Marie-Rose Morel heeft baarmoederkanker

UNKNOWN

Vlaams Belang-boegbeeld Marie-Rose Morel (36) lijdt aan baarmoederkanker in een vergevorderd stadium. Er zijn uitzaaiingen naar de lies. Artsen geven haar 10 procent kans om te overleven zegt ze zelf. "Dat is weinig, maar genoeg", vertelt ze in een interview aan de krant Het Laatste Nieuws. "Ik zal dit overleven. Het kan niet dat ik er straks niet bij ben als mijn jongste zoon Marnix drie kaarsjes uitblaast en Alexander naar het eerste studiejaar gaat."

Knoop
Morel hakt morgen de knoop door over wat haar te doen staat. "De ene arts stelt voor om maandag al te beginnen met de zwaarste chemo, tweemaal per week. Opereren is zinloos, zegt die. De andere overweegt wél nog een operatie, maar waarschuwt voor de risico's. Het is een zware, levensbedreigende ingreep."

Kaal
"Slechts weinigen - ook binnen de partij - weten dat ik ziek ben. Op allerlei nieuwjaarsrecepties heb ik op mijn lip gebeten. 'Beste wensen, Marie-Rose. En een goede gezondheid!' De mensen zeggen het zonder nadenken. Ik ben niet gauw van mijn melk, maar ik heb het lastig gehad, telkens als ik dat hoorde. Nu moét ik mijn verhaal wel kwijt. Als ik het nu niet doe, vertelt het verhaal binnenkort zichzelf: dan zien ze me over straat lopen met mijn kale hoofd."

Zoontjes
Meer dan met zichzelf is Marie-Rose Morel bezig met haar zoontjes van 2 en 5 jaar oud. Sinds 23 december is ze gescheiden - eindelijk, zucht ze. De jongens blijven een week bij hem, een week bij haar. "De gedachte dat ik de derde verjaardag van Marnix niet zou halen, is absurd. De gedachte dat ik nooit de dag zou meemaken dat Alexander naar het eerste studiejaar gaat, is ondraaglijk. Dat kan niet. Dat zal niet. Niet met mij, mannekes."

Op twee na meest voorkomende kanker
De Stichting Kankerregister registreerde in 2004 in Vlaanderen 856 nieuwe gevallen van baarmoederlichaamkanker. Kanker van het baarmoederlichaam is daarmee bij vrouwen de op twee na meest voorkomende kanker, na borst- en dikkedarmkanker. De gemiddelde leeftijd voor patiënten met baarmoederlichaamkanker is 68 jaar, 95% komt voor na de leeftijd van 50 jaar.

Baarmoederkanker komt meestal voor na de menopauze of in de overgangsperiode. Toch ontwikkelt de ziekte zich in 10% van de gevallen voor de menopauze. Het eerste symptoom is meestal (ongewoon) vaginaal bloedverlies.

Goede overlevingskansen bij vroege vaststelling
De overlevingskansen bij baarmoederkanker zijn over het algemeen redelijk goed omdat bij 85% van de vrouwen de ziekte in een vroeg stadium wordt ontdekt. In de eerste stadia van de ziekte ligt de vijfjaarsoverleving tussen 60 en 95% volgens de Vlaamse Liga tegen Kanker.

Geen baarmoederhalskanker
Baarmoederhalskanker ontstaat meestal in het overgangsgebied tussen de baarmoederhals en de baarmoedermond, terwijl baarmoederlichaamkanker zich in de binnenste slijmvlieslaag van het baarmoederlichaam (het endometrium) ontwikkelt. Baarmoederlichaamkanker wordt meestal gewoon verkort tot baarmoederkanker. Bij ongeveer 5% van de vrouwen met baarmoederlichaamkanker ontstaat de ziekte niet in de binnenste slijmvlieslaag maar in de spierwand van de baarmoeder.

Hoewel baarmoederlichaamkanker en baarmoederhalskanker allebei in de baarmoeder ontstaan, hebben ze een heel verschillend ziekteverloop. Ook de behandeling van deze twee ziekten is verschillend.

Behandeling
Bij baarmoederkanker kunnen een operatie (chirurgie), bestraling (radiotherapie), een behandeling met medicijnen (chemotherapie) en hormoontherapie toegepast worden. De behandelende arts zal vaak een combinatie van deze verschillende methoden adviseren volgens de Vlaamse Liga tegen Kanker, afhankelijk van het stadium waarin de ziekte zich bevindt en de algemene conditie en leeftijd van de patiënt. (js/mvl)