Ga naar de mobiele website
^ Top

Minstens 85 procent van de bezoekers zal met de wagen naar Uplace komen

BELGA
Zelfs al komt er een tramlijn, dan nog zal minstens 85 procent van de bezoekers van Uplace met de wagen komen. Maximum 6,5 procent zal voor het openbaar vervoer kiezen. Daarmee blijft het shoppingcomplex ver onder de 40 procent die in het verleden naar voren is geschoven. Dat blijkt uit een onderzoek van Ward Ronse, Kobe Boussauw en Dirk Lauwers, verbonden aan de UGent en de VUB. Vlaams parlementslid Jo De Ro (Open Vld) uit Vilvoorde roept de Vlaamse regering op ernstig rekening te houden met de studieresultaten.

In de studie "Shopping Centre Siting and Modal Choice in Belgium: A Destination-Based Analysis" analyseerden drie onderzoekers in hoeverre de locatiekeuze voor een winkelcomplex de vervoerskeuze van de bezoekers bepaalt.

Ze namen daarbij de data voor 17 bestaande winkelcentra in ons land onder de loep. Uit de resultaten blijkt dat het autogebruik naar shopping centra die in het stadscentrum gelegen zijn veel lager ligt dan naar shopping centra die aan de rand van de stad liggen. Een voorbeeld: amper 22 procent van de bezoekers van het Brusselse City2-complex komt met de wagen (63 pct met openbaar vervoer), maar voor een verplaatsing naar Wijnegem shopping centrum gebruikt 85 procent de wagen (en amper 12 pct het openbaar vervoer). Ook de grootte van het winkelcentrum speelt een rol. Hoe groter, hoe hoger het autogebruik.

Uplace meest autogericht

De onderzoekers namen ook de drie geplande megaprojecten in de omgeving van Brussel onder de loep (Neo, Docks Bruxsel en Uplace). Uit de berekening blijkt dat de drie projecten amper bezoekers zullen aantrekken die niet met de wagen komen. Bij Docks Bruxsel gaat het om 65 procent, bij Neo om 75 procent en bij Uplace om 85 tot 95 procent (afhankelijk van de flankerende mobiliteitsmaatregelen).

Van de drie projecten is Uplace in Machelen dus veruit het meest "autogericht", zeggen de onderzoekers. Zonder bijkomend aanbod aan openbaar vervoer ligt het verwachte autogebruik zelfs op 95 procent. En zelfs als de geplande tramverbinding (Jette-Zaventem) er komt, blijft 85 procent kiezen voor de wagen.

De onderzoekers plaatsen daarom grote vraagtekens bij eerdere uitspraken over het gebruik van het openbaar vervoer richting Uplace. Zo liet voormalig minister-president Kris Peeters optekenen dat 40 procent van de bezoekers met het openbaar vervoer zou komen.

Zijn uitspraak was gebaseerd op een simulatie (in het milieu-effectenrapport) tijdens de avondspits, waarbij het gebruikte verkeersmodel vaststelde dat het wegennet met zijn beperkte capaciteit niet meer dan 60 procent van het door Uplace aangetrokken verkeer zou kunnen opnemen. Zodra het wegennet helemaal vol zit, gebiedt de logica van het model dat er andere uitwegen moeten worden gezocht en daarom moest de (voorlopig onbestaande) tram wel zorgen voor het vervoer van de resterende klanten.

Rekening houden met resultaten

Vlaams parlementslid Jo De Ro (Open Vld) roept de Vlaamse regering op om in haar nakende beslissing over Uplace ernstig rekening te houden met de onderzoeksresultaten. "Gelet op het feit dat net mobiliteit een van de belangrijkste bezwaren vormt, zijn dit heel belangrijke nieuwe analyses", aldus De Ro.

"Ik ben absoluut voorstander van investeringen in onze regio. Maar het moeten wel investeringen zijn die onze regio en iedereen die er woont en werkt, vooruit helpen. Zo'n groot project, met zo'n groot extra aantal autobewegingen, inplanten op één van de plaatsen van Vlaanderen waar nu al het meeste files dagelijks staan, is gewoon geen goed idee", aldus De Ro.

Volgens de Open Vld'er geven de onderzoekers zelf toe de waarheid niet in pacht te hebben. "Maar de discrepantie tussen de cijfers die de Vlaamse overheid tot nu hanteerde en de cijfers uit dit onderzoek tonen toch duidelijk aan dat de impact op de mobiliteit in onze regio zeker groter zal zijn dan tot nu toe gedacht en dat dit zeker moet worden meegenomen in de finale beslissing."

De Ro verwijst ook naar het verzet van steden als Vilvoorde, Leuven en Mechelen en van organisaties als de Bond Beter Leefmilieu en Unizo tegen het Uplace-project. "Dit onderzoek toont aan dat dat geen Nimby-reacties waren, maar wel terechte bezwaren", besluit de Open Vld'er.

De woordvoerder van de Open Vld-fractie laat weten dat de hele fractie de bekommernis van Vlaams parlementslid Jo De Ro deelt. "Wij blijven het project wel steunen. Maar het rapport toont aan dat we waakzaam moeten blijven voor de randvoorwaarden op het vlak van mobiliteit. En het klopt, dit rapport kan de regering niet zomaar naast zich neerleggen", aldus de fractiewoordvoerder.

Groen

Oppositiepartij Groen vindt dat de Vlaamse regering de studie niet kan negeren. Vlaams parlementslid Hermes Sanctorum vindt dat er een parlementair debat over de kwestie moet komen en dat minister van Omgeving Joke Schauvliege niet meer op haar eentje mag beslissen over het Uplace-dossier. "Dit dossier overstijgt het beslissingsniveau van de minister. Wij vragen een parlementair debat voor de regering beslissingen neemt in het dossier", aldus Sanctorum.

Sanctorum leest in de studie een bevestiging van de eigen bezorgdheden. "Eerdere adviezen wezen er al op dat de geplande maatregelen rond openbaar vervoer maar een beperkte impact zouden hebben", zegt Sanctorum. Hij wijst er ook op dat de studie betrekking heeft op de Vlaamse context en dus niet zomaar kan genegeerd worden door de regering.

Sanctorum is tevreden dat nu ook meerderheidspartij Open Vld "meer en meer tot inzicht komt". Hij rekent er ook op dat minister Schauvliege nu "niet op haar eentje zal beslissen zonder voorafgaand parlementair debat, zeker nu de kritiek uit samenleving en parlement toeneemt". "Als ze dat toch doet zonder debat, zou ze nu haar coalitiepartner Open Vld voor schut zetten", meent Sanctorum.

"Dit dossier overstijgt het niveau van een minister. Wij vragen daarom een parlementair debat vóór een beslissing over het GRUP, het nieuwe brownfieldconvenant en de milieuvergunning, zodat de regering kan luisteren naar de stem van het parlement."

CD&V

De studie "Shopping Centre Siting and Modal Choice in Belgium" bevestigt volgens CD&V-parlementslid Michel Doomst het belang van het mobiliteitsprobleem in het GRUP voor het Vlaams Strategisch Gebied rond Brussel (VSGB). Het shopping-project Uplace maakt deel uit van dat gebied. De ontwikkeling van het gebied mag volgens Doomst "niet ten koste gaan van de mobiliteit". Hij dringt bij de Vlaamse regering aan op "extra aandacht" voor de mobiliteitskwestie.

Volgens Doomst zet de studie nogmaals het mobiliteitsvraagstuk in de kijker. "Voor ons mag de ontwikkeling van het gebied (VSGB, red.) niet ten koste mag gaan van de mobiliteit. Het moet een en/en- verhaal worden, dat iedereen vooruit helpt", aldus Doomst. "Het mobiliteitsaspect in heel dit verhaal is cruciaal. Wij rekenen er dan ook op dat de Vlaamse regering hier extra aandacht aan besteed."

Uplace

Volgens Uplace is de studie achterhaald en is er intussen veel gebeurd op het vlak van mobiliteit rond de Uplace-site. Zo houdt de studie bijvoorbeeld geen rekening met het GEN-treinstation dat op zo'n 100 meter van de site gepland is. De projectontwikkelaar verwijst ook naar het recente positieve advies van de gewestelijke milieuvergunningscommissie over de mobiliteits- en milieueffecten van Uplace.

Hoewel de studie pas recent helemaal is afgerond, zegt Uplace dat het gaat om een "gedateerde" studie. Volgens Uplace is de studie al enkele jaren oud en zijn de resultaten achterhaald. Zo houdt de studie volgens Uplace bijvoorbeeld geen rekening met het GEN-station dat op wandelafstand van de site gepland is. "Nergens in de beschikbare documenten betreffende de studie wordt er rekening gehouden met het treinstation dat zal gebouwd worden op wandelafstand van Uplace. Acht treinen per uur zullen in twee richtingen in het station stoppen. De onderzoekers waren hier blijkbaar niet van op de hoogte", luidt het.

Daarnaast wijst Uplace op het recente positieve advies van de Gewestelijke Milieuvergunningscommissie. Daaruit is volgens Uplace gebleken dat de mobiliteitsplannen "garant zullen staan voor een vlotte bereikbaarheid en toegankelijkheid van het gebied".

Uplace wijst er ook op dat het project niet in buitengebied ligt, maar in verstedelijkt gebied. "Dat is cruciaal aangezien de auteurs van de studie zich juist baseren op deze vermeende ligging in buitengebied om allerlei gevolgtrekkingen te maken op het vlak van vervoer. De Uplace site ligt letterlijk op de grens van de gemeente Machelen met Brussel, aan de binnenzijde van de ring, midden in een vandaag reeds sterk verstedelijkt en volgebouwd gebied, op 10 minuten van de Brusselse binnenstad, op 5 minuten van de luchthaven van Zaventem en in het hart van Vlaanderen."

Meer over



Reacties

Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie
Door het plaatsten van een reactie, ga je akkoord met de gedragsregels


Meld een bug