Nieuwe rechtszaak tegen Maurits De Prins

BELGA
Maurits De Prins, de man achter de voormalige videoverhuurketen Superclub, moet zich voor de Antwerpse strafrechter verantwoorden voor oplichting en valsheid in geschrifte. Dat meldt Trends op zijn website. In 2002 werd De Prins al veroordeeld tot vier jaar en drie maanden cel voor fraude bij Superclub en bedrieglijke onvermogendheid.

De zaak gaat terug tot de eerste jaarhelft van 2002, toen De Prins zich voor het Antwerpse hof van beroep verdedigde in de zaak-Superclub. Via allerlei figuren leurde hij in die periode met een investeringssysteem dat wonderwinsten beloofde. Zijn vroegere bedrijfsrevisor, Johan De Mey, maakte een "fairness opinion" over het softwareproduct. Volgens De Mey kon het winsten tussen 30 en 50 procent opleveren, hoe de beurs ook evolueerde.

Britse Maagdeneilanden
Geïnteresseerden moesten aandelen kopen in het Luxemburgse Amgine Equity Holdings SA. Deze waren eigendom van Landon Partners Corporation, een postbusbedrijf op de Britse Maagdeneilanden. De aandelen kostten bij de stichting van Amgine 1,24 euro en werden voor 1.240 euro aan investeerders verkocht.

Na verloop van tijd bleek dat Maurits De Prins achter Landon schuilging. Ook ontdekten beleggers al vrij snel dat de miraculeuze investeringsmachine geen succes was. Landon Partners bestond op dat moment zelfs niet meer.

Andere beklaagden
Behalve Maurits De Prins moeten ook Johan De Mey, Robert Scheers, een van de oudgedienden uit de zaak-Superclub, en Dirk Van de Heyning zich strafrechtelijk verantwoorden. (belga/adha)