"Scholen moeten optreden tegen luxeverzuim"

PHOTO_NEWS
Het is nodig dat scholen optreden tegen het zogeheten luxeverzuim waarbij ouders hun leerplichtige kinderen meenemen op vakantie voor de officiële schoolvakantie begonnen is. Dat zeggen de sociologen Bram Spruyt en Gil Keppens van de faculteit Sociologie van de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Het onderwijsblad Klasse besteedt in zijn meinummer aandacht aan de problematiek van het spijbelen en biedt de scholen een stappenplan aan.

Niet alle spijbelaars zijn schoolmoe. Ze vinden school wel belangrijk, maar voelen er zich niet mee verbonden. Daarom moet de school duidelijk zeggen wat ze van leerlingen verwacht, maar ook oog hebben voor hun problemen. "De meest efficiënte manier om spijbelen tegen te gaan, is een leraar die zegt: 'Waar zat je? Ik heb je gemist'", zegt onderzoeker Bram Spruyt.

"Als problematische spijbelaars achteraf hun schoolloopbaan reconstrueren, vinden ze de strengste school meestal de beste school", zeggen onderzoekers Bram Spruyt en Gil Keppens (VUB). "Spijbelaars die merken dat de school moeite doet om hen aan boord te houden, voelen zich ook meer erkend, begrepen en verbonden met de school. Omdat er dikwijls familiale problemen schuilen achter spijbelgedrag, helpen straffen niet om permanente spijbelaars weer naar de klas te krijgen, aldus de onderzoekers.

Problemen (h)erkennen
"Spijbelaars willen vooral dat leraren hun achterliggende problemen (h)erkennen", zegt Spruyt. De onderzoekers pleiten daarom voor meer binding tussen school en leerling. "In het Vlaamse onderwijs zijn technisch gezien alle middelen voorhanden om spijbelen tegen te gaan", zegt Spruyt. "Maar vele scholen slagen er niet in om die middelen aan te wenden."

Daarnaast is er ook een goede binding en communicatie tussen school en ouders nodig. "Opmerkelijk is de grote ouderbetrokkenheid", stelt Spruyt vast. "Als de ouders hun schoolgaande kinderen legitimeren bij hun afwezigheid, zoals bij het luxeverzuim, dan is het hek van de dam. Dan is het onbegonnen werk voor de school om de strijd tegen het spijbelgedrag te winnen."

Toelage niet intrekken
Toch vindt de onderzoeker het allesbehalve een goed idee om een studietoelage in te trekken als sanctie voor spijbelgedrag. "Het gaat bij die 'problematische' spijbelaars die daardoor getroffen zouden worden, om een zeer minieme groep", zegt Spruyt. "En het afschrikeffect ervan is nihil."

Samen met Gil Keppens analyseerde Spruyt de recentste spijbelcijfers van het ministerie van Onderwijs. Daaruit blijkt dat in het schooljaar 2011-2012 in het basisonderwijs 0,34 procent van alle leerlingen (1.421 leerlingen) problematisch afwezig was (30 halve dagen afwezig of meer). In het secundair onderwijs was 1,5 procent (5.927 leerlingen) van het totaal aantal leerlingen problematisch afwezig. In het deeltijds secundair onderwijs gaat het om meer dan een derde van de leerlingen. 74 procent van de spijbelaars in het secundair onderwijs is schoolmoe en de helft voelt zich niet goed op school.

Daarnaast voerden de VUB-onderzoekers een eigen studie uit bij 4.189 scholieren uit de tweede en derde graad middelbaar en bij 62 schooldirecties. Ze hielden ok diepte-interviews met een dertigtal problematische spijbelaars over hun 'spijbelloopbaan'. Zo kwamen ze tot profielen van spijbelaars.

Om leraren te helpen de oorzaken van spijbelgedrag te herkennen, verspreidt het onderwijsblad Klasse inde maand mei onder alle directeurs, leraren, CLB-medewerkers een zogeheten "gratis stappenplan". Daarin vinden de onderwijsmensen tips om spijbelen te voorkomen en spijbelaars weer op school te krijgen.