Minder homohuwelijken, meer scheidingen

UNKNOWN
Het aantal koppels van hetzelfde geslacht dat met elkaar in het huwelijksbootje stapt, daalt de afgelopen jaren lichtjes. Acht jaar na de aanpassing van de huwelijkswet, op 6 juni 2003, zijn duidelijk stijgende scheidingscijfers merkbaar. Dat blijkt uit cijfermateriaal van de FOD Economie.

In 2009 waren er 1.133 mannen betrokken bij een huwelijk met iemand van hetzelfde geslacht, het laagste cijfer ooit. De oneven cijfers wijzen erop dat bepaalde partners niet in het rijksregister zijn ingeschreven. 2004 was de grootste uitschieter wat homohuwelijken betrof. Het aantal vrouwen dat met elkaar in het huwelijksbootje stapte, zit met 999 in 2009 ook al drie jaar in een licht dalende lijn.

Toch zijn die cijfers niet zorgwekkend, aldus holebivereniging Wel Jong Niet Hetero. "Het is vooral belangrijk dat mensen van hetzelfde geslacht het recht hebben om met elkaar te trouwen", aldus woordvoerder Michiel Vanackere. De eerste jaren na 2003 waren er nauwelijks echtscheidingen onder mannenkoppels. Sinds 2007 verdubbelde dat aantal tot 158 personen in 2009. Bij vrouwenkoppels zijn de cijfers iets meer uitgesproken, de verdubbeling zette zich in 2005 al in en piekte in 2009 met 213 mensen die uit elkaar gingen. Dat jaar gingen 35 procent meer lesbische vrouwen uit elkaar gaan dan homomannen.

"Scheidingspatroon holebi's gelijklopend als bij hetero's"
Michiel Vanackere: "Ik denk dat het scheidingspatroon bij holebi's gelijklopend is als bij heterokoppels. Er zijn de laatste jaren heel wat homohuwelijken geweest, wat zijn effect niet mist." Ook bij çavaria, de koepelorganisatie voor holebiverenigingen, is eenzelfde geluid te horen.

Ondanks het feit dat koppels van hetzelfde geslacht sinds 2006 kinderen kunnen adopteren, zijn er nog ongelijkheden. "Er is geen wettelijke regeling voor draagmoederschap en ook buitenlandse adopties is nog niet gelukt", luidt het nog.