LEVENSVERHAAL. Topdirigent Dirk De Caluwe was de man die Duvels dronk met Joe Cocker en backstage schouderklop kreeg van Pavarotti

Dirk De Caluwe (63) uit Lokeren, °25 juli 1956 †8 maart 2020

Topdirigent Dirk De Caluwé verloor de strijd tegen lymfeklierkanker. De Lokeraar leidde het orkest bij topmusicals als ‘Kuifje’ en ‘Daens’ en als muzikant werkte hij samen met internationale sterren als Luciano Pavarotti en Andrea Bocelli.
Wim Hadermann Topdirigent Dirk De Caluwé verloor de strijd tegen lymfeklierkanker. De Lokeraar leidde het orkest bij topmusicals als ‘Kuifje’ en ‘Daens’ en als muzikant werkte hij samen met internationale sterren als Luciano Pavarotti en Andrea Bocelli.
Dirk De Caluwe erfde als jongetje het kleine dwarsfluitje van zijn plots overleden nonkel Miel en moest meteen ook maar diens plaats innemen in de lokale harmonie. Dat mondde uit in een carrière als topmuzikant en -dirigent, ook van alle grote Studio 100-musicals, van klasbakken als Pavarotti, Sting en Will Tura tot de deejay’s van Tomorrowland toe. “Klassiek is vaak pure rock ‘n roll. Dat de mensen dàt maar weten.”

Donderdag 24 februari van het magische schakeljaar 2000, in ‘t Kuipke in Gent. Het is al 20:30 uur voorbij. in de zaal vele honderden genodigden. Schuifelend op hun stoelen. Ook Filip en Mathilde op de eerste rij beginnen te kuchen, maar de start van het Il Novecento orkest voor de grote Millennium ouverture laat al een half uur op zich wachten. De muzikanten staan klaar in de coulissen, onder hen ook Dirk De Caluwe, een van de beste fluitisten van het land. 

Iemand tikt hem op de schouder. Of hìj misschien het orkest kon leiden? Dirk valt uit de lucht. Hij had een ambulance horen wegrijden maar er geen acht op geslagen. Wat bleek: Dirk Brossé - zijn goede vriend én de toen al vermaarde componist-dirigent - had net voor hij op moest het klap-raam van zijn loge hard tegen zijn hoofd gekregen en was afgevoerd naar het UZ. Van Dirk wisten ze dat hij enige dirigeerervaring had, weliswaar met minder grote orkesten. “Ik had vijf minuten om te beslissen. Uiteraard zei ik ja. Ik heb me nog uitstekend geamuseerd ook.”

Kuifje, de eerste Daens, Robin Hood, ‘14-’18, ‘40-’45... noem ze, de hele reeks musicals die in Vlaanderen eindelijk populair geraakten: Dirk mocht er als dirgent en muzikaal leider mee voor tekenen

Het eerste en grootste applaus was die avond voor hém, de heroïsche invaller. Tegen dat Brossé, een hersenscan later en met hoofdverband alsnog het podium op kwam, was De Caluwes dirigeercarrière bij de groten voorgoed gelanceerd.

(Lees verder onder de foto).

Dirk met Jelle Cleymans.
rv Dirk met Jelle Cleymans.

Traantjes en perfectie

Dirk De Caluwe. Zijn naam is misschien onbekend gebleven bij het brede publiek, maar zijn werk hoegenaamd niet. Kuifje, de eerste Daens, Robin Hood, ‘14-’18, ‘40-’45... noem ze, de hele reeks musicals die in Vlaanderen eindelijk populair geraakten: Dirk mocht er als dirgent en muzikaal leider mee voor tekenen. Hij begeleidde de K3’tjes, was de muzikale vader van zangers als Jelle Cleymans en zoveel anderen. Dirigeerde nog jaren amateur harmonieorkesten: dat van Zele en later dat van Schelle, de toppers in hun soort weliswaar, maar ook nog toen zijn carrière al lang een internationale vlucht had genomen. Dirk was één van de enige Belgen die ooit het wereldberoemde London Philarmonic heeft mogen dirigeren, voor een heel uitzonderlijke jubileum CD van Will Tura. Hetzelfde met het Praagse Philharmonisch orkest, de drie tenoren Pavarotti, Domingo en Carreras en zoveel jazzgrootheden. “Ik wil heel de wereld zot maken van muziek.”

En hoe hij dat deed. Dirigeren, dat was allereerst mimiek bij Dirk. Eén opgetrokken wenkbrauw was genoeg. Ook een stel nukkige schouders kon zijn plotse woede verraden om één valse noot of een riedel die niet klonk zoals het moest. De Caluwe vergat soms de zachtaardigheid in zijn pedagogische skills. Een repetitie of een optreden: voor hem was er geen verschil. “Ok, er vloeien soms traantjes. Maar de muziek verdient onze perfectie.” Kreeg hij dan toch die gelukzalige zweem op zijn gezicht, en gingen die armen zwieren, dan wisten iedereen, tot en met de triangelspeler: ‘De chef geniet. We zijn uitstekend bezig.’ En nadien, achter het podium werden schuimende pinten gedronken en was hij weer zijn joviale en vrolijke zelf.

(Lees verder onder de foto).

Dirk op Tomorrowland.
rv Dirk op Tomorrowland.

Zoon van cafébaas

In de fond was hij nog steeds: een volkse jongen. Hij groeide op in het café van zijn ouders, onder de kerktoren in hartje Lokeren. Zijn vader Leon De Caluwe voetbalde jarenlang bij Sporting Lokeren, zijn moeder, Maria, tapte en kreeg drie kinderen. Tot zijn vijftiende woonde Dirk boven hun ‘Café Stadion’ en droeg hij mee pinten rond. Door de drukte, viel de beslissing: hij moest als enige op internaat. Vijfhonderd meter verderop. Dirk baalde. Maar amuseerde zich er uiteindelijk.

Het conservatorium? Ik wist niet eens wat dat was. Ik dacht dat ik een vieze longziekte had. Want: dat klonk als sanatorium.

Dirk De Caluwe

Op zijn zesde al erfde hij zijn piccolootje van zijn grootoom, dat is het kleinste dwarsfluitje. “Ik dacht eerst nog dat er een passer uit dat kleine doosje ging komen.” Dirkje had niks met muziek. Maar vader Leon zat ook in de harmonie, dus hop, Dirk moest mee. Hij bleek talent te hebben. Waanzinnig veel. Eigenlijk wilde hij architect worden. Of neen, daarna werd het: piloot. Net als zijn grote held Etienne, die vloog bij het Belgisch leger en klant was in het café. Maar net toen Dirk naar de kadettenschool wilde, verongelukte zijn vriend. Dirk was er kapot van. Het was vader die knopen doorhakte en besliste dat hij naar het conservatorium moest. “Het conservatorium? Ik wist niet eens wat dat was. Ik dacht dat ik een vieze longziekte had. Want: dat klonk als sanatorium.” Niks interesseerde Dirk nog na zijn dode vriend, en zijn gefnuikte grote droom. Maar hij moest. En bàf. In het conservatorium in Antwerpen geraakt hij voor het leven aangestoken. “Ik was precies gelijk Obelix in de kuip met toverdrank gevallen.” Hij deed niets anders meer dan fluiten. Hij kreeg een baan in de Vlaamse Opera als solist. En eind jaren zeventig al werd hij solist bij het Vlaams Radio Orkest - nu heet dat het Brussels Philharmonic en hij bleef het bijna veertig jaar lang. En rasmuzikant.

(Lees verder onder de foto).

Wim Hadermann

De jonge Dirk leerde in de grote stad Antwerpen het schone leven kennen. En de dito Inge. Ze trouwden en kregen twee zonen, Matthias en Yannick. Jongens met pit en passie, net als hun vader: Matthias is vandaag CEO van Horeca Vlaanderen en Yannick werd de architect die Dirk nooit was geworden. Dirks carrière boomde. Hij werd dirigent, op zijn dertigste. Het was nooit de bedoeling geweest, maar de directeur van de Lokerse academie vroeg hem een blaasorkestje op te richten. Binnen de kortste keren telde dat 90 muzikanten en stonden ze op de Lokerse feesten. Op de nog prille editie van 1987 - na Raymond van het Groenewoud en voor Liesbeth List en Ramses Shaffy. Als de markt een dak had gehad, was het eraf gegaan. En de rest van zijn dirigentencarrière is geschiedenis.

Bij één van de meer dan honderd voorstellingen van de eerste Daens-musica brak Dirk zijn been. Hij werd nog dezelfde avond met plaaster en alles met een liftje naar boven gehesen opdat hij gewoon verder kon zwieren

Op privé-vlak kwam er die deuk in de geschiedenis. Dirk schoot zo hoog met telkens voorstellingen in binnen- en buitenland, maar er was ook een spijtig gevolg. Het was het grootste verdriet van zijn leven, de scheiding van zijn vrouw en kinderen, die naar Kapellen verhuisden. Zijn oudste jongen was nog maar zes. “Maar hé”, zo leerde hij ook zijn zonen. “De show must go on. Altijd.” En met Inge: waren ze geen ideale huwelijkspartners geweest, dan toch de ideale echtgescheidenen want ze bleven met respect met elkaar omgaan. Dirk vond later opnieuw de liefde en hertrouwde met ook een fluitiste Marjolijn en samen kregen zij zijn derde kind, dochter Lauranne, die volop into musical is, zijn talent erfde en in wie hij erg geloofde. Hij werd opnieuw gelukkig. Maar hij bleef een vader voor zijn zonen. Toen zijn jongste ernstig ziek werd op zijn zestiende, stònd Dirk er. Hij stond ook soms plots aan de zijlijn waar zijn jongens voetbalden, ook toen zij al lang volwassen waren. Dan gingen ze na de training samen bami met kip eten en was het leven goed.

(Lees verder onde de foto).

rv

De maestro werkte verder. Hij amuseerde zich met de beats van de deejay’s op Tomorrowland, met Ozark Henry in Concert, speelde jaarlijks op de Proms. Hij, de muzikant en dirigent die zo graag wilde bewijzen dat klassiek ook rock ‘n roll was. “Ik hou van hamburgers én van driesterrenrestaurants. Ik hoop dat de wereld altijd van Bach zal blijven houden. Maar Bohemian Rhapsody dat is toch van een waanzinnige genialiteit!”. Hij was de man die Duvels dronk met Joe Cocker, die backstage een schouderklop kreeg van Pavarotti himself die ‘Nice concert’ zei: “Ik ben best ijdel, zo’n erkenning doet me dan absoluut deugd.” En de show gìng altijd on. Bij één van de meer dan honderd voorstellingen van de eerste Daens-musical - toen nog met het orkest live boven de scène - brak Dirk zijn been. Hij werd nog dezelfde avond met plaaster en alles met een liftje naar boven gehesen opdat hij gewoon verder kon zwieren.

De muziekstukken waren gecomponeerd, de teksten geschreven, de gastenlijst was de deur uit. Maar de uitvaart heeft nìet plaatsgevonden. Het was een van de eerste die moesten worden geschrapt wegens de COVID 19-maatregelen

Geen uitvaart

Op zijn zestig moest hij met pensioen als fluitist bij het Brussels Philharmonic. Hij was stilaan doof voor hoge tonen. “Volstrekt normaal, alle orkestmusici hebben het na zoveel jaar.” Maar hij had nog haast twee full times over: hij leidde ook al decennia lang dirigenten op aan het Antwerps conservatorium en had nog zijn musicals en de harmonie in Schelle, zijn tweede familie. Maar, kort voor aanvang van de repetities van de nieuwe versie van Daens moest hij forfait geven, wegens: de ziekte. De verschrikkelijkste kering denkbaar. De diagnose was compleet onverwacht en keihard: een zeldzame en zeer kwalijke vorm van lymfeklierkanker. Een experimentele chemo was de enige waterkans. Nog geen uur na de diagnose, besloot Dirk: “Ik ga de strijd aan.” Hij zou zichzelf een 9 op tien geven als hij een balans moest maken van wat hij noemde “mijn prachtige leven”. Maar hij was er niet klààr mee.

De geest kan sterk zijn, maar het lichaam moet mee. En dat deed het steeds minder. Vijf maanden hospitaal. De bami met kip moest hij laten staan. De première van Daens, in het drukbezochte pop up-theater in Puurs, ging voorbij zonder hem zelfs maar in het publiek. De corona-uitbraak kwam er kort nadat Dirk overleed. De muziekstukken waren gecomponeerd, de teksten geschreven, de gastenlijst was de deur uit - heel de bekende muziekwereld zou zijn gekomen. Maar de uitvaart heeft nìet plaatsgevonden. Het was een van de eerste die moesten worden geschrapt wegens de COVID 19-maatregelen. Het zou hem gepikt hebben. Een schoon muzikaal feest had het moeten worden. De ode aan de schone noten. En een Duvel met de vrienden na afloop. Het zal er nog van komen. Zeker. Zo gauw het weer kan. 

Meer levensverhalen lezen? Dat kan in dit dossier.

Lees ook:

Steenrijk dankzij haarproducten: het waargebeurde verhaal achter de eerste vrouwelijke miljonair in de VS staat nu op Netflix (+)

LEVENSVERHAAL. “Lief lijf, we hebben onlangs ontdekt dat jij en ik ten oorlog trekken” (+)