Kazachgate: onderzoekscommissie vraagt onderzoek Comité P naar tegenstrijdige versies

Commissievoorzitter Dirk Van der Maelen (sp.a).
Photo News Commissievoorzitter Dirk Van der Maelen (sp.a).
De parlementaire onderzoekscommissie Kazachgate heeft vandaag unaniem beslist het Comité P opdracht te geven op korte termijn, dus enkele weken, een onderzoek in te stellen om de tegenstrijdige verhalen van de toenmalige wijkagent en commissaris van Waterloo uit te klaren. Dat werd vernomen van commissievoorzitter Dirk Van der Maelen.

De onderzoekscommissie buigt zich over de totstandkoming van de afkoopwet voor fiscale fraudeurs en de latere toepassing. Een eerste dossier dat de commissie tegen het licht houdt, is dat van de naturalisatie van Chodiev en een Kazachse kompaan, die samen met een andere Kazach als eersten van de gewijzigde wet gebruikmaakten. Chodiev kon in 1997 tot Belg worden genaturaliseerd nadat er enkel positieve adviezen in zijn dossier zaten.

Banden met Russische maffia
In 2002 dook een advies op van een toenmalige wijkagent, waarin stond geen haast te maken met het naturalisatiedossier. Informatie van de Staatsveiligheid wees volgens dat advies op banden met de Russische maffia. De toenmalige commissaris van Waterloo, Michel Vandewalle, beweerde vorige week in de onderzoekscommissie dat het om een vervalst document ging.

Maandag echter verklaarde de wijkagent in Le Vif en De Standaard dat hij wel degelijk een negatief advies had opgesteld. De man werd daarom vandaag in de commissie uitgenodigd. Nadien was Vandewalle opnieuw aan de beurt, zodat de commissieleden de commissaris zouden kunnen confronteren met de getuigenis van de wijkagent. Beide getuigen werden achter gesloten deuren gehoord.

Tegenstrijdige verklaringen
Achteraf viel hier en daar te horen dat beiden bij hun oorspronkelijke versies bleven en dat het moeilijk was conclusies te trekken. Tijdens de verklaringen doken volgens verschillende commissieleden nog tegenstrijdigheden op. De wijkagent verklaarde tijdens zijn getuigenis bijvoorbeeld dat er nooit een tuchtprocedure tegen hem was opgestart, terwijl commissaris Vandewalle bijvoorbeeld aanvoerde dat hij zijn wapen in beslag had laten nemen. Om dat te staven, had Vandewalle toelating nodig van de autoriteiten in Waterloo en van het parket.

Het is de bedoeling dat het Comité P binnen twee tot drie weken zijn onderzoek afrondt. Nadien zullen de agent en de commissaris, die momenteel korpschef is, opnieuw naar de onderzoekscommissie worden geroepen.