Jij ritst toch ook? Alle tips om het nooit meer fout te doen

photo_news
Ook na vijf jaar verplichting weten veel bestuurders nog steeds niet hoe ze nu juist moeten ritsen. Meer zelfs, wie correct ritst, wekt vaak zelfs ergernis op bij de bestuurders die niet ritsen. Wij leggen de juiste methode alvast even uit:

Het principe is op zich eenvoudig: op plaatsen waar de rijbaan versmalt van twee stroken naar één, moeten bestuurders mekaar beurtelings voorrang geven. Elke bestuurder in de rijstrook die blijft bestaan moet dus voorrang verlenen aan één voertuig in de rijstrook die wegvalt.

Regel 1: Alleen bij sterk vertraagd verkeer
Cruciaal is dat de regels rond het ritsen alleen gelden bij sterk vertraagd verkeer. De wet plakt daar geen exacte snelheid op, maar in de praktijk moet je uitgaan van een filesituatie of hooguit stapvoets verkeer. 

In dit voorbeeld kan bestuurder A dus absoluut geen voorrang opeisen wanneer hij op het einde van de linkerrijstrook naar rechts wil als de wagens daar nog aan een min of meer normale snelheid rijden. Hij mag zichzelf ook niet aan zo'n snelheid op de rechterrijstrook gooien wanneer het verkeer er vertraagt. 

Pas als A zelf ook vertraagd is tot de snelheid van de voertuigen op de rechterrijstrook, moet de stapvoets rijdende bestuurder B hem wél voorrang geven

kos

Regel 2: Verplicht tot het einde doorrijden
Als het verkeer in dit voorbeeld sterk is vertraagd, dan moéten de bestuurders op de linkerrijstrook die strook tot het einde blijven volgen en daar het ritsprincipe toepassen. Bestuurder A gaat in de fout door halverwege al naar rechts in te voegen - wat hem net zo goed op een boete kan komen te staan - en bestuurder B hoeft hem ook geen voorrang te geven.

Het is net dit principe wat bij veel bestuurders in de rechterrijstrook voor frustratie zorgt, omdat zij andere auto's zien doorrijden. "Nochtans, door beurtelings in te voegen aan de flessenhals zelf, geraak je er eens zo snel door", zegt het Agentschap Wegen en Verkeer.

Bestuurder A gaat in de fout door te vroeg naar rechts in te voegen, bestuurder B hoeft hem ook geen voorrang te geven.
kos Bestuurder A gaat in de fout door te vroeg naar rechts in te voegen, bestuurder B hoeft hem ook geen voorrang te geven.

Regel 3: Niet van toepassing aan een afrit
Je mag alleen ritsen als je je op een rijstrook bevindt waar verder rijden niet mogelijk is - omdat ze ophoudt te bestaan of omdat de doorgang wordt versperd. 

In dit voorbeeld is dat niet het geval. Bestuurder A kán zijn rijstrook blijven volgen en het feit dat hij de afrit wil nemen, geeft hem nooit voorrang op bestuurder B. Ook niet als het verkeer op de rechterrijstrook in file staat en hij pas op het einde invoegt. Bestuurder A moet de afrit onmiddellijk nemen, zoals bestuurder C dat doet. Dan ontstaat er immers helemaal geen voorrangsprobleem.

Ritsen is trouwens ook niet van toepassing op een opritAutomobilisten die de oprit oprijden moeten altijd voorrang verlenen aan automobilisten die al op de snelweg rijden.

kos

Regel 4: Ritsen met drie: rechts heeft voorrang
Bij het gewone ritsen moet elke bestuurder één persoon voorrang verlenen. Maar als er zowel van links als van rechts naar één rijstrook uitgeweken moet worden, dan zijn er dat twee. Waarbij de invoeger van rechts voorrang geniet op die van links. 

In dit voorbeeld moet bestuurder A dus eerst bestuurder B op de middenstrook toelaten, en daarna bestuurder C. Alle andere regels blijven van toepassing. Als het verkeer al sterk is vertraagd op het punt waar bestuurder D zich bevindt, dan begaat die dus een overtreding door te vroeg naar de middenstrook te willen en heeft hij ook absoluut geen voorrang op het verkeer dat daar al rijdt.

kos

Waar moet je nog op letten?

Formulier nog nauwkeuriger invullen als je botst
Als het bij het ritsen tot een botsing komt, is het belangrijk om alle omstandigheden goed te vermelden op het aanrijdingsformulier. Je schrijft daar best uitdrukkelijk neer dat je probeerde te ritsen, dat er sprake was van sterk vertraagd verkeer en welke getuigen dat kunnen bevestigen. 

Want als de tegenpartij dat later ontkent, riskeer je zelf de schuld te krijgen omdat jij degene was die een manoeuvre uitgevoerd heeft. Omgekeerd kan het helpen om je snelheid te vermelden wanneer iemand onterecht zou kunnen beweren dat jij aan je ritsplicht hebt verzaakt. 

Altijd je richtingaanwijzer gebruiken
Zoals dat geldt bij elk manoeuvre, is het gebruik van de richtingaanwijzers ook tijdens het ritsen verplicht. Dat de bestuurder op de doorgaande rijstrook jou voorrang moet geven, betekent nog niet dat jij niet meer moet verwittigen voor het manoeuvre dat je plant. 

Je moet je richtingaanwijzer inschakelen vóór je van rijvak begint te veranderen en hem pas uitschakelen wanneer je volledig op het andere rijvak bent.

Verkeer blokkeren blijft uit den boze
Bestuurders die het niet kunnen verkroppen dat het verkeer op de andere rijstrook sneller vooruitgaat, mogen die niet blokkeren door half op dat vak te gaan rijden - zoals dat nu nog altijd geregeld gebeurt. Ten eerste hebben ze geen voorrang op het verkeer op die andere rijstrook en begaan ze dus een overtreding door die voorrang toch op te eisen. En ten tweede kan hun gedrag als opzettelijke belemmering van het verkeer of verkeersagressie worden bestraft.

Wat bij een rood kruis boven de rijstrook?

Bij werken of een ongeval op de autosnelweg zie je vaak dat een rijstrook wordt afgesloten door middel van gele pijlen en een rood kruis. Het eerste rode kruis komt daarbij neer als de plaats van waar je niet meer mag rijden. Het is dan ook op die plaats dat je moet ritsen, ook al lijkt de rijstrook voor je nog open.



Video