijn

belga
In het Vlaams onderwijs verlaten steeds minder leerlingen de schoolbanken zonder diploma. Dat blijkt uit een nieuw rapport, dat minister van Onderwijs Hilde Crevits voorstelde. In het schooljaar 2014-2015 ging 11 procent van de leerlingen vroegtijdig van school. Vijf schooljaren daarvoor was dat nog 12,9 procent.

In het schooljaar 2014-2015 ging 11 procent van de leerlingen vroegtijdig van school. Vijf schooljaren daarvoor was dat nog 12,9 procent. In het schooljaar 2014-2015 behaalden 62.158 leerlingen een diploma en verlieten 7.676 leerlingen de school zonder diploma, wat betekent dat er 11 procent vroegtijdige schoolverlaters waren. Voor alle duidelijkheid: in vergelijking met andere Europese landen of regio's doet Vlaanderen het goed.

Provincies, steden

De daling doet zich in voor in alle provincies in Brussel en in de meeste centrumsteden. Toch blijft het aantal hoog in steden als Antwerpen (22,1 procent), Mechelen (19,3 procent) en het Brussels Gewest (18,8 procent). Sterke dalers zijn Antwerpen, Brussel, Genk en Gent. In Roeselare, Mechelen en Turnhout was er eerder een stijging.

Zorgenkind

De meeste onderwijsvormen laten een daling optekenen. Die is het sterkst in het beroepsonderwijs (BSO). Daar haakt 14,3 procent vroegtijdig af, vijf procent minder dan in 2009-2010. Zorgenkind blijft het deeltijdsberoepsonderwijs (DBSO), waar 52,7 procent vroegtijdig de school verlaat.

Zittenblijven

Zittenblijven blijft een belangrijke voorspeller van schoolse uitval. Bijna elke vroegtijdige schoolverlater is één of meerdere keren blijven zitten. Ook leerlingen uit kwetsbare groepen lopen veel meer het risico op vroegtijdig schoolverlaten. De kans dat een kind van een hoogopgeleide moeder de school vroegtijdig verlaat, ligt meer dan zeven keer lager dan bij een kind van een moeder zonder diploma lager onderwijs. Ook niet-Belgen lopen meer kans op vroegtijdig schoolverlaten.

Crevits gematigd tevreden

Minister Crevits is "gematigd tevreden" met de neerwaartse tendens, maar beseft dat er nog een weg te gaan is. Ze hoopt dat genomen maatregelen tegen spijbelen, de op til staande modernisering van het onderwijs en de verdere uitbouw van het Duaal Leren de vroegtijdige schooluitval nog verder kunnen doel dalen.

Belangrijke nuancering

De minister duidt ook op een belangrijke nuancering. Een groep van bijna duizend jongeren uit het buitengewoon onderwijs met een zware beperking (jongeren uit type 1 en 2) die gewoonweg geen kwalificatie kunnen halen is nu in de cijfers opgenomen. Dat zal in de toekomst veranderen. De minister vindt het niet kunnen dat die jongeren nu als vroegtijdige schoolverlaters worden bestempeld. "Ik vind dat zelfs wat stigmatiserend", zei Crevits.

Als die bewuste groep buiten beschouwing wordt gelaten, daalt het cijfer van 11 procent naar 9,5 procent.