Militairen blootgesteld aan giftige dampen: “Defensie blijft heel de zaak afzwakken”

Archiefbeeld uit 2008 van het vertrek van het eerste Belgische detachement naar Kandahar.
Photonews Archiefbeeld uit 2008 van het vertrek van het eerste Belgische detachement naar Kandahar.
De Defensietop heeft bij overleg vandaag met de vakbonden "geen afdoende antwoorden" geformuleerd op het probleem van de giftige dampen waaraan Belgische militairen blootgesteld zouden zijn. Dat stellen de legervakbonden VSOA Defensie en ACMP na afloop. Volgens de vakbond VSOA zijn er geen concrete maatregelen op tafel gelegd om slachtoffers te helpen of nieuwe vergiftigingen te voorkomen. ACMP hekelt dat Defensie de klachten over de medische problemen blijft wegwuiven.

In april hadden de vakbonden aangeklaagd dat bijna 2.000 Belgische militairen in het Afghaanse Kandahar blootgesteld werden aan giftige rook uit een zogenaamde burn-pit, een afvalverbrandingsput in openlucht. Dat gebeurde op Kandahar Airfield, een grote luchtmachtbasis in het zuiden van Afghanistan, waar de Belgische militairen tussen 2008 en 2012 verbleven. Ook in Mali zouden Belgische militairen blootgesteld zijn aan rook uit burn-pits.

ACMP zegt intussen 125 meldingen te hebben gekregen van militairen die mogelijk door de burn-pits met gezondheidsproblemen kampen of kampten. Vandaag werd over de kwestie overleg gepleegd tussen de bonden en het stafdepartement Operaties en Trainingen, een onderdeel van de Defensiestaf. Maar volgens de vakbonden volstaan de antwoorden die daar geformuleerd werden dus niet.

“Geen concrete maatrelen”

Yves Huwart van ACMP stelt dat de bijeenkomst eerder een "academische uiteenzetting" was dan een overleg. "Defensie verwees naar buitenlands wetenschappelijk onderzoek om te stellen dat het lastig is om medische problemen toe te schrijven aan één bron. Defensie blijft heel de zaak afzwakken", zegt hij. "Er werd wel een vaag actieplan aangekondigd, maar dat draait vooral rond communicatie."

"Er zijn geen concrete maatregelen om potentiële slachtoffers te helpen en verdere vergiftigingen te voorkomen", zegt ook Dimitry Modaert van VSOA. De vakbond heeft het over een "gebrek aan proactiviteit" bij de legertop, "zowel op het vlak van preventie en bescherming op het terrein als van follow-up".

“Niet normaal”

VSOA vraagt dat er in dit dossier werk wordt gemaakt van een omkering van de bewijslast. "Het is niet normaal dat een militair, jaren nadat hij zijn leven heeft gewaagd, zelf het bewijs moet leveren voor het verband tussen zijn medische klachten en zijn missie. Dat is soms heel moeilijk aan te tonen", zegt Modaert. "Het zou logischer zijn dat Defensie, als werkgever, bewijst dat zij al het mogelijke heeft gedaan om de gezondheid van haar personeel op missie te garanderen." 




2 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Janneke Alsberg

    Al eens stilgestaan, en in de wind, bij een uitdeindende plasticverbranding? Dan weet je waar onze militairen terecht over klagen. Onze militairen moeten op handen gedragen worden. Zij beschermen ons, en wij moeten hen berschermen. Hey Politiek en leger vakbonden... Actie nu!

  • Ben Van Wymersch

    Dat is Defensie. Al eens de te volgen weg bekeken hoe voertuigtechniekers hun dossier moeten samenstellen in verband met de asbest-remmen (die trouwens nog steeds te vinden zijn op enkele nu nog gebruikte voertuigen). Oa je vroegere oversten (10 of 20j geleden) terugvinden en hen vragen hun verklaring te geven, te tekenen, ..