Jeugdhulporganisatie mag aparte opvang uitbouwen voor slachtoffers van mensenhandel

Een slachtoffer van mensenhandel. Foto ter illustratie.
thinkstock Een slachtoffer van mensenhandel. Foto ter illustratie.
De jeugdhulporganisatie Minor Ndako mag aparte opvang uitbouwen voor jonge slachtoffers van mensenhandel. Ze hoeven dan ter bescherming niet meer naar een gemeenschapsvoorziening, berichten De Standaard en Het Nieuwsblad vandaag.

De Vlaamse overheid heeft Minor Ndako de principiële toestemming gegeven. De organisatie, die bekend is voor haar opvang van niet-begeleide minderjarige vluchtelingen, wil een aparte opvang met zes plaatsen uitbouwen voor meisjes die slachtoffer zijn geworden van mensenhandel. Veelal komen die meisjes uit het buitenland en worden ze hier gedwongen tot prostitutie.

Het plan voor de nieuwe opvang past ­binnen het jeugd­delinquentiedecreet, dat jongeren die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd, wil scheiden van jongeren die bescherming nodig hebben vanwege een precaire leefsituatie. Vandaag komen die twee groepen nog met elkaar in contact in de besloten gemeenschapsvoorzieningen van Beernem en Mol.

Eindelijk Vlaams initatief

Vlaams Parlementslid Lorin Parys (N-VA) is blij met het nieuws. In Wallonië bestaat dat al langer en hij pleitte al eerder voor een Vlaams initiatief. "Je kunt pas een netwerk in mensenhandel oprollen als de kinderen en jongeren er fysiek uit worden verwijderd en zich op een andere plek weer veilig en beschermd voelen, en ondersteund worden om een gewoon leven te beginnen.”

Het logo van Minor Ndako.
Repro Rutger Lievens Het logo van Minor Ndako.



1 reactie

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Marc Verdonck

    Nog maar eens een gesubsidieerde organisatie erbij. Hoeveel 100derden organisaties en hun gevolg subsidieren wij. Het wordt tijd om ons te beperken tot een tiental organisaties en enkel degene waar minimum 85% van de middelen bij de hulpbehoevende terecht komt.