"Kinderen met Down horen thuis in gewoon onderwijs"

UNKNOWN

Kinderen die lijden aan het syndroom van Down zouden altijd in het gewoon onderwijs les moeten krijgen. Zowel de kinderen met Down als andere kinderen halen hier voordeel uit. Dat zegt professor Jo Lebeer van de Universiteit Antwerpen in het medisch weekblad De Huisarts.
 
Volwaardige burgers
Lebeer speelt met zijn pleidooi in op de visie van de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO). Die stelt dat andersbegaafde mensen volwaardige burgers zijn en dat er geen reden is om hen in aparte instellingen van de maatschappij af te sluiten.
 
De voordelen
Zowel de kinderen met Down als de "kinderen met een typische ontwikkeling" halen voordeel uit het inclusief onderwijs. Kinderen met Down omdat ze enkel een aangepast sociaal gedrag kunnen ontwikkelen wanneer ze leven in een omgeving waarin ze worden geconfronteerd met de vigerende gedragsregels. Voor de andere kinderen is het goed om te leren omgaan met diversiteit. Een kind met Down als schoolkameraad kan daarbij helpen.
 
Achterstand
Inclusief onderwijs bestaat in Vlaanderen al. Maar toch loopt Vlaanderen achter op landen als Portugal, Spanje, Frankrijk, Groot-Brittannië, Tsjechië en Roemenië die onlangs hun wet grondig wijzigden en ouders de keuze laten tussen gewoon en buitengewoon onderwijs.
 
In landen die al een langere traditie hebben inzake inclusief onderwijs (Noorwegen en Italië) zitten alle kinderen met Down in het gewone onderwijs. Vlaanderen bengelt samen met Zwitserland en Duitsland achteraan.
 
Lebeer wijst erop dat ouders krachtens een VN-conventie klacht kunnen indienen bij het Hof in Straatsburg als hun kind inclusief onderwijs wordt ontzegd. (belga/edp)