Man die inreed op voetgangers kerstmarkt was boos na casinobezoek, parket vraagt internering

De kerstmarkt aan het Muntplein, editie 2014.
Lukas De kerstmarkt aan het Muntplein, editie 2014.
Het Brusselse parket heeft gevraagd dat de 61-jarige man die tijdens de Brusselse kerstmarkt van 2014 inreed op overstekende voetgangers, zou worden geïnterneerd. De man was naar eigen zeggen boos na een casinobezoek waar hij geld had verspeeld.  Zijn advocate vraagt de vrijspraak.

Het incident vond op 28 december 2014 plaats in de Schildknaapstraat, vlak bij de ijspiste op het Muntplein. De bestuurder van een Audi A6 reed er in op overstekende voetgangers en agenten die het verkeer regelden. Een politieagent sprong nog voor de wagen om hem tegen te houden maar werd aangereden, net als zijn collega. In totaal raakten drie mensen gewond. De bestuurder reed voort, maar kon wat verder tegengehouden worden.

Volgens de 61-jarige man kwam hij die avond terug van een casinobezoek waar hij heel wat geld verloren had en was hij daardoor danig opgewonden.

"Per ongeluk"
Naar eigen zeggen stond hij in de file en haalde hij per ongeluk zijn voet van de rem toen zijn sigaret op zijn schoot viel. Hij zou nooit de bedoeling gehad hebben iemand aan te rijden. Dat wordt echter tegengesproken door getuigen. Die zagen de man met zijn wagen de file verlaten om vervolgens op de linkerrijstrook te versnellen.

Het parket, dat de zestiger na het incident gedwongen liet opnemen in een psychiatrisch ziekenhuis, vervolgt hem nu voor poging doodslag en vraagt de internering. "Volgens de gerechtspsychiater lijdt hij nog steeds aan een chronische psychiatrische aandoening, een bipolaire stoornis en betekent hij een gevaar voor zichzelf en de maatschappij", klonk het. "Hij beslist immers op eigen houtje om met zijn medicatie te stoppen, terwijl hij niet alleen die medicatie nodig heeft maar ook psychiatrische behandeling en psychosociale begeleiding."

De verdediging pleitte voor de vrijspraak, op basis van artikel 71. "Op het moment van de feiten verkeerde hij in staat van krankzinnigheid, zoals dat heet, maar nu al lang niet meer", zei meester Gisèle Stuyck. "Hij lijdt inderdaad aan een bipolaire stoornis, maar hij wordt opgevolgd door een psychiater en zijn huisarts. Die bipolaire stoornis is ook al 32 jaar geleden vastgesteld en in al die tijd heeft er zich nooit een incident voorgedaan." Het vonnis valt op 5 oktober.